Al vanaf eind maart vliegen de grote dansvliegen rond, soms in een zwerm door elkaar heen dansend, vaak ook op een bloem zittend om van de nectar te smullen. Vroeg in het seizoen is groot hoefblad populair als voedselbron. Soms ook jaagt een grote dansvlieg bliksemsnel achter een andere vlieg aan, die hij vangt met zijn pootjes. Die zijn van weerhaakjes voorzien. …
Langs een paadje door landgoed Koningshof woekeren braamstruiken. Bramen woekeren op veel plaatsen, de gewone braamsoorten doen het uitstekend op de tegenwoordig alomtegenwoordige stikstof. Daar kleven allerlei bezwaren aan, maar braamstruiken hebben uiteraard ook hun charmes, nog afgezien van de sappige bramen die menig kind de natuur in hebben gelokt. …
Op het Vogeleiland in het Amsterdamse Bos is een korte natuurwandeling uitgezet langs bordjes. Daarop staan de insecten die Jur Heijnen heeft gefotografeerd op of vlakbij de plek van het bordje. Vliegen vooral. Hij geeft er een paar regels tekst en uitleg bij. …
Klein en groot koolwitje. Foto’s Koos Dijksterhuis
Koolwitjes zijn twee van de talrijkste vlinders van ons land, hoewel hun rupsen op koolzaadvelden en in moestuinen met verve en vergif bestreden worden. Klein en groot koolwitje zijn beide algemeen en van maart tot oktober te zien, met een kortstondige dip in juni.
Ze fladderen tamelijk vastberaden langs een bosrand of door de tuin, om ineens neer te ploffen. Het vrouwtje neemt, als ze eitjes wil afzetten, plaats op het blad van een koolachtige plant. Ze trommelt ongeduldig met haar pootjes en beslist of ze eitjes legt of verder vliegt. …
In mijn auto woont een spinnetje achter het zonneklepje. Ze laat zich altijd aan een draad zakken, als ik ga rijden, en klimt daarna weer omhoog. Het leidt af, die spin in mijn ooghoek, maar ik wen eraan. Het is of ze me even inspecteert en, als ze ziet dat ik het ben, zich gerustgesteld terugtrekt. Ze woont in een rommelig webje.
Laatst zoemde er een steekmug door de auto, ook behoorlijk afleidend. De mug kleefde aan het webje en de spin snelde toe… Maar de mug wrong zich net op tijd los en zoemde verder. …
Blaarkop, Charolais en Herefordshire. Foto’s Koos Dijksterhuis
Dat Noach geen kangoeroes op zijn ark had, omdat het bestaan van Australië nog niet bekend was, was tweehonderd jaar geleden een vreselijk dilemma voor gelovigen. Hoe konden kangoeroes bestaan als ze niet gered waren? Nu brengt dat geen gelovige meer van zijn stuk. Dat moeten we gewoon niet zo letterlijk nemen. Door onmogelijkheden in het geloof te negeren, niet letterlijk te nemen of naar wens aan te passen, blijkt een schepper zelfs best te combineren te zijn met evolutie. Niets is zo plooibaar als de waarheid.
Tegenwoordig twijfelt bijna niemand er nog aan dat er binnen een plant- of diersoort variatie bestaat, dat veel eigenschappen erfelijk zijn en dat je, door selectie op bepaalde eigenschappen, soorten kunt ‘veredelen’. …
Op de hei zag ik een grote, groene rups. Het leek de rups van een nachtpauwoog, maar hij miste de lichte zijlijnen die als de witte naad van zo’n discobroek uit de jaren ’70 de rupsenflank horen te sieren. Voor de zekerheid zette ik hem op een determinatiesite. Daar werd de naam bevestigd: nachtpauwoog. …
Een vriend kwam op bezoek en naam een stapel brandhout mee. Er vloog een nachtvlinder uit het hout, de bosjes in. ‘Huismoeder’, zei ik, ten onrechte, zou weldra blijken. Ik dacht aan een huismoeder, omdat huismoeders nachtvlinders zijn die zich snel laten opjagen uit hun rustplaats. Ze fladderen dan snel naar iets wat beschutting biedt. Ik zag afgelopen weken meerdere huismoeders, waarvan twee in huis. …
Om 7 uur stappen we het Fochteloërveen in. Het regent niet, de zon gluurt door een kier in de wolken en kleurt het land oker. Veldleeuweriken zingen, roodborsttapuiten zijn actief, in de verte trompetteren kraanvogels. We struinen dwars door de pijpestrootjes; hoge graspollen met onzichtbare kuilen en greppels ertussen waar je plotseling inzakt. Een soort wadlopen maar dan droog. Hoewel – onze broeken raken doorweekt van het bedauwde gras. …
Mijn tuin lijdt niet snel onder droogte. Er is vrij veel schaduw, er grenst een stadsvijver aan en ik maai het gras niet. Onder regen lijdt mijn tuin meer, althans indirect. Toen na een paar droge dagen de eerste regen viel, liep ik de tuin in en plukte ik van het acht meter lange tuinpad rond de tweehonderd naaktslakken. …