Natuurdagboeken op dijksterhuis.net
Balletdansers boven zee

Balletdansers boven zee

Grote sterns. Foto Koos Dijksterhuis
Grote sterns. Foto Koos Dijksterhuis

Aan het strand van Schiermonnikoog krijg je in de loop van juli gezelschap van grote sterns. Hun eieren zijn uitgebroed, hun jongen vliegvlug. Samen met vader of moeder schuimen ze de kust af, op zoek naar spiering, zandspiering, jonge haring of andere kleine visjes. Twee aan twee deinen ze over, voortdurend krassend met elkaar pratend: ‘krr, krr’. Ik hoor ze meestal eerder dan dat ik ze zie. Ik ben gek op ze, ik vind ze één van de mooiste vogels. Ik zat ooit een week op Griend, waar ze broeden. Vanuit een schuilhutje zag ik ze van vlakbij. Sneeuwwit lijf, zilvergrijze vleugels, zwarte kap en kuif, zwarte snavel met knalgele punt. Met half afhangende vleugels draaiden ze om elkaar heen, een waar ballet, met die vleugels als een zilveren tutu. Grote sterns nemen de term ‘paringsdans’ letterlijk. Ook in vlucht dansen ze. In hun verende vleugelslag deinen grote sterns door de lucht. Om ineens te zwenken, hun slanke vleugels in te klappen en als een pijl de zee in te flitsen. Beet! …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Natuur in de verkoop

Natuur in de verkoop

Foto Koos Dijksterhuis
Foto Koos Dijksterhuis

Voor en vooral sinds de draconische bezuiniging  op het toch al marginale bedrag dat wij met ons allen voor natuurbescherming over hebben, benadrukken natuurbeschermers dat de natuur geen geld kost, maar juist oplevert. Indirect aan CO2-opname, drinkwaterleveranties, frisse lucht. Direct aan hout en vooral aan recreatie en horeca. De meeste Nederlander recreëren nou eenmaal liever aan een bosrand met uitzicht op een heide dan op een bedrijventerrein tussen golfplaten loodsen. Juist. In de pannekoekenhuizen, bungalow- en vakantieparken worden miljoenen besteed. Van de toeristenbelasting, grotendeels te danken aan de natuur, wordt geen cent aan natuur besteed. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Zandbij met zandbijwaaiertjes

Zandbij met zandbijwaaiertjes

Grijze zandbij met zandbijwaaiertjes. Foto Remco Hiemstra
Grijze zandbij met zandbijwaaiertjes. Foto Remco Hiemstra

Wachten zandbijen doorgaans op lekker weer voor ze zich vertonen, sommige komen in maart al uit hun holen. In Friesland werd dat opgemerkt door Remco Hiemstra, die de zandbijenorgie beschrijft in de laatste Twirre, tijdschrift over natuur in Friesland. De Friese grijze zandbijen darden om elkaar heen en bedreven de liefde. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Plant eet sprinkhaan

Plant eet sprinkhaan

Zonnedauw +sprinkhaan. Foto Koos Dijksterhuis
Zonnedauw +sprinkhaan. Foto Koos Dijksterhuis

Een jong sprinkhaantje zit vastgeplakt aan de kleefdraadjes van een zonnedauw. Ik weet één plek op Schiermonnikoog met zonnedauw en er is meer van dan ooit, bordeauxrode plakkaten van zonnedauw bedekken de bodem. Het sprinkhaantje leeft nog, het beweegt. Zal ik ‘m redden? Ik red ‘m niet. Hij zou vast een pootje verliezen. En die zonnedauw moet ook eten. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Rode hoed

Rode hoed

Braakrussula. Foto Koos Dijksterhuis
Braakrussula. Foto Koos Dijksterhuis

In de zomer kun je al heel wat paddestoelen vinden. Nu het iets vochtiger wordt, schieten de inktzwammen de grond uit. Onder beukebomen verschijnen eekhoorntjesbrood en andere boleten. In dennenbossen kun je zwammen met scharlakenrode hoeden vinden: russula’s. Sommige hebben een spierwitte steel. Als die rode hoed een beetje plakkerig is, die bovendien fruitig ruikt, is het vast en zeker een braakrussula. Wilt u dat zeker weten, neem dan een hapje. Als de smaak zeer scherp is en u braakneigingen en heftige diarree krijgt, dan was het beslist een braakrussula. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Daas op het strand

Daas op het strand

Veldknobbeldaas Hybomitra montana. Foto Koos Dijksterhuis
Veldknobbeldaas Hybomitra montana. Foto Koos Dijksterhuis

Op het strand van Schiermonnikoog droog ik op van zwemmen in de branding. ‘Zzzz’, een opdringerig insect dramt wesp-achtig om me heen. Hij probeert op me te gaan zitten. Ik sla hem weg. Wespen kun je beter niet wegslaan, maar dit is geen wesp, dit is een daas. Als je een wesp wegslaat, moet je hem een oplawaai geven waar hij meters door uit de koers raakt. Bij dazen is dat niet nodig, die laten zich door een klein tikje al uit het veld slaan. Ze dwarrelen naar de grond waar ze opkrabbelen om opnieuw toe te slaan. Hun beet is pijnlijk.

