Sneeuw!

Voor de sneeuw viel, scheen de zon. De velden zagen wit van rijp, de bosranden oranje van het strijklicht. Prachtig wandelweer. We maakten een ommetje van een uur. Tussen het gras in de bermen zagen we perzikkruid, paardenbloem en melkdistel bloeien. Het gras zelf maakte ook geen slaperige indruk, somige halmen stonden fier overeind, in volle bloei.
Een haas drukte zich roerloos tegen het gras in een weiland. Hij leek een aardkloot of een stompje hout. Honderden meters achter de haas zat een buizerd op een paal. Ik richtte mijn verrekijker op hem en hij vloog weg. Zo’n vogel ziet zonder kijker misschien wel even scherp als ik met. Van zo’n afstand laat zo’n vogel zich al opschrikken. Terwijl buizerds niet mensenschuw zijn. Schuwere vogels krijgen in Nederland nooit rust. …







