Natuurdagboeken op dijksterhuis.net
Gevederde bezoekers uit Zweden

Gevederde bezoekers uit Zweden

Barmsijs. Foto Koos Dijksterhuis
Barmsijs. Foto Koos Dijksterhuis

Het is koud in Zweden en in onze nieuwe tuin kwamen achtereenvolgens goudhaantjes, vuurgoudhaantjes, kepen, sijzen en barmsijzen op bezoek. Of dat met de Zweedse kou te maken heeft, kan ik niet bewijzen, maar een causaal verband ligt voor de hand.

Als het voedsel in Scandinavië wegens vorst of slechte zaadval onbereikbaar wordt of opraakt, taaien hongerige vogels af naar het zuiden. Het kan zijn dat er nu meer noordelijke vogels te gast zijn dan in voorgaande winters. Er worden ook pestvogels en kruisbekken gezien; beide soorten kunnen wijzen op ongastvrije toestanden in het noorden.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Vandaag wordt de natuur weggestemd

Vandaag wordt de natuur weggestemd

Vliegtuig. Foto Koos Dijksterhuis
Vliegtuig. Foto Koos Dijksterhuis

Ik permitteer mij een wanhopig roersel over het milieu. Milieubeleid is niet altijd goed voor de natuur, maar de natuur zou meer baat hebben bij een wereld zonder stikstofuitstoot en -neerslag, zonder pesticiden en zonder klimaatverandering, dan bij alle kunstgrepen die nodig zijn om de ergste effecten van die milieu-aantastingen ietwat te compenseren. Voorkomen is beter.

Het eiland Öland in de Oostzee is een akkervogelparadijs. De reden: veevoer en mest mogen niet naar en van het eiland vervoerd worden. Hoe simpel kan het zijn! Al dat gesteggel, al dat sparen van kosten noch moeite om maar door te kunnen gaan op de oude voet van veevoeders en drijfmest…

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Mezen en mussen

Mezen en mussen

Huismussen m+v. Foto Koos Dijksterhuis
Huismussen m+v. Foto Koos Dijksterhuis

Bij ons huisje op Schier hang ik ’s winters vaak een buis met zaadjes of een vetbol op. Vanuit de kamer is dat voer goed te zien, op twee meter afstand. Het duurt een halve tot een hele dag, voor de vogels het ontdekken.

Eerst komt de heer koolmees langs, waarna mevrouw zich bij hem voegt. Ze verdragen elkaar wel, maar niet van harte. Soms is er een korte confrontatie – het zal nog wel te vroeg zijn voor paarvorming, of ze mogen elkaar toevallig niet.

Hebben de mezen het voer ontdekt, dan volgt de rest rap. Eerst twee, dan vier huismussen en weldra zitten er tien. Het valt nog niet mee om de mussen te tellen. Ze zitten geen moment stil, ze fladderen door de heg, ze snorren even weg, ze ploffen op de grond. Toch lukt het en ik tel er tien tegelijk.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Drie patrijzen!

Drie patrijzen!

Patrijs. Foto Koos Dijksterhuis
Patrijs. Foto Koos Dijksterhuis

Laatst kwam ik door ruige graslanden die aan extensief bewerkte akkers met wat onkruid grensden, en zie: drie patrijzen kruisten mijn pad! Ik zie bijna nooit patrijzen. Van de laatste twintig jaar herinner ik me in Nederland slechts drie waarnemingen. Patrijzen zijn zeldzaam geworden. Ze zijn één van die voorheen talrijke boerenlandvogels wier stand in een paar jaar tijd volledig is ingestort.

Met zijn oranje kop, grijze lijf, bruingestippelde vleugels en zwarte buik is een patrijzenhaan een fraaie verschijning. Patrijzenhennen zijn minder kleurrijk. Ze leggen soms wel veertien eieren, en als er insecten, zaden en knoppen zijn, gaan patrijzen al gauw heen om zich te vermenigvuldigen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Twee soorten kraaien

Twee soorten kraaien

Bonte kraai. Foto Koos Dijksterhuis
Bonte kraai. Foto Koos Dijksterhuis

Op Schiermonnikoog zit een bonte kraai. Samen met zwarte kraaien struint ie een kale akker af op bieten- of maïsresten. In mijn eerste vogelgids, die ik op mijn vijftiende van vier maanden zakgeld kocht voor 19 gulden en 90 cent, stonden zwarte kraai en bonte kraai als twee varianten van dezelfde soort. Het waren ondersoorten, met gescheiden broedgebieden. Intussen worden ze erkend als aparte soorten.

