Vierentwintig stippen in het ei

Jeanette Essink gaat vaak op safari in haar tuin. Ze heeft een grote tuin, vol wilde planten die in alle kleuren bloeien. De variatie aan insecten is er verbazingwekkend.
Jeanette struint rond in laag tempo, speurt achter takken en loert onder blaadjes en maar weinig kleinoden ontgaan haar. Althans, zo lijkt het. Wat je ontgaat zie je niet en weet je niet. Maar ze weet van alles te vinden en gebruikt daarbij een kleine verrekijker voor de korte afstand, al zou je het ook een loep voor de lange afstand kunnen noemen. …








