Natuurdagboeken op dijksterhuis.net
Afscheidsvlinder

Afscheidsvlinder

Oleanderpijlstaart. Foto Ellis Castel
Oleanderpijlstaart. Foto Ellis Castel

Soms menen mensen tekenen te ontvangen van pas overleden dierbaren. Een knipperende lamp bijvoorbeeld. Lampen kunnen knipperen, maar alleen als ze dat kort na een overlijden doen, wordt het verband met overledenen gelegd. Een lamp laten flakkeren… als een overledene iets te zeggen heeft, kan ie dat toch beter ergens opschrijven? Of iets kenmerkends doen? Maar misschien heb je het als overledene niet voor het kiezen.

Ooit stierf een buurman van me waar ik bij was. Zijn weduwe kreeg vervolgens en paar keer een kikker in huis en sloot een verband niet uit. Buurman zaliger zag niet groen, sprong noch kwaakte maar was wel kaal, dus het zou kunnen. Kus de kikker, stelde ik voor…

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Pijlen boven zee

Pijlen boven zee

Grauwe pijlstormvogel. Foto Koos Dijksterhuis
Grauwe pijlstormvogel. Foto Koos Dijksterhuis

Nog één keer zeevogels. Afgelopen weken werden boven zee veel pijlstormvogels gemeld. Ik heb er nog nooit één in Nederland gezien, en hoop op een waarneming tijdens een zeevogelexcursie.

Zo’n herfstige vaartocht blijkt een langdurige evenwichtsoefening. De deining is flink en ik tracht zeeziekte te vermijden door me centraal op te stellen. Maar aan de achterkant van het schip heb je de meeste kans op bijzondere zeevogels, want meeuwen en andere gevederden volgen de boot. Ik heb nu afwisselend zicht op de onstuimige zee met een wolk meeuwen erboven, en op gemutste achterhoofden van de vogelaars die zich een meter of vijf laten jojoën.

Als iemand schreeuwt dat er een ‘grauwe pijl!’ in beeld komt, begeef ik me toch maar naar het achterdek. En ja hoor, de pijlstormvogel laat zich prachtig zien. Hij of zij heeft een tamelijk stevige buik, maar lange, slanke vleugels. Op de kleine haaksnavel is een buisje te zien. Hij dobbert even tussen de mantelmeeuwen en vliegt dan weer op, om de boot heen. Hij zweeft en zwenkt tussen de golven door, soms even klapwiekend.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Jagende jagers op zee

Jagende jagers op zee

Kleine (L.) en kleinste jager (R). Fotos Koos Dijksterhuis
Kleine (L.) en kleinste jager (R). Fotos Koos Dijksterhuis

Jagers zijn roofmeeuwen die meeuwen hun voedsel afpakken. Er komen in Europa vier soorten voor: de grote, de middelste, de kleine en de kleinste jager. Als er een nieuwe soort wordt ontdekt die nog kleiner is, dan wordt dat wellicht de allerkleinste jager.

Vanuit de boot waarmee we zaterdag op zee voeren, zagen we tien kleine jagers en twee kleinste. Kleinste jagers zag ik veel op Groenland, waar ze op de toendra broeden. Voordat deze zich aandiende, had ik er in Nederland nooit een gezien. Kleine jagers zie ik in september soms bij Schiermonnikoog. Ik vind dat altijd geweldig. Ze gedragen zich als roofvogels; ze zijn ongelooflijk snel en wendbaar en volhardend. Een grote mantelmeeuw legt het af tegen een kleine jager. Zeevalk zou een goede naam zijn.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Jan van Gent aan dek

Jan van Gent aan dek

Jan van Gent aan dek. Foto Koos Dijksterhuis
Jan van Gent aan dek. Foto Koos Dijksterhuis

Gisteren schreef ik over de Jan van Gent met een stuk visnet om de snavel. Die zou vogelgriep overleefd hebben, schreef ik, en kwam vervolgens door dat visnet aan zijn eind.

Hoe weet ik dat ie aan zijn eind komt? Dat weet ik niet, maar ik vermoed het. Hoe weet ik of ie vogelgriep overleefde? Omdat ie leeft, nadat de pandemie zorgde voor duizenden dode Jan van Genten. Ze spoelden in 2022 massaal aan. Ook op Schiermonnikoog vond ik ze. Bass Rock, het eilandje bij Edinburgh, zag jarenlang wit van de grootste kolonie Jan van Genten, met naar schatting 150.000 vogels, maar is ziet nu weer overwegend grijs.

Of die vogel zelf vogelgriep had? Ja. Dat zie ik op de foto. Jan van Genten hebben blauw omrande ogen met een lichtblauwe iris. Als ze een infectie met vogelgriep te boven zijn gekomen, is die iris zwart. Deze ontdekking werd een half jaar geleden gedaan door de Britse Vogelbescherming.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Meeuwen en een Jan

Meeuwen en een Jan

Jan van Gent met visnet. Foto Koos Dijksterhuis
Jan van Gent met visnet. Foto Koos Dijksterhuis

Het had gestormd uit het noordwesten en op de Noordzee betekent dat twee dingen: zeevogels waaien richting Nederland en het water wordt opgezweept richting Nederland. Golven dus. Om 8 uur staken wij van wal in Lauwersoog. Wij voeren langs Schiermonnikoog en Engelsmanplaat en kwamen een flink eind ten noorden van Ameland uit. De wind waaide al veel minder maar de golven rolden soms over het dek van het naar makreel en kabeljauw ruikende motorschip De Dageraad. Een excursie van Birding Holland.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Honingbij tankt bij

