Natuurdagboek

Een lust voor oog en neus

Een lust voor oog en neus

Maarts viooltje. Foto Koos Dijksterhuis
Maarts viooltje. Foto Koos Dijksterhuis

De eerste wilde viooltjes die in bloei komen zijn de maarts(e) viooltjes. Die kunnen met hun allen de grond onder een nog kaal loofbos paars doen kleuren. Ook in de tuin zijn ze prachtig. Paars is trouwens een te gemakzuchtige benaming van de kleur, die meer naar blauw neigt dan naar rood. Het is dan ook violet. Sterker nog: die kleur zou zelfs naar de plantenfamilie genoemd kunnen zijn, omdat veel soorten viooltjes violet zijn. Toch lijkt het waarschijnlijker dat de planten naar de kleur zijn genoemd. Het woord violet is terug te voeren op Middeleeuws Frans. Met een muziekinstrument heeft dat voor zover bekend niets te maken, die viool stamt uit het Italiaans.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Kranige sterfte

Kranige sterfte

Kraanvogel met jong. Foto Koos Dijksterhuis
Kraanvogel met jong. Foto Koos Dijksterhuis

Als jonge vogelaar zag ik nooit kraanvogels. Ik hoorde soms dat anderen kraanvogels hadden gezien. Dat waren altijd overvliegende vogels tijdens de trektijd, en altijd boven Zuidoost-Nederland.

De eerste keer dat ik in Nederland kraanvogels zag, was begin april, midden jaren negentig. Ik reisde van mijn moeders verjaardag terug naar Groningen en zag in Drenthe uit de trein twee kraanvogels in een weiland. Ik geloofde het bijna niet. Niemand in de volle wagon leek ze op te merken.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Vroege vlinders

Vroege vlinders

Kleine vos (onder) + dagpauwoog Foto Jeanette Essink
Kleine vos (onder) + dagpauwoog. Foto Jeanette Essink

Dit zou twintig jaar geleden de tijd zijn dat overwinterende kleine vossen en dagpauwogen uit hun schuilplaatsen tevoorschijn kwamen. Nu deden ze dat een maand geleden. Ik zag ze eind februari al. Ze warmden zich in de zon en gingen op zoek naar klein hoefblad voor een slokje nectar.

Klein hoefblad bloeide nog maar net. Januari en de eerste helft van februari kenden in Noordoost-Nederland een landklimaat met aanhoudende temperaturen rond en onder het vriespunt. Dat zette diverse reeds in december ingezette lenteverschijnselen een tijdje in de koelkast.

Toen eind februari en begin maart ook op de Grunneger toendra recordtemperaturen van bijna twintig graden werden gehaald, barstten die lenteverschijnselen los. Plotseling werd onze tuin bevolkt door aardhommels en citroenvlinders, kwamen narcissen en zelfs judaspenning tot bloei, en botten wilgen- en andere katjes uit.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Kikkers en salamanders

Kikkers en salamanders

Kleine watersalamander. Foto Koos Dijksterhuis
Kleine watersalamander. Foto Koos Dijksterhuis

Afgelopen herfst groef ik een tuinvijver. Vanuit twee dieptepunten van ruim een meter liepen de oevers geleidelijk dan wel trapsgewijs op. De vijver stond nog maar halfvol, of de eerste kikkers en salamanders dienden zich aan.

Groene en bruine kikkers overwinteren graag in de modder op de bodem van water, dat diep genoeg is om niet te bevriezen. Tegenwoordig lijkt een halve meter ijs me het dikst haalbare. Ruim een meter diep is dus overdreven, maar ja, ik was zo lekker bezig met graven.

Modder is er nog niet in de vijver en ik zie ook geen dril, hoewel bruine kikkers nu aan de leg zijn. Dat dril zit vaak onder de wateroppervlakte en is dus goed zichtbaar. Groene kikkers komen pas in de loop van april op dreef, en zetten hun eitjes dieper af. Groene kikkers zijn veel meer aan water gebonden dan bruine. Na de paring trekken bruine kikkers het land op, later gevolgd door de nieuwe generatie. Groene kikkers blijven op de oevers zitten en kwaken uit volle wangzakken.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Citroenen brengen lente

Citroenen brengen lente

Citroenvlinder op paardenbloem. Foto Koos Dijksterhuis
Citroenvlinder op paardenbloem. Foto Koos Dijksterhuis

De winter had lang volgehouden, maar op 25 februari begon de lente met een plotseling omhoog schietende temperatuur. Ik liep te puffen in mijn winterjas. Er zongen merels, zanglijsters, groenlingen, vinken, kool- en pimpelmezen, huis- en heggemussen, spreeuwen, winterkoninkjes, roodborstjes, boomkruipers en -klevers. Duiven koerden, spechten roffelden, kraaien krasten, buizerds jammerden, veldleeuweriken jubelden, eenden snaterden, ganzen gakten.

Al die vogelgeluiden! En dan moesten de eerste wegtrekkers nog terugkeren. Intussen zijn die gearriveerd: witte kwikstaarten en zwarte roodstaarten trekken niet ver en zijn als eerste terug. Ze werden op de vleugel gevolgd door tjiftjaffen. Het is dan ook bijna officieel lente.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
‘Tjiftjaf, tjiftjaf’

‘Tjiftjaf, tjiftjaf’

Tjiftjaf. Foto Koos Dijksterhuis
Tjiftjaf. Foto Koos Dijksterhuis

Op 3 maart hoorde ik de eerste tjiftjaf, en meteen maar een tweede. Het was een zonnige dag. De lente was begonnen en de tjiftjaffen ook. Tot in de zomer kunnen we dagelijks het eindeloos roepen van hun soortnaam horen: ‘tjiftjaf, tjiftjaf’.

