Natuurdagboek 2023
Scholekstersoos

Scholekstersoos

Scholeksters soos. Foto Koos Dijksterhuis
Scholeksters soos. Foto Koos Dijksterhuis

De scholeksters hebben zich verzameld in de soos, zie ik tijdens een wandeling. Soos is een afkorting van ‘sociëteit’: gezelligheidsvereniging. Of de scholeksters in hun soos gezelligheid zoeken, is lastig te zeggen. Wat hun drijfveer ook is, na de winter verzamelen ze zich in deze en andere sozen: vaste plekken waarvandaan ze hun broedgebied in beslag nemen.

Dat broedgebied slinkt en daarmee het aantal scholeksters. Ze broeden op kwelders, maar niet meer op stranden, weinig op akkers en nauwelijks nog op weilanden. De betreffende scholekstersoos bevindt zich in natuurmonument Kardinge, bij Groningen. Daarvandaan bevolken ze de platte daken van gymzalen, scholen en bedrijven. Ook op een vlot dat voor visdiefjes bedoeld is broedt weleens een stelletje.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Nu al bosanemonen…

Nu al bosanemonen…

Bosanemoom. Foto Koos Dijksterhuis
Bosanemoom. Foto Koos Dijksterhuis

Bosanemonen in februari; het moeniegekkerworre. Ik was van plan u, lezers, te vragen wie de eerste zag bloeien, maar dat is dus al te laat. Ook klein en groot hoefblad en speenkruid is al in bloei gevonden, maar niet door mij. In Groningen hobbel ik met lentewaarnemingen altijd achter de fanfare aan.

Bosanemonen kunnen loofbossen voorzien van een wit tapijt. De oogstrelende bloemen (soms met een zweempje purper over de buitenste bloemblaadjes) richten zich naar het licht, dat in een bos vaak van boven komt. Dat bos is in de vroege lente nog bladerloos, dus het licht bereikt de grond. Elke witte bosanemonenbloem staat daar op een eigen stengel.

In mijn tuin staan een paar bosanemonen, maar ik zie ze nog niet. De ronde blaadjes van speenkruid komen eerder dan hun bloemen uit de grond. Bij bosanemonen verrijzen de blaadjes vaak iets later dan de bloemen, soms ook tegelijk of wat eerder. Nu is er van die gekerfde groene handjes noch van de bloemen al iets te zien.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Grote timmerman en sparrenboktor

Grote timmerman en sparrenboktor

Sparrenboktor Foto Koos Dijksterhuis
Sparrenboktor. Foto Koos Dijksterhuis

Kevers vind ik leuk, maar lastig te determineren. In mijn insectengids staan er tientallen. Dat schiet niet op – in Nederland zijn meer dan vierduizend soorten gezien. Ik heb ook een oud, Duits boekje, zonder veel plaatjes. In Duitse omschrijvingen moet je maar zin hebben.

Ooit zette ik mijn tentje op in een bosrand bij Hannover. In het bijna-donker van een zomeravond kwam er een joekel van een kever tevoorschijn, ontwaakt voor de nacht. Hij was zo lang als een vrouwtje van een vliegend hert, maar half zo breed. En heel beweeglijk. Ik probeerde ’m te fotograferen maar het was te donker en hij rende en vloog weg. Ik hield het destijds op de boktor Ergates faber, de grote timmerman, die zes centimeter lang kan worden.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Luchtfietsende buizerds

Luchtfietsende buizerds

Buizerd. Foto Koos Dijksterhuis
Buizerd. Foto Koos Dijksterhuis

Allerlei lentewaarnemingen worden gemeld: de eerste zingende zanglijsters, de eerste bloeiende bosanemonen. Er zijn veel baltsende buizerds gezien, ook door ondergetekende.

Baltsen is trouwens een groot woord voor het gezamenlijk (v+m) rondcirkelen, genietend van de eerste thermiek op een windstil zonnedagje. Hun karakteristieke gemiauw verraadt de roofvogels vaak al voordat ze zich laten zien. Dat karakteristieke is te nuanceren: gaaien hebben een sterk op buizerdgemauw lijkende roep en spreeuwen doen hem feilloos na. Feilloos voor onze beperkte mensenoren, althans. Ik denk dat een spreeuw of andere zangvogel het verschil wel hoort; ik heb tenminste nooit een vogel op de vlucht zien slaan als een spreeuw een buizerd imiteerde. Ik denk ook dat een buizerd het verschil hoort. Ik heb tenminste nooit een buizerd zien of horen reageren op een spreeuw.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Vogels voor beginners

Vogels voor beginners

Foto (van tekening uit boek) Koos Dijksterhuis
Foto (van tekening uit boek) Koos Dijksterhuis

Toen mijn dochter twee was, en je wees haar op een vogel in de tuin met de mededeling: ‘vogel’, zei ze: ‘Nee, ekster’. Dat was verrassend betweterig. Peuters kennen vaak alleen archetypische woorden: huis, boom, hond, fiets, raam.

Wat vogels betreft blijven sommigen in dat archetypische stadium steken. Velen weten nog wel dat niet iedere drijfsijs een eend is, maar verder dan zwaan, gans, misschien meerkoet en soms fuut, reikt de watervogelkennis zelden.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Stil?

Stil?

Pijpenstrootje Foto Koos Dijksterhuis
Pijpenstrootje. Foto Koos Dijksterhuis

Een wandeling door Nationaal Park het Drents-Friese Wold is op een zonnige dag geen straf. Maar als vogelliefhebber vind ik het er alarmerend stil. Zelfs geen koolmees zie ik in het bos, geen graspieper op de hei, geen meerkoet in het ven. Niets.

Ook de wind is stil. De stilte wordt slechts verbroken door fietsers, hardlopers, wandelaars, honden. De mensendrukte valt echter mee, het is een door-de-weekse ochtend, er gaan minuten voorbij zonder gezelschap, in een uur kom ik dertien mensen tegen. Op zondagmiddag wandel ik alleen als men mij ertoe dwingt. Het nadeel van een weekdag echter is dat er gemaaid en gehakt wordt. Vaak dacht ik: pech zeg, dat ze uitgerekend hier en nu met hun gigantische machines door het bos rauzen. Inmiddels weet ik dat de kans klein is dat er in een natuurgebied niet met machines gerausd wordt. Kappen, dunnen, oogsten, verjongen; geef het een naam. Hout hakken wordt soms zelfs ‘bosherstel’ genoemd.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Houden 800 bomen stand?

Houden 800 bomen stand?

Markiezeneik in Amelisweerd Foto Rob Huibers
Markiezeneik in Amelisweerd. Foto Rob Huibers

Laatst keek ik naar een autoweg. In tien minuten passeerden er 356 auto’s. In 287 zat 1 persoon.

De A-27 bij Utrecht vulde veertig jaar geleden een missing link in ’s lands snelwegennet. Dat net was op de landkaart getekend en rücksichtslos aangelegd. Als je met een zwarte stift de geplande snelwegen rond Utrecht tekende, verdween de stad onder het inkt.

De missing link zou landgoed Amelisweerd doorsnijden, protestanten klommen in de bomen en vlak voor de rechter uitspraak deed, liet Rijkswaterstaat het bos op het tracé alvast kappen, zodat er niets meer te beschermen was. Natuurbescherming is een achterhoedegevecht – het hoogst haalbare is handhaving van de bestaande toestand, maar het gevaar kan altijd toeslaan. En als het illegaal toeslaat, kan geen boete de schade ongedaan maken.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
De alies kleuren wit

De alies kleuren wit

Aalscholver. Foto Koos Dijksterhuis
Aalscholver. Foto Koos Dijksterhuis

Wat een weertje! Frisse lucht, warme zon, weinig wind. De lentebollen schieten de grond uit, de koolmezen tetteren erop los, de ganzen paren, de eksters nestelen, de spechten roffelen, de aalscholvers kleuren wit. Nou ja, hun gezichten en heupvlekken dan toch.

Ze zijn er altijd vroeg bij, die alen. (Doorgewinterde vogelaars korten hun dierbaren vaak af. Grutto’s worden grutten, burgemeesters burries, zilvermeeuwen zilvers, bladkoninkjes blako’s, gierzwaluwen giertjes, scholeksters schollies en aalscholvers alen of alies.)

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Groenwassende grootgrutter

Groenwassende grootgrutter

Insectenhotel Foto Jeanette Essink
Insectenhotel. Foto Jeanette Essink

Als ik de websites van welk miljardenbedrijf ook open, zie ik hoopvolle berichten: ‘Wereldleiders in duurzaam staal’ (Tata-steel), ‘Nu kan je de hele dag vega goed bezig zijn’ (Shell). ‘Everything we do starts with People. Planet. Paint.’ (AkzoNobel). ‘…met nieuwe labels op verpakkingen voedselverspilling tegen’ gaan (Unilever). Greta Thunberg is er niets bij.

Ook Albert Heijn redt de wereld, om te beginnen de insecten. Het laatste initiatief van de supermarkt: insectenhotels. Trouwlezer, natuurkenner en fotoleverancier van het Natuurdagboek Jeanette Essink wees me erop: bij haar in de buurt zag ze er drie met het kruidenierslogo.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Zwammen met ballonnetjes vol gifgas

Zwammen met ballonnetjes vol gifgas

Oesterzwammen. Foto Koos Dijksterhuis
Oesterzwammen. Foto Koos Dijksterhuis

Soms kom ik oesterzwammen tegen. Die groeien dan op een dode boom of een houten paal. Sommige mensen zouden ze plukken, maar de meesten vinden paddenstoelen pas lekker als ze in plastic verpakt uit een winkel komen. Zelf pluk ik ze trouwens niet, om een andere reden. Ik vind ze te mooi om te plukken.

Oesterzwammen zijn behalve lekker en prachtig ook bijzonder. Nu blijken alle organismen bijzonder te zijn, als je je verdiept in hun leefwijze, voor zover die bekend is. Wat ik niet voor wonderbaarlijke samenwerkings- en elkaar-dwars-zit-relaties ik in de weekdierenwereld tegenkwam, toen ik mijn boek over schelpen schreef! Maar nu verwonder ik me over de oesterzwam. Die heeft niets met schelpdieren te maken, ook niet met oesters. Ze heten oesterzwam omdat ze op oesters zouden lijken.

Lees Meer Lees Meer

DELEN