Natuurdagboek 2012
Muis met pit

Muis met pit

dode Rosse woelmuis, Foto Koos Dijksterhuis

Voor de vakantie scharrel ik wat slaapzakken bijelkaar. Al scharrelend sjor ik op het zolderkamertje een deken onder een matras uit. Het regent muizenkeutels. Er zitten twee gaten in de deken. Een muizennest, denk ik, en vind het op een oud matras. Het is een aandoenlijk kommetje van plukjes deken. Er zijn geen muisjes. Ik zie wel een vochtige plek in hetzelfde matras, dat binnenkort maar bij het grof vuil moet. Ineens ruik ik een vage lijkenlucht. Er ligt vast een muis te rotten achter een knieschot, op een onbereikbare plek. Ik zoek voorzichtig verder, keutels strooiend, snuffelend en bedacht op plotseling wegrennende muizen. Ik zie kersenpitten, opengeknaagd en uitgehold. En ineens zie ik de muis. Dood, een beetje ingedroogd. Hoe raakt een woelmuis op zolder verzeild? Hoe dan ook was hij er en raakte hij misschien de weg terug kwijt. Ik had een keer lekkage, er was iets opgewaaid. Dat is weer dichtgekit, misschien was dat zijn doorgang. Het is een zonnig, heet kamertje. Woelmuis is vast van dorst doodgegaan.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Vlieg die op water loopt

Vlieg die op water loopt

Slankpootvlieg, Foto Koos Dijksterhuis

’s Morgens sjor ik de luxaflex van het keukenraam omhoog. Het keukenraam zit op het oosten. Er zit een vlieg op het kozijn, op sterven na dood. Wat zal hij lang tegen het glas hebben gefladderd in de brandende zon. Zo’n raam is een slachtveld van insecten. Ik kan deze nog redden, hij leeft althans nog als ik hem buiten zet. Aan zijn lange poten en witte vleugeltipjes is te zien dat het de slankpootvlieg Poecilobothrus nobilitatus is. Die naam heb ik opgezocht, denk niet dat ik al die namen weet. Deze soort leeft bij water. Daarom zal voor deze vlieg het raam vast een nog grotere kwelling geweest zijn dan voor de andere vliegen en muggen, die roerloos op hun rug liggen. Maar hij leeft tenminste nog!

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Ganzenplaag

Ganzenplaag

Grauwe gans, Foto Koos Dijksterhuis

Dat er in Nederland nog wilde vogels zijn die het goed doen, is een wonder. Zelfs weinig eisende kostgangers als kraaien, mussen, spreeuwen en meeuwen gaan achteruit. Maar ganzen boeken succes. In mijn kindertijd waren er veel minder ganzen. Ze werden in binnen- en buitenland bejaagd, zodat het marginale aantal niet wist te groeien. Toen kwam de bescherming op gang. In Denemarken, een land dat zeker zo jachtlustig is als Frankrijk, maar dat we niet merken zolang we naar Frankrijk op vakantie gaan, werd de ganzenjacht gestaakt.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Krachtpatser

Krachtpatser

Bosmier met noot, Foto Koos Dijksterhuis

Vroeger op school werd vermeld dat mieren een veelvoud van hun eigen lichaamsgewicht konden tillen. Dat wordt nog steeds verteld, mieren staan bekend om hun bovenmierelijke kracht.

Nou is ieder dier dat in het wild overleeft een top-atleet. Een mier ook. We zitten aan een meertje in een bos in Oost-Duitsland. Verstopt tussen de bomen staat de tent. We zwemmen bij wijze van bad. Dat doen we door een opening in de rietkraag, waarbij het ook afgedroogde toestand goed toeven is, vanwege het uitzicht op de plas met zwart-witte brilduikers die in Nederland alleen ’s winters te zien zijn. Fles wijn erbij, nootjes. Mieren maken gemorste nootjes soldaat. Ja hoor: daar begint al een mier aan een veelvoud van zijn lichaamsgewicht te sjorren. Een bosmier. Het wemelt van de bosmieren, zware jongens uit één van de vele mierenhopen. In onze bossen zag ik als kind ook overal mierenhopen. Later werden ze zeldzaam, maar in Oost-Duitsland zien we ze om de honderd meter.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Stormvogels met vervaarlijke neus

Stormvogels met vervaarlijke neus

Noordse stormvogel, Foto Koos Dijksterhuis

Op de boot van Schotland naar Jan Mayen en Spitsbergen worden we vergezeld door Noordse stormvogels. Andere vogels houden dat minder lang vol, al deden drieteenmeeuwen hun best. Noordse stormvogels hangen dagenlang achter en om de boot. Ze zweven vlak boven water achter de boot, uit de wind. Dan zwenken ze na een minieme beweging van een vleugel razendsnel omhoog en opzij, om tegen de plotselinge wind in even soepel het schip voorbij te zweven, vlakbij.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Grasmot

