Natuurdagboek

Fluwelen knikkers

Fluwelen knikkers

Fluweelpootjes. Foto Koos Dijksterhuis
Fluweelpootjes. Foto Koos Dijksterhuis

Tussen of op het gras ligt een bergje oranje knikkers. Het zijn jonge paddenstoeltjes. Maar ze groeien niet echt in of op dat gras. Onder de knikkers bevindt zich een rottend stronkje loofhout. Daarop groeien en daarvan leven de zwammetjes.

Zoals alle paddenstoelen hebben ze een ragfijn wortelstelsel, zwamvlok geheten. Dat zit in het dode hout. Als de omstandigheden gunstig zijn, groeien er hoeden uit. Die hoeden bevatten de lamellen waarop de sporen zich vormen. Deze knikkerzwammetjes krijgen lamellen die ver uit elkaar staan. Maar ze zijn nog bezig met het opzetten van hun hoeden – die worden wijder en platter.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Waarom trappen mensen in onzin?

Waarom trappen mensen in onzin?

Brandnetel. Foto Koos Dijksterhuis
Brandnetel. Foto Koos Dijksterhuis

Laatst raakte ik aan de praat met een meneer. Hij begon over ‘de’ politici, die ons een stikstofprobleem voor zouden liegen om ‘de prijzen’ te kunnen verhogen. Welke prijzen? ‘Benzineprijzen. Automobilistje pesten’, vond hij. ‘Ik rijd veel door de provincie en het is overal groen, stikstof is juist goed voor planten.’

Hij leek in mij een medestander te verwachten. Ik probeerde een weerwoord: ‘nou, stikstof is prima, zolang je er niet te veel van hebt. Net als met water: niks mis mee, goed voor planten en dieren, noodzakelijk zelfs, maar als er te veel van is kun je erin verdrinken.’ Maar hij had zich al van me afgewend.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Een heel vroege rups

Een heel vroege rups

Eikenbladroller rups. Foto Koos Dijksterhuis
Eikenbladroller rups. Foto Koos Dijksterhuis

Ik werkte in de tuin en vond een rupsje. Volgens mij was het de rups van een eikenbladroller. Die zal verhongeren want normaal gesproken zou ie uit zijn eitje moeten kruipen als de eiken blad vormen. Dat gebeurde altijd eind april en begin mei, de laatste jaren wat vroeger, maar nog wel in april. Ik vond de rups op 10 februari wat me idioot vroeg lijkt.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Barmsijzen in het land!

Barmsijzen in het land!

Barmsijs. Foto Ronald van Houten
Barmsijs. Foto Ronald van Houten

Ze werden afgelopen maanden overal in ons land gezien: barmsijzen. En ze zijn er nog. Dat hadden en hebben we te danken aan winterkou in Scandinavië, Finland en Rusland. Als de barmsijzen daar door hun voorraad zaden heen zijn, of die zaden door sneeuw en ijs niet meer kunnen bereiken, wijken ze uit naar het zuiden. Klimaatvluchtelingen in omgekeerde richting.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Kolibrievlinders zien meer dan gedacht

Kolibrievlinders zien meer dan gedacht

Kolibrivlinder. Foto Koos Dijksterhuis
Kolibrivlinder. Foto Koos Dijksterhuis

Kolibrievlinders kijken waar ze hun snuit in steken. Dat lijkt misschien voor de hand te liggen, maar dat ligt het niet. Van insecten werd altijd vermoed dat hun zenuwstelsel niet in staat was tot oog-grijp-coördinatie. Dat is namelijk een ingewikkeld gedoe: het oog moet de objecten in drie dimensies lokaliseren en dat doorgeven aan de hand of ander grijporgaan. Bij kolibrievlinders is dat de proboscis, de holle roltong die ze uitsteken om nectar uit bloemen te zuigen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
De zeven blaadjes

De zeven blaadjes

Zwartmoeskervel. Foto Koos Dijksterhuis
Zwartmoeskervel. Foto Koos Dijksterhuis

Ik ben een slechte tuinier. Ik zaai en plant wel eens, maar het meeste verdwijnt weer. Wat blijft, doet het heel goed. Ik beweeg misschien hemel maar zeker geen aarde om een bepaalde plantensoort in de tuin te krijgen. Wat in en op de grond van ons schaduwrijke tuintje gedijt, krijgt de overhand. Ik bemest nooit, ik snoei wat en maai twee keer per jaar, en ik trek soms al te uitbundig gedijende planten uit. Daar kan ik zelfs fanatiek in zijn. In onze toekomstige tuin (we gaan verhuizen) bond ik de strijd al aan met dijkbraam en Japanse duizendknoop, in onze oude tuintje is zevenblad de vijand. Ik maakte er weleens stamppot van.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Grutto’s of koeien

Grutto’s of koeien

Grutto. Foto Koos Dijksterhuis
Grutto. Foto Koos Dijksterhuis

De film Vogels Kun Je Niet Melken is een schitterend portret van de grutto en de veehouder Bote, diens gezin en bedrijf. Filmmaakster Barbara Makkinga moet hen, en de levende have op hun land, zo vakkundig gefilmd hebben, dat de gefilmde personen en dieren haar nauwelijks opmerkten.