De twee kraaien zijn even groot, hebben dezelfde vorm, krassen hetzelfde, hebben beide een brede dieetwens, maar zijn anders van kleur. Zwarte kraaien zijn zwart, bonte kraaien zijn bont. Dat betekent zwart-wit, maar bonte kraaien zijn zwart met lichtgrijs.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Houtige geweitjes

Houtige geweitjes

Geweizwam. Foto Koos Dijksterhuis
Geweizwam. Foto Koos Dijksterhuis

Kent u een plant met twee ixen en drie y-grècs in de naam? Ik ook niet, maar wel een paddenstoel: Xylaria hypoxylon. De kans dat deze naam in wetenschappelijk latinogrieks u een aha-erlebnis bezorgt, lijkt me klein. Gelukkig heeft de soort een Nederlandse naam: geweizwam. Die wordt door echte zwammenkenners, pardon: mycologen, echter nauwelijks gebezigd. Mycologen bedienen zich liever van klassieke talen. Xylo is Grieks voor ‘hout’. De zwam heeft dat hout dus zowel in zijn geslachtsnaam Xylaria als in zijn soortnaam hypoxylon. Houtiger vind je ze niet!

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Felrode beestjes

Felrode beestjes

Vuurwantsen. Foto Koos Dijksterhuis
Vuurwantsen. Foto Koos Dijksterhuis

November is de tijd van harde buien en lage zon die onder zware wolken fel door de schoon gewassen lucht priemt. Tegenover de zon kunnen regenbogen verschijnen. De zon is langer onder dan op en hoewel het nog niet vriest, zoeken veel insecten een veilig heenkomen voor de winter.

Als ik in de tuin wroet, kom ik lieveheersbeestjes tegen die zich verstopt hadden. Ook kom ik andere rood-met-zwarte insecten tegen: vuurwantsen.

In de zomer zag ik die veel meer. Soms kleurden ze boomstronken, stoeptegels of zandplekken rood met hun talrijke aanwezigheid. Altijd sjouwde een aanzienlijk deel van de meute rond met aan elkaar geklikte achterwerken. Ze paren terwijl het voedsel zoeken gewoon doorgaat; vuurwantsen gebruiken hun tijd efficiënt!

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Vliegende rat

Vliegende rat

Stadsduiven. Foto Koos Dijksterhuis
Stadsduiven. Foto Koos Dijksterhuis

Vliegende ratten, worden ze minachtend genoemd. Wat is dat toch met mensen? Zodra een andere diersoort qua aantal zeg een tiende promille van de mensheid bereikt, en gemakkelijk in het zicht of gehoor komt, wordt die soort als vijand beschouwd. De bruine rat staat voorop. Stadsduiven kunnen hun zegening tellen: 1. Het zou nog erger zijn als mensen ratten kruipende duiven noemden.

Ik begrijp die afkeer niet. Stadsduiven poepen, maar dat is hun enige nadeel. Sommigen zullen zich ergeren aan hun gekoer, maar ik vermoed dat die zich ook aan mussen en spreeuwen ergeren. Stadsduiven ruimen onze rotzooi op: patat, brood. Daarbij zorgen ze voor een gedekte dis voor roofvogels die het buiten de steden soms moeilijker hebben dan erin: sperwers, haviken, slechtvalken.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Vogels en mensen zijn globetrotters

Vogels en mensen zijn globetrotters

Boerenzwaluwen. Foto Koos Dijksterhuis
Boerenzwaluwen. Foto Koos Dijksterhuis

Een lezeres vroeg mij waarom vogels trekken. Ja, omdat het hier koud wordt en in Afrika warm is. Maar waarom blijven ze niet het hele jaar in Afrika?

Het antwoord is simpel: vogels gebruiken tijdelijk beschikbare ruimte. Daarin lijken ze op menselijke nomaden of seizoenarbeiders. Mensen trekken ook, en vogels kunnen vliegen, dus die zijn nog veel mobieler. In de noordelijke lente komt er op het noordelijk halfrond een enorme hoeveelheid land beschikbaar, die ’s winters onbruikbaar is. In de zomer barst het leven er los: bloemen bloeien, insecten zoemen, vissen spetteren en vogels hebben een gevulde dis.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Winterse bessen

Winterse bessen

Gelderse roos + roodborst. Foto Koos Dijksterhuis
Gelderse roos + roodborst. Foto Koos Dijksterhuis

Gelderse roos is een struik met in de zomer fraaie bloemen, en in de winter fraaie bessen. De bloemen vormen schijven, met een krans van grotere bloemen eromheen. Ontbijtbordjes. De bloemen in het midden zijn de bloemen waar de bestuiving plaatsvindt. Daartoe wordt de hulp ingeroepen van insecten. En die lokt de struik met de grotere bloemen aan de rand die zelf celibatair leven.

Lees Meer Lees Meer

DELEN