Grasmot

Blauwooggrasmot, Foto Koos Dijksterhuis

Soms fladderen er piepkleine, lichtbruine vindertjes op, als ik door de tuin banjer. Ze gaan meestal gauw weer zitten, het zijn nachtvlinders. Tegen de avond worden ze actief. Maar hoewel ze het daglicht schuwen, komen ze wel op kunstlicht af. Ze vliegen zomaar naar binnen. Overdag wachten ze roerloos op de avond, hun vleugels gevouwen. Ze lijken een strootje. Hun antennes wijzen naar achteren, hun neus naar voren. Een lange neus is het.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Slechtvalk in boom

Slechtvalk in boom

Slechtvalk juv.,Foto Peter van Geneijgen

De slechtvalk heeft zijn positie als broedvogel volledig hersteld. Waren slechtvalken in het Europese laagland uitgeroeid door jacht en DDT, sinds de jaren ’70 klommen deze bliksemsnelle, gespierde binken weer langzaam uit het dal. Vanuit Duitsland werd het Nederlandse laagland heroverd. Aanvankelijk als wintergast, sinds 1990 ook als broedvogel. Het aantal steeg en nu zijn er meer dan honderd broedparen.

Slechtvalken kozen hoge flats en schoorstenen als broedplek. Vogelbeschermers hingen daar nestkasten op. Als vogel van rotswanden is die voorkeur voor stenige hoogten begrijpelijk. Maar in andere landen, en ooit ook in Nederland, broedden slechtvalken regelmatig op de grond en in bomen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Nieuwe langpoot

Nieuwe langpoot

Langpootmug Eutonia barbipes m., Foto Jeanette Essink

Nieuw, binnengekomen met stip, snel rijzend in de waarnemingentop: de langpootmug Eutonia barbipes. Afgelopen mei werd de soort voor het eerst sinds ruim een eeuw in Vlaanderen gezien. Op twee plekken zelfs. Toen kwamen in Nederland de insectenfreaks in actie. Wat België kan, kan hier ook. En waarachtig, de ene na de andere Eutonia barbipes diende zich aan. Kennelijk is de langpootmug veel minder afwezig dan gedacht. Er werd alleen niet op gelet.

En zeg nou zelf: let u op soorten langpootmuggen? Kent u mensen die dat doen?

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Poolvos op de berg

Poolvos op de berg

Poolvos, Foto Jeroen Reneerkens

Op Spitsbergen beklimmen we in een groep een steile berg, door diepe sneeuw. We sjokken in elkaars spoor. Toppen zijn altijd verderweg dan ze lijken. De sneeuw blijkt ook dieper dan gedacht. Soms zak ik er plotseling tot mijn kruis in. Het loopt moeizaam, maar is ongevaarlijk, zolang ik niet val en de helling afroetsj. Herhaaldelijk zie ik hand-afdrukken in de sneeuw en soms de sporen van een uitglijder. Wat als er nu een ijsbeer opdaagt? Het spoor is smal, de mensen voor me klimmen gestaag door, achter me klimmen ook mensen, als ik stop, moeten ze wachten. Ik klim dus ook gestaag door en voel me een schaap in een rij. Bijna bereik ik een sneeuwvrij deel.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Witte reus

Witte reus

Witte reus, Foto Jeanette Essink

Kent u de witte reus? Nee, geen wasmiddel, het wasmiddel heeft een grotere naamsbekendheid, maar de witte reus bestaat al veel langer. Het is een zweefvlieg.

De witte reus heeft een witte band over zijn voorlijf. Aan dat witte dankt hij ook zijn tweede naam: ivoorzweefvlieg, wat overdreven is, want de vlieg is grotendeels zwart.  Voor een zweefvlieg is het een zware jongen, dus dat reus klopt wel.

Zweefvliegen hebben twee vleugels en zijn vliegen die op wespen, bijen of hommels lijken. Wespen, bijen en hommels hebben vier vleugels. Onder mensen heeft het jezelf zijn hoog aanzien, maar onder zweefvliegen heeft het imiteren van andere insecten grote voordelen. Je kunt er afschrikwekkend door worden voor insecteneters en je kunt onopvallend iets stelen uit een bijennest of er je eitjes in leggen. Dat laatste doet de witte reus.

Lees Meer Lees Meer

DELEN