Je moet er wat bij drinken

Op een zomerdag neem ik de van dagjesmensen uitpuilende boot naar Schiermonnikoog. In ons huisje haal ik een barrel uit de schuur, pomp de banden op, en zet koers naar het verre oosten.
Ik kruis via de Reddingsweg het eiland en rammel over het Waterstaatpad naar paal 10, vanwaar ik zes kilometer onder de duinen langs ploeter. Een smal en hobbelig spoor, vaak glibberig en anders mul, door duindoorns (een wonder dat ik geen lekke band krijg) en diepe geulen. Parnassia, ogentroost, duizendguldenkruid en goudknopje wuiven me toe in een briesje. Ik had beter langs de waterlijn kunnen fietsen, want het is eb en de oostenwind stelt niets voor. Langzaam schuif ik voorbij het baken van Willemsduin, dat zich soms tussen de duinen door laat zien. Paal 14. …