Tjiftjaffen broeden met honderdduizenden in Nederland. Ze overwinteren aan de noord- en zuidzijde van de Middellandse Zee. De Sahara houden ze voor gezien. Hun evenbeelden, de fitissen, steken de grote zanderij wel over, een paar duizend kilometer extra. Fitissen bereiken gemiddeld tien tot vijftien dagen na de tjiftjaffen ons land. Hun riedeltje begint hoopvol en hoog, maar dooft somber uit. Ik heb het nog niet gehoord. Eind maart arriveren ze vaak met hun allen tegelijk na een nacht met zuidenwind.

Begint de lente in Zuid-Europa vroeg, dan kunnen tjiftjaffen alvast hun reis naar het noorden aanvaarden. Voor fitissen ligt dat anders; het weer in Mali zegt niets over de lente in hun broedgebied. De laatste jaren blijven enkele tjiftjaffen bij ons overwinteren; fitissen doen dat niet.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Gemengd ganzenpaar

Gemengd ganzenpaar

Canadese gans x grauwe gans. Foto Koos Dijksterhuis
Canadese gans x grauwe gans. Foto Koos Dijksterhuis

Bij ons in de buurt zijn nogal wat Canadese ganzen. Ze zijn sinds het dooit druk in de weer met partners kiezen, paren vormen en nestelplekken uitzoeken. Daarbij maken ze veel kabaal. Toeterend vliegen ze laag over de bomen en de huizen. Ze zijn groot, hebben een donkere kop met een witte baard maar geen wit voorhoofd, zoals brandganzen.

Met brandganzen willen ze best paren vormen. En met grauwe ganzen, die er heel anders uitzien. Die soorten zijn daar met enig gevlij beide wel voor te paaien. Er zijn onder ganzen relatief veel gemengde stellen, van twee verschillende soorten. Daar komen mengvormen van, en die zijn nog vruchtbaar ook. Daarmee tarten ganzen de definitie van een soort.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Lente!

Lente!

Kraanvogels Foto Henk Strietman
Kraanvogels. Foto Henk Strietman

Het is officieel nog geen lente, al denken meteorologen daar anders over. In de natuur is het nieuwe seizoen in volle gang. Allerlei vroege bloeiers bloeien of staan in knop: klein hoefblad, speenkruid, maarts viooltje. Wilgen, iepen en populieren vormen katjes. Mieren komen bovengronds, zandbijen eveneens, aardhommels gaan juist de grond in op zoek naar nestelruimte. Dansmuggen dansen. Maartse vliegen kruipen uit vochtige bodems. Citroenvlinders, dagpauwogen en kleine vossen schudden de winterse verstijving van zich af.

Hazen rammelen, egels en vleermuizen komen uit hun winterholen. Bruine kikkers paren, heidekikkers verkleuren, padden gaan op trek, watersalamanders verlaten hun winterschuilplaatsen en zoeken het water op.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Een topper met drie kuifeenden

Een topper met drie kuifeenden

Topper + 3 kuifeenden. Foto Koos Dijksterhuis
Topper + 3 kuifeenden. Foto Koos Dijksterhuis

Met naar schatting een kleine twintigduizend broedparen zijn kuifeenden een van onze talrijkste eenden. In de winter zijn dat er nog vijf, zes keer zoveel. Dan dobberen ze in grote groepen op plassen en meren, zoals het IJsselmeer. Ze duiken driehoeksmosselen op van de bodem.

Dat opduiken doen ze ’s nachts, omdat ze dan niet, buiten adem boven gekomen, door meeuwen van hun schatten beroofd worden. Op meters diepte in het troebele water moeten ze toch op de tast werken. En in Nederland is het meeste water troebel. Hoewel juist die driehoeksmosselen het water filteren en helder maken.

Ach, ik zie ze ook vaak overdag duiken. Slechts weinig watervogels zijn zulke onrustige duikers als zij. Futen en aalscholvers, tafeleenden en brilduikers ja, en toppereenden.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Drijvende nonnen

Drijvende nonnen

Nonnetjes. Foto Koos Dijksterhuis
Nonnetjes. Foto Koos Dijksterhuis

In de buurt van ons huis dobberen meerdere nonnetjes rond. Nonnetjes zijn kleine eenden, familie van de zaagbekken. Ze hebben een gekarteld snaveltje, om grip te krijgen op glibberige hapjes. Ze danken hun naam waarschijnlijk aan hun kleur. Die zijn wit met zwart, hoewel kloosterlingen eerder zwart met wit zijn.

Laatst was ik op stap met de hond. Er drizzelde ijzig koude regen neer, die pijn deed aan mijn gezicht. Het zicht was slecht. Ik liet mijn camera thuis.

Stom, want eenmaal bij het water klaarde het op. Zacht, laag zonlicht scheen over mij heen, precies op vier nonnetjes, alle vier woerden, die op ik schat vijftien meter afstand langzaam voorbij peddelden. Prachtig belicht, dichtbij, oh had ik nou maar…

Lees Meer Lees Meer

DELEN