Dazen komen vaak als je net hebt gezwommen. Dan ben je goed te ruiken voor dazenneuzen. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
De multifunctionele alikruik

De multifunctionele alikruik

Alikruik + heremietkreeft + zeepok + zeerasp. Foto Koos Dijksterhuis
Alikruik + heremietkreeft + zeepok + zeerasp. Foto Koos Dijksterhuis

Op het strand ligt een alikruik. De alikruik is dood, alleen zijn schelp ligt er. Alleen zijn schelp? Dat is een understatement. Er zit een heremietkreeft in, een zeepok op en het geheel is gehuld in een laagje zeerasp.

Eerst even de alikruik. Dat is een zeeslak die stevige ondergrond nodig heeft. Daarover kruipt hij, zeewier grazend. En daarop hecht hij zich vast als hij droogvalt. Alikruiken kunnen zich boven water urenlang aan een steen, paal, oester of ander fundament vastklampen. Dan zijn ze een gemakkelijke prooi voor mensen die ze plukken. Alikruiken of krukels smaken goed maar je hebt er nogal wat nodig voor een mondvol en je moet ze één voor één uit hun schulp pulken met met een tandenstoker. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Duinparelmoer

Duinparelmoer

Duinparelmoervlinder. Foto Koos Dijksterhuis
Duinparelmoervlinder. Foto Koos Dijksterhuis

Hé, een parelmoervlinder. En een grote ook. Nee, niet de grote parelmoervlinder. Het is de duinparelmoervlinder. Duinparelmoervlinders leven in de duinen van Noord-Holland en de waddeneilanden, en op de Hoge Veluwe. Ze zijn zeldzaam. Maar op Schiermonnikoog lijkt hun aantal toe te nemen. Ze houden van de schrale plantengroei in duinvalleien. Schrale duinvegetaties zijn zeldzaam geworden, maar op Schier houdt Natuurmonumenten ze in stand. Soms worden er tientallen duinparelmoervlinders gemeld uit één duinvallei. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Landmeeuwen

Landmeeuwen

Kokmeeuwen. Foto David de Leeuw
Kokmeeuwen. Foto David de Leeuw

Meeuwen komen in de literatuur vaak voor als decor. Altijd krijsen ze. Meestal worden ze zeemeeuwen genoemd. Zeemeeuwen bestaan niet. Ze worden zo genoemd omdat meeuwen vaak aan zee rondhangen. Maar meeuwen leven net zo goed aan land. Ze zijn evenzeer stads als zees. Ze broeden zelfs in steden. In Haarlem werd ik aangevallen door een zilvermeeuw. Die hield de wacht op een nok bij zijn nest en dook op voorbijgangers. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Bloedrode bloem

Bloedrode bloem

Papaver. Foto Koos Dijksterhuis
Papaver. Foto Koos Dijksterhuis

Ooit wandelde ik met een bevriende kunstenaar. De berm van ons pad stond vol klaprozen. Vuurrode vlekjes in het groen. Vriend zei dat veel bloemen rood zijn, omdat rood het meest opvalt in het groen. Rood en groen zijn complementaire kleuren. Dat klonk intelligent en aannemelijk.

Laatst merkte vriendin op dat er behalve de klaproos geen rode bloemen zijn. Koortsachtig somde ik bloemen op als rode pimpernel, rood guicheilheil, rode klaver. Nee, vond vriendin, die zijn paars of roze of oranjerood. Geranium dan, dahlia, tulp, roos? Ja, doorgekweekte tuinbloemen. Maar in het wild?

Ze heeft gelijk, ik fiets en wandel rond, speurend naar rood. Rozebottels, appels, stengels van zuring en kornoelje, herfstbladeren. Maar bloemen? Nop, behalve de klaproos dan.

Nu de zomer vordert, hebben paarse en roze bloemen de overhand. Koekoeksbloemen, kattenstaarten, wilgenroosjes, andoorns, distels, knoopkruid; allemaal roze of lila. Gele, blauwe en witte bloemen zijn er ook, maar minder dan in de lente. Aardhommels zijn de eerste bestuivers in het voorjaar, en hebben een voorkeur voor geel. Misschien houden bijen van lila. Misschien is het ook toeval.

Rood is de kleur van bloed. Daarom dachten mensen vroeger dat papavers groeiden op de plek waar iemand bloedig was vermoord. Op de slagvelden van Eerste Wereldoorlog bloeiden de klaprozen welig, dus dat klopte met de theorie. Klaprozen zijn licht ontkiembare planten. Ze doen het in de brandende zon op uitgedroogde, kale, verstoorde grond, als andere planten het laten afweten. Het probleem met klaprozen is, dat het ook verstoorde, kale grond móet zijn. In de tuin geven wilde klaprozen het na een jaar op. Kale grond naast de spoorlijn bevalt hen beter, of een braaklandje, of een slagveld.

(Natuurdagboek Trouw 23 juli 2013)

DELEN