Bote richt een deel van zijn land in voor weidevogels. Het is er drassig, hij maait laat, en er groeit een gevarieerde grasmat met kruiden in plaats van het koeienfastfood Engels raaigras. Het is âld lân, zo legt hij zijn jongste van drie zonen uit in niet meer woorden dan nodig. Oud land. De film is Friestalig met ondertitels die soms wegvallen tegen de wolkenlucht. Maar zo moeilijk is dat Fries niet en er wordt veel gezwegen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Bevrijdende natuurclub

Bevrijdende natuurclub

CJN zomerkamp Schier 1970. Foto Marian Duisterhof
CJN zomerkamp Schier 1970. Foto Marian Duisterhof

In 1946 werd de CJN opgericht, die wortelde in de CMJN, de Christelijke Meppeler Jeugdclub van Natuurvrienden. Die Meppelaars verlieten in 1943 de NJN, omdat ze daar zondags op excursie gingen. Zaterdag verschijnt Een kleine geschiedenis van de CJN, van Jelte Rozema, Gerard Boere en Lenze Hofstee. Het bestrijkt dertig jaar tot 1976, toen de Christelijke en de Katholieke Jeugdbonden fuseerden tot de Algemeen Christelijke Jeugdbond voor Natuur- en milieustudie.

Zelf werd ik na die fusie lid. In mijn woonplaats Amersfoort kende ik mensen van de NJN, maar die gingen op zondag op pad en bij ons thuis werd de zondag geheiligd als dag waarop je je moest vervelen en lijden in de kerk. Ik ging dus bij de zaterdagse ACJN. Ik ontdekte dat er nog meer pubers waren die bossen leuker vonden dan brommers en vogels interessanter dan voetbal.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Rondborstige valentijnshartjes

Rondborstige valentijnshartjes

Speenkruid blaadjes. Foto Koos Dijksterhuis
Speenkruid blaadjes. Foto Koos Dijksterhuis

Speenkruid is een vroege bloeier; bloeiend speenkruid is voor mij altijd een blijde boodschap van een beginnende lente. Speenkruid hoort bij de ranonkelfamilie, net als boterbloemen, met wie speenkruid de kleur van de bloemen gemeen heeft: een glanzend, diep geel.

De bloemen van speenkruid zijn sterretjes, met puntiger kroonbladen dan boterbloemen. Ze hebben er wel acht tot tien van. Ze lijken op mini-dotterbloemen, ook al van die vroege lentebloeiers. Maar waar dotters aan de waterkant staan, heeft speenkruid een bredere smaak. Wel zie ik het eerste speenkruid altijd op de noordoever van sloten, die overdag de lentezon vangen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Kleurrijke kramsvogels

Kleurrijke kramsvogels

Kramsvogels. Foto Koos Dijksterhuis
Kramsvogels. Foto Koos Dijksterhuis

Wat vliegt daar? Die vraag, tevens de titel van een oud vogelboekje, stelde ik mezelf in gedachten, toen ik in de verte een vogel in een bosrand zag verdwijnen. Een mens vraagt zich wat af in gedachten! De vogel was vrij licht en leek het formaat te hebben van tussen een spreeuw en een tortel in. Kramsvogel?

Ik tuurde door de kijker, om te zien of die vogel zichtbaar was. Ja dat was hij! Hij zat in de kale kruin van een berk of els. Of was het een soortgenoot? Net toen ik de kijker scherp gesteld had, vlogen er een stuk of tien van die beesten uit de kruin weg. Met lichtsnelheid verwisselde ik kijker voor camera en drukte af, zie boven.

Het was inderdaad een kramsvogel, het waren alle tien kramsvogels. Kramsvogels schuimen graag in groepen de boomkruinen af, op zoek naar iets eetbaars. Ze horen bij de lijsterfamilie, net als merels, en lusten zowel kleine diertjes als vruchten, net als merels, met een voorkeur voor wormen en appels, net als merels. Wie appels heeft hangen of liggen, kan kramsvogels in de tuin krijgen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN