(Van) wespen bevrijd

Buiten hoorde ik een kind krijsen. Het klonk niet als ongemak over een buil of schram. Ik meende ‘help!’ te verstaan. Ik liep erheen. Enkele kinderen hielden afstand tot het krijsende jongetje, dat omringd werd door wespen. Hij was in de bosjes op een wespennest beland. Ik sloeg de wespen knock-out en vroeg waar woon je. Ten antwoord krijste hij luider. Ik zei wijs met je hand naar je huis. Daar! Ik zei kom op, weg hier. …







