Hoewel er altijd enkele nachtvorstbestendige doorzetters zijn (kamille bijvoorbeeld is een taaie), zijn de meeste (na)zomerbloeiers nu echt wel uitgebloeid. De nieuwe generatie staat al in de wachtkamer. Toch is er ’s winters nog verrassend veel botanische kleur in de natuur te zien, als het geen al te grauw schemerweer is. …
Pas eind januari hoorde ik het vertrouwde en mij geliefde riedeltje van een heggenmus. Het is een hoog en snel liedje. Ik moet erbij denken aan de Engelse term quicksilver, maar dat betekent ‘kwik’ wat niet voldoet. Ik zou dan eerder voor ’snelzilver’ pleiten, maar dat begrip bestaat niet. Daarom noem ik het heggenmusriedeltje een liedje van zilverpapier. …
Als kind was ik al vertederd door houtduiven, destijds door mijn ouders bosduiven genoemd. Houtduiven leefden toen ook massaal in de bossen, terwijl ze graan- en maïskorrels aten op de akkertjes aan de bosrand, of soms midden in die bossen. Wijn woonden in Amersfoort op loopafstand van het bos, en houtduiven zullen vast in de groene, lommerrijke tuinen gebroed hebben. Of ze kwamen uit dat bos om op het akkertje van onze tuin korrels te oogsten. Want niet alleen klopte mijn moeder het tafellaken drie keer per dag uit, maar bovenal hadden wij een duiventil met een wisselend aantal tamme duiven. Er werd dus duivenvoer gestrooid en daar wisten de houtduiven wel raad mee. …
Dit is deel 1 in de reeks vogelgeluiden. Ik heb de Turkse tortel al gehad, dat was aflevering 0. De hele winter heb ik kool- en pimpelmezen gehoord, roodborstjes en winterkoninkjes. Die zingen in de lente uitbundiger, maar zwijgen in de winter niet.
Rond de kortste dag, waarna de dagen weer lengen, beginnen de grote bonte spechten te roffelen. Het gaat goed met die soort, sinds veel bosbeheerders dode bomen laten staan. Ook de erop lijkende middelste bonte specht zit in de lift, maar is lang niet zo talrijk als de grote. De grote is bovendien bosvogel, parkvogel, tuinvogel, en overal-waar-maar-een-paar-bomen-staanvogel. Dat is er nog een kleine bonte specht, zo groot is als een mus, die zich lastig laat zien. …
De witte reigers die zich in de winter laten zien op weilanden, akkers, heiden, in moerassen, bij plassen en rivieren, langs de spoor- en autowegen en in buitenwijken, zijn meestal grote zilverreigers. In het Deltagebied zijn kleine zilverreigers in de meerderheid, vooral ’s zomers. Kleine zilverreigers neigen naar zuidelijker winterverblijven, terwijl grote zich dan juist over het land verspreiden. Bovendien komen er duizenden grote zilverreigers uit Zuidoost-Europa bij. Ze zien er tropisch wit uit, maar vatten niet snel een koudje. Alleen als het land verstopt zit onder een korst van ijs, zullen ze zuidwaarts vluchten. Grote zilverreigers zijn ongeveer even groot als blauwe reigers, maar wat slanker. En helemaal wit, op hun zwarte poten en gele snavel na. …
Het Sterrebos in Groningen lag ingeklemd tussen overheidskantoren, Mesdag-gevangenis, Hereweg en Ringweg. Dankzij de ondertunneling van die autoweg wordt het oude stadsbos weer samengevoegd met de afgesneden noordelijke strook.
Dat klinkt goed voor dit sprookjesachtige bos van bijna zeven hectare. Het stamt uit 1765, en misschien wel het oudste bos van Nederland. Het dankt zijn naam aan een stervormig padenpatroon, dat later veranderd is in romantische slingerpaden. De gemeente beschouwt het Sterrebos als een van de acht kroonjuwelen, met een ‘hoge omgevingskwaliteit’, waar het beleid ‘is gericht op bescherming en instandhouding’. …
U heeft vast opgemerkt dat er op Texel een zeldzame vogel is ontdekt. Op Texel zitten vaker zeldzame vogels, maar dit is een superzeldzaamheid waar zoveel vogelaars op afkomen dat de veerboten naar Texel volstromen. Het betreft een eend; een eidereend, om preciezer te zijn. Een brileidereend zelfs. Die is genoemd naar de witte rondjes om de ogen die lijken op een uilenbril. …
Vandaag begint de tuinvogeltelling die Vogelbescherming al voor de 25e keer organiseert. Vandaag, morgen of overmorgen tellen duizenden Nederlanders een half uur de vogels in hun tuin. Dat daar onbetrouwbare gegevens uit voortkomen, omdat mensen zouden kunnen smokkelen en wellicht enigszins overdrijven, mag de pret niet drukken. Integendeel, het is een mooi initiatief om mensen warm te maken voor vogels. En er vallen nog wat trends uit te destilleren ook.
Zo waren huismus, spreeuw en merel de traditionele top-3. De spreeuw is al uit de top-10 gekukeld en de merel staat op 7 of 8. De huismus staat nog op 3 maar is voorbij gestreefd door de pimpel- (2) en koolmees (1). …
Voor ons huis staat een leilinde. Dat is een lindeboom die in een gekunsteld vlechtwerk is gedwongen. Kwestie van takken snoeien en leiden. Ik vind het wel wat hebben, omdat het een oud gebruik is en de boom in de zomer als een natuurlijk zonnescherm fungeert.
Op de onderste en dikste zijtak zit een laag mos. In dat mos staan piepkleine paddenstoeltjes. Kabouters moeten wel minuscuul zijn, willen ze er iets aan hebben als zitmeubels. Een pad zou ze vermorzelen. …
Van verschillende lieden kreeg ik de melding dat ze kieviten hadden gezien. Kieviten, midden in de winter, nou nou nou. Het klimaat verandert sneller dan de somberste doemscenario’s voorspelden, maar kieviten trekken in de winter niet weg. Alleen bij aanhoudende vorst taaien ze af naar waar de grond niet te bevroren is om snavels in te prikken en waar het water niet te hard is om te drinken. …