Sturmia

Sturmia, noemde mijn vader de groenknolorchis. Het was één van de twee kostbaarste kleinoden die je op Schiermonnikoog kon vinden. De andere heette herminium, honingorchis. De laatste is er nu niet meer, de eerste wel. Hij heet nu geen sturmia meer, maar Liparis loeselii. Het is een pionierplant van jonge, vochtige, kalrijke, kale strandvlakten en duinvalleien. Strandvlakten en duinvalleien blijven nooit lang kaal, er komt van alles groeien. Eerst groenknolorchis, ogentroost, dwergzegge en een paar andere orchideeënsoorten. Daarna grotere grassen, kruipwilgen en duindoorns. En dan houden de groenknolorchissen het voor gezien. Dan verhuizen ze naar andere plekken, die net zijn kaalgeslagen door zee en wind. Dat doen ze via hun ragfijne zaad, dat overal heen waait, ook naar goede gronden. …