Honingbij tankt bij

Honingbij. Foto Koos Dijksterhuis
Honingbij. Foto Koos Dijksterhuis

Zolang het warm is, vliegen er honingbijen. Die moeten dan wel af en toe nectar of andere zoete brandstof kunnen innemen. Vliegen kost energie. Bijen worden er warm van, zeker honingbijen, want die dragen een bontje. Ze zijn er op maartse lentedagen altijd snel bij en kunnen de winter overleven. Met hun gefladder houden ze hun winterverblijf in een holle boom, een kast of korf op temperatuur. Als u een minuut zo snel mogelijk als een pinguïn met uw armen klapwiekt, krijgt u het waarschijnlijk warm en wordt u moe. Maar hoe snel u ook klapwiekt, u haalt het niet bij een honingbij. Die slaat, lees ik op internet, per seconde 230 keer haar of zijn vleugels uit.

Nu, in de nazomer, sterven er veel bijen. Zo blijven er minder over die op de wintervoedselvoorraad aangewezen zijn. De mannetjes, die zelf geen bal uitvoeren maar zoals bij de meeste diersoorten een nauwelijks bredere functieomschrijving hebben dan die van zaaddonor, worden na de paringsvlucht verstoten. De werksters jagen de achterblijvers het nest uit, zo nodig met hun angel.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Losgewoelde strandschelpen

Losgewoelde strandschelpen

Grote strandschelpen. Foto Koos Dijksterhuis
Grote strandschelpen. Foto Koos Dijksterhuis

Op het strand van Schiermonnikoog is duidelijk te merken dat het enige tijd ervoor hard heeft gewaaid vanuit het noordwesten. De vloedlijn ligt vol drijvende objecten als de skeletten van zeeklitten, de skeletten van inktvissen, eierkapsels van roggen en het nodige plastic. Tegelijk liggen er veel door woeste baren losgewoelde zeeanemonen, goudkammetjes en zandkokerwormen, strand- en breedpootkrabben, en ook verse schelpdieren. Die laatste leven (in hun specifieke geval leefden) kennelijk niet ver van de kust in zee en spoelen nu aan.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Spreeuwen zijn niet uit hun humeur te krijgen

Spreeuwen zijn niet uit hun humeur te krijgen

Spreeuwendans Foto Erik Hijweege
Spreeuwendans. Foto Erik Hijweege

Dreigende wolken boven een weids landschap, dat beschouwen we vaak als typisch Hollands. Wel, wolkenluchten zijn buiten Holland zeker zo Hollands, tot in Friesland aan toe! Daar toog fotograaf Erik Hijweege een winter lang door het land om grillige wolken vast te leggen. Hij beperkte zich tot de grilligste aller wolkformaties: spreeuwenwolken.

Hijweege stelt die foto’s tentoon in het charmante Natuurmuseum te Leeuwarden, samen met de spreeuwenparafernalia uit het museale rariteitenkabinet. De tentoonstelling wordt aanstaande vrijdagmiddag geopend om 4 uur. Als lezer van mijn Natuurdagboek bent u welkom bij de opening, als u zichtenminste vandaag aanmeldt met een mailtje naar opening@natuurmuseumfryslan.nl

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Watersalamanders leven op het land

Watersalamanders leven op het land

Kleine watersalamander. Foto Koos Dijksterhuis
Kleine watersalamander. Foto Koos Dijksterhuis

Kleine watersalamanders doen hun naam deels eer aan, maar anderdeels juist niet. Het zijn kleine diertjes; een volwassen kikker is vaak langer zeker zwaarder. Maar ik kom ze meestal op het droge tegen. Kleine watersalamanders gaan alleen in de paartijd te water, van maart tot mei of juni.

Nog even en ze gaan in winterslaap, en nu leven ze te land. In niet aangeharkte tuinen in de buurt van water zijn ze gemakkelijk te vinden. Maar je moet er oog voor hebben. Ze gedragen zich heel anders dan de volstrekt niet aan salamanders verwante muurhagedissen. Hagedissen zijn reptielen, salamanders amfibieën. Een salamander en een hagedis zijn zo verwant als een mens en een merel. Muurhagedissen zijn in Zuid-Europese landen algemeen. Ze rennen over muren en rotsen, af en toe een roerloze pauze inlassend. Ze houden meer van zon en warmte dan van water en koelte.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Een rat tussen de duiven

Een rat tussen de duiven

Bruine rat Basel. Foto Koos Dijksterhuis
Bruine rat Basel. Foto Koos Dijksterhuis

Zoon en ik arriveren per nachttrein hondsvroeg in Bazel. Daar zien we een plein, deels bedekt door een tijdelijk terras op een houten vlonder, een decimeter boven het wegdek. De tent is nog dicht, maar waar mensen waren, is afval, zelfs in dat propere Zwitserland. Op de stenen liggen etensresten en zonnepitten, waar tientallen stadsduiven zich aan tegoed doen. En een rat: een bruine rat.

Bruine ratten (Rattus norvegicus) kunnen dertig centimeter lang worden, nog afgezien van hun staart, maar halen meestal de twintig centimeter nog niet. Als mensen ratten zien, denken ze vaak dat het muizen zijn, omdat ze denken dat ratten agressieve monsters van een halve meter zijn. Maar ratten zijn kleiner en zeker zo bang voor mensen als mensen voor hen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN