Water!
Mijn zeiljacht scheurde zich zijn bodem open
Het zonk niet maar het was een mand, zo lek
Dus ging ik maar met tegenzin van dek
Op zeebenen moest ik naar huis toe lopen
Ons land barst nog eens open van de droogte
Rivieren en kanalen vallen droog
Niet iedereen heeft daarvoor oor of oog
Men lijkt althans niet bijster op de hoogte
Want menigeen zie ik zijn tuin bevloeien
Het grasveld en de straat er gratis bij
Wat zijn we met ons allen heden blij
Zelfs de bolide blijven we besproeien
Zelf word ik door de droogte niet geraakt:
Mijn zeiljacht is een schip dat water maakt!