2019etc
Zingen voor een vrijgezelle dame

Zingen voor een vrijgezelle dame

Spotvogel. Foto Marijke Wempe
Spotvogel. Foto Marijke Wempe

‘Bonenplanter’ werd de spotvogel vroeger genoemd, lees ik in Schiermonnikoog: wat er broedt en vliegt, het nieuwe overzicht van de eilander vogels, zie het Natuurdagboek van gisteren. Spotvogels arriveren in de loop van mei uit Afrika, in de periode dat de bonen geplant werden. Bonen zijn helaas geen gangbaar gewas meer in Nederland en de spotvogel heeft zijn bijnaam verloren.

Nu is spotvogel ook een fraaie naam. Onze tuin in Paterswolde lijkt een uitstekende plek voor spotvogels. Er zijn bomen, dichte struiken, hoge planten, lage planten, hoog gras en kort gras. Rupsen en insecten genoeg, schuilplaatsen, alles wat een spotvogel begeert. In Noord-Drenthe hield de soort het nog relatief lang uit, maar de voormalige erfvogel lijkt uit Drenthe zo goed als verdwenen. Landelijk werd het aantal spotvogels rond 2019 door Sovon Vogelonderzoek geschat op twaalf- tot achttienduizend. Het aantal slinkt, wat met klimaatverandering te maken kan hebben. Het areaal waar spotvogels leven schijnt noordwaarts te verschuiven. Van Schiermonnikoog kun je echter niet naar het noorden. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
De vogels van Schiermonnikoog

De vogels van Schiermonnikoog

Drieteenstrandloper op Schiermonnikoog. Foto Koos Dijksterhuis
Drieteenstrandloper op Schiermonnikoog. Foto Koos Dijksterhuis

Thijs de Boer van Schelpenmuseum Paal 14 op Schiermonnikoog maakte samen met de eilander vogelaars Gerard Glerum en Ardie Noorman het boek Schiermonnikoog: wat er broedt en vliegt, de avifauna van een waddeneiland.

Het eilander vogelboek past in de traditie van toegankelijke natuurboekjes die De Boer eerder maakte, maar Wat er broedt en vliegt is veel groter en uitgebreider. Alle vogels die van 2000 tot 2025 minstens drie keer op het eiland zijn gezien, staan erin met een foto en beschrijving. Vogels die zich maar één of twee keer lieten zien, en vogels die langer dan 25 jaar geleden voor het laatst langskwamen, worden slechts opgesomd. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Lucifers in de beek

Lucifers in de beek

Beekmijtertjes. Foto Piet Bijma
Beekmijtertjes. Foto Piet Bijma

Goed nieuws uit de natuur: het beekmijtertje neemt toe. Beekmijtertjes zijn piepkleine lentepaddenstoeltjes die in beekjes of beekbeddingen groeien. Een plas wil ook wel, mits geen modderige janboel maar met schoon en helder kwelwater.

Natuurliefhebber en -fotograaf Piet Bijma uit Feerwerd stuurde mij een prachtige foto van de gele kleinoodjes en wilde me ze wel laten zien. Tijdens een onweerswolkbreuk bogen wij ons over de zwammetjes.

De eerste plek die hij kende was alweer bijna leeg. We vonden drie jonge exemplaren, half zo groot als een lucifer. Een witte lucifer met een gele kop. Er hadden er veel meer gestaan, maar het was al juni en beekmijtertjes zijn er in april en mei. Zwammen zijn er vaak maar even. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Nachtvlinders met klassieke belettering

Nachtvlinders met klassieke belettering

Mi-vlinder (onder) en Gamma-uil (boven) Foto Koos Dijksterhuis
Mi-vlinder (onder) en Gamma-uil (boven) Foto Koos Dijksterhuis

Mi-vlinders zijn nachtvlinders, maar als je ze wilt zien moet je op klaarlichte dag als de zon schijnt door klavervelden struinen. De vlinders zijn gemakkelijk te verstoren, waarbij ze een klein stukje vliegen en weer gaan zitten; ze zitten vaak met licht trillende vleugels op een blad. Dat trillen met de vleugels beheersen gamma-uilen nog beter.

Mi en gamma zijn een Romeinse respectievelijk Griekse letter. De mi verwijst naar de m die op elk van de vleugels van de mi-vlinder staat. De gamma-uil heeft op iedere vleugel een gamma, je zou die letter de Griekse voorloper van onze g kunnen noemen, al staat ie in het Griekse alfabet op de derde plek, waar bij ons de c staat.

Gamma-uilen zijn ook nachtvlinders, en zijn zowel ’s nachts als overdag actief. Vooral in de schemer komen ze in actie en kun je ze soms massaal van bloem naar bloem fladderen. Ze lurken nectar terwijl ze razendsnel blijven klapwieken. Dat doet ze lijken op kolibrievlinders. Gamma-uilen kunnen net als kolibrievlinders vliegend drinken, maar gaan er ook vaak bij zitten, hoewel hun vleugels dan blijven wapperen.

Overdag zie ik ze vaak laag boven de grond op bloemen zitten, klavers bijvoorbeeld, of – later in de zomer – munt. Dan vliegen ze verstoord voor me op. Ze strijken ‘s nachts neer op kamperfoelie en teunisbloem, twee planten met nachtelijk geopende en geurende bloemen.

Gamma-uilen zijn trekvlinders uit het Middellandse Zeegebied. Ook daarin lijken ze op kolibrievlinders. En op distelvlinders, wat dan weer dagvlinders zijn. Hoewel het deze lente vaak uit het noorden waaide, zijn gamma-uilen en distelvlinders in groten getale tegen de wind opgetornd. Misschien krijgen we ook nog een invasie van kolibrievlinders.

Mi-vlinders en gamma-uilen zijn niet de enige vlinders met Latijnse of Griekse belettering. Nachtvlinders kennen hun klassieken! Er bestaat ook een (zeldzame) ni-uil en verder is er de prachtige jota-uil. Die komt op een paar plekken in ons land voor, onder andere in Noord-Drenthe, waar ik woon. Vliegtijd juni en juli, dus kom maar op!

(Natuurdagboek Trouw, maandag 8 juni ’26)

 

DELEN
Straatgevecht

Straatgevecht

Al jaren zit ik lekker in de olie
Het zwarte goud noem ik beslist geen slijk
Der aarde, maar van waarde; ik ben rijk
Zo zijn er meer, ik heb geen monopolie
Al is mijn bijnaam wel de oliesjeik

Ik riep vergeefs naar Trump en Khamenei
Dat ik nu echt eens door naar Rotjeknor moes
En dat ik de pineut ben en the war loose
Maar desondanks geeft men die zee niet vrij
En blijf ik liggen voor de Straat van Hormuz

 

 

DELEN
Doodgereden

Doodgereden

Doodgereden Eekhoorn. Foto Koos Dijksterhuis
Doodgereden Eekhoorn. Foto Koos Dijksterhuis

Als kind zag ik vaker een eekhoorn dan als volwassene. Ik zat als kind ook vaker in een bos waar eekhoorns leefden. Maar sinds twee jaar loop ik wekelijks door bossen waar ze voorkomen. Ik zie ook weleens een eekhoorn, maar bepaald niet vaak. Ik vind het altijd een feestje.

Ze schijnen inderdaad achteruit te gaan, al wordt hun aantal al geruime tijd op 25 duizend geschat. Je kunt als soort misschien maar beter achteruitgaan, want wie het voor de wind gaat wordt door de mens bestreden: wolven, ganzen, ratten. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Op zoek naar de aardbeivlinder

Op zoek naar de aardbeivlinder

Klaverspanner (boven, foto Koos Dijksterhuis) en Aardbeivlinder (onder, foto Erik Sanders)

Net als vorig jaar zocht ik in mei op Schiermonnikoog naar aardbeivlinders. Of: naar een aardbeivlinder, want één zo’n beestje zou mij al heel blij maken. Net als toen bezocht ik alle bloemrijke duinvalleien waar ik kans dacht te hebben. En net als vorig jaar dacht ik na tientallen gamma-uiltjes, mi-vlinders, Icarusblauwtjes, hooibeestjes en een paar Jacobsvlinders eindelijk beet te hebben…

De duinvalleien waar ik zocht waren vochtige, kalkrijke plekken, waar het kwelwater nog niet opgedroogd was in de dagenlang door geen wolk belemmerde zon. Er bloeiden orchideeën, brede ereprijs, kleine ratelaar, egelboterbloem, Spaanse ruiter, echte koekoeksbloem, rolklaver, wateraardbei en tormentil. Op de zandige duinhellingen eromheen grepen dauwbramen met hun uitlopers om zich heen. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Speculant

Speculant

Dat dorpje Moerdijk zou toch met de grond…
Maar nu is dat ineens niet zeker meer
Het rijksbeleid zwalkt lukraak heen en weer
Voor dorpelingen is dat ongezond

Mij, buitenstaander, raakt het allerminst
Ik kocht voor halve prijs en maak nu winst

 

 

DELEN
Dode duif

Dode duif

Geplukte duif. Foto Koos Dijksterhuis
Geplukte duif. Foto Koos Dijksterhuis

Op Schiermonnikoog wandel ik met hond door de duinen. Op het pad ligt een partij grijze veren. Daar is een duif gepakt. Hond trekt vooruit, want een paar meter verder ligt de geplukte duif. Het is een postduif.

Hij of zij heeft wel drie ringen om z’n poten. De standaardring bevat de code NL2025 1238534. Ik probeer de ringen van de poten te trekken maar dat lukt niet. Vroeger zou ik mijn zakmes gepakt hebben en de ring aan het koord van mijn verrekijker hebben geregen. Maar het bloederige hoopje botten met vleugels stinkt flink en ik deins terug. Bovendien moet ik met één had de hond erbij weghouden – ze heeft duidelijk een andere geurbeleving. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
In en uit de kast!

In en uit de kast!

Koolmees voert jong. Foto Koos Dijksterhuis
Koolmees voert jong. Foto Koos Dijksterhuis

Vanuit ons huisje op Schiermonnikoog hebben we zicht op een zogenoemde mussenflat. Dat is een driedelige nestkast, met drie appartementjes boven elkaar, elk voorzien van een vlieggat.

Iemand heeft ooit bedacht dat mussen, omdat ze met elkaar optrekken, graag in een flat wonen. Geen luxe-penthouse, maar een stapel identieke éénkamer-appartementen. Gek eigenlijk. Als er één diersoort is die met elkaar optrekt, is het de mens wel. Wij mensen betalen zelfs honderden euro’s om in een volgestouwd vliegtuig naar een volgepropt strand te reizen. We betalen tien keer zoveel voor een kop koffie als we er op een druk terras mee mogen zitten. Toch ken ik niemand die liever in een flat woont dan in een vrijstaand huis. Waarom zouden mussen dat dan wel willen?

Mussen willen dat niet. Onze mussenflat hangt er al jaren en er hebben heel wat mussen in gebroed. Ze zaten altijd in het bovenste kastje. Altijd. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN