Natuurdagboek 2011
Vroeg of laat een hommel

Vroeg of laat een hommel

Aardhommel op wilgenkatje, foto Jeanette Essink

Er zoemde een hommel, een mollige aardhommel, bij de gele bloemen van mahonia. Dat in december een hommel rondzoemt is, nou ja, met klimaatverandering heeft het vast niets te maken. Want als ik een verband met klimaatverandering zou suggereren, zouden klimaatsceptische ruziezoekers meteen woeste dreigmails sturen. Ik houd niet van woeste dreigmails. Maar opvallend vind ik het wel, dat een insect, dat een paar jaar geleden hooguit tot oktober rondvloog, in december voor een bloem hangt alsof het hartje lente is.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Mantels van Sint Jacob

Mantels van Sint Jacob

Wijde mantels, foto Koos Dijksterhuis

Onlangs was het dag van de mantelzorg. Er zijn zoveel dagen van, er is geen dag meer zonder van te vinden. Dag van de secretaresse, van de openbare ruimte, er is niets wat zijn dag niet heeft, er is zelfs een dag van de klant! Zulke dagen vallen soms samen met oude bekenden als dierendag en Sint Maarten. Maarten werd heilig verklaard omdat hij zijn jas doormidden scheurde en de helft aan een bedelaar gaf. Een halve jas! En bedankt hè. Ik gaf laatst een hele jas aan een bedelaar. Maar heilig verklaard worden, ho maar. Gelukkig is er al een heilige Jacobus.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Straatgeweld

Straatgeweld

Snelweg A28

Het is Sinterklaas, moet Rutte gedacht hebben, er kan nog wel een schepje bovenop. We doen een stuk of honderd miljoen extra bij de 9 miljard die we al uitgeven aan nieuw asfalt. Extra bezuinigen moeten we toch al, de 17 miljard blijken niet strak genoeg voor onze broekriem, maar daarvoor offeren we gewoon nog meer gezondheidszorg, cultuur of natuur op. Of alledrie. Dan geven we een Sint-cadeautje aan Henk, Ingrid en die andere proleten die maar aan één ding denken: intrappen dat gaspedaal! Zoiets moet Rutte gedacht hebben.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Plaggenhut in den Treek

Plaggenhut in den Treek

Treekermeertje, foto Koos Dijksterhuis

Op mijn nostalgische fietstocht vanuit Amersfoort kan Den Treek niet ontbreken. Als kind liet ik vaak twee naburig wonende honden uit. Mijn actieradius nam toe met mijn leeftijd: tot Woudenberg struinde ik door de bossen. Ik inventariseerde er broedvogels, mijmerde er over onbereikbare liefdes, keek er naar reeën en groef met een vriendje een ondergrondse hut. Die lag op vijf kilometer afstand van huis op een strikt geheime plek. In een verzegelde envelop had ik hem op een zelfgemaakte plattegrond aangeduid, voor als we niet thuis zouden komen en gezocht moesten worden. Daar kwam het niet van.

Na die en die bocht moest je een zandpad in. Bij de greppel linksaf, zo’n twintig meter onder jonge dennenaanplant doorbukkend. Dan nog een paar meter naar rechts, waar hogere bomen stonden. We zeulden een schep mee en groeven een fikse kuil. Dennenstammen erover, plaggen en naalden. Een luik van plaggen erop en je zag er niets van. Er was een uitkijkboom, er renden eekhoorns om de hut en er waren zwarte sloten waar we overheen en soms in sprongen. In de hut hadden we een kaars, waaraan we onze drijfnatte sokken probeerden te drogen. We fantaseerden over Robin Hood-achtige heldendaden en bespraken puberzaken.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Woekerwarrel

Woekerwarrel

Warrelknoest Lokhorst, foto Koos Dijksterhuis

Soms heeft een boom last van een enorme knoest in zijn stam. Het kunnen allerlei bomen zijn, maar berken hebben vaker zulke knoesten dan andere bomen. Ze heten warrelknoesten of warrels. Zo’n warrel is een woekering, de passieve groeiknoppen schrikken wakker en beginnen als een bezetene te groeien. Dat lijkt op de groei van heksenbezems, maar warrels worden niet door de heksenbezemschimmel veroorzaakt. Waarschijnlijk kunnen allerlei andere aantastingen van de boom wel tot een warrel leiden, bijvoorbeeld een aan een spijker gehangen nestkastje, insectenvraat of een bacteriële infectie.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Onder de beuken van Lockhorst

Onder de beuken van Lockhorst

Dode beuk met zwammen en mos, foto Koos Dijksterhuis

Om 2 uur moet ik in Amersfoort zijn en om 5 uur weer. De tussentijd kan ik bekenden opzoeken, klaascadeautjes kopen in de binnenstad of het bos in. De zon schijnt, het is zacht, ik kies bos. Ik fiets langs het oude Pon-spoorwegje (waarvan het talud hazelwormen huisvestte, tot het geasfalteerd werd) naar het Lockhorsterbos. Dat ligt klem tussen het enkelspoor, de Heiligenbergerbeek en de A-28.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Schildpad op water

Schildpad op water

Zaagrugschildpad, foto Koos Dijksterhuis

Het is windstil, we fietsen door de stad, we passeren een stadsvijver en in het water trekt een rimpeling onze aandacht. De rimpeling heeft een V-vorm en beweegt zich in de richting die de V wijst. Vooraan steekt iets uit het water, een bolletje. Ik herken het bolletje van eerdere ontmoetingen op andere plaatsen, vooral in Zuid-Europa. Het is een schildpad.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Kleurige smienten

Kleurige smienten

Smienten: eend (voor) en woerd, foto Koos Dijksterhuis

Als ik overdag bezoek krijg, en de zon schijnt, troon ik het bezoek graag mee naar buiten. Een ommetje. Ik heb diverse ommetjes, van een half uur tot twee uur, ik ken alle routes al, maar er is altijd wat te zien, saai is het nooit. In het kleine natuurmonument Kardinge, ten oosten van Groningen, zijn in de zomer weidevogels en rietorchissen, in de winter eenden te zien. Slobeenden, tafeleenden, kuifeenden, krakeenden, wilde eenden en smienten, vooral smienten. Met tientallen drommen de smienten samen, te land en te water.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Uitheemse natuur

Uitheemse natuur

Duinen, foto Lucas Lauxen

Omdat ik de strijd tegen Amerikaanse vogelkers opgaf, kreeg ik een brief met een stapel kopieën van Kees Priël van de Werkgroep Herstel Inheems Duin. Priël wijst op de nadelen van Amerikaanse vogelkers en andere exoten. Als hersteller van het inheemse duin doet hij zelf aan ‘actief beheer’, zoals bomen uittrekken of omzagen.

De duinen verdwijnen namelijk onder bos. Berken, meidoorns, lijsterbessen, wilgen, dennen en Amerikaanse vogelkersen gedijen er uitstekend. Vroeger waren de duinen te nat, te schraal, te vol met konijnen. Nu zijn ze verdroogd, bemest met wat er uit landbouwgebieden overwaait, terwijl konijnen strierven aan een virus.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Late zomer, vroege lente

Late zomer, vroege lente

Grasmuur, © Jeanette Essink

Een graadje nachtvorst deert ze niet, veel planten blijven maar doorbloeien. Jakobs- en klein kruiskruid, boerenwormkruid, koekoeksbloem, duizendknoop, kamille, paarse dovenetel, stokroos, kaasjeskruid, akkerkool, duizendblad, zwarte nachtschade – tussen de tegels, in perkjes en aan de voet van straatbomen in de stad bloeien ze alsof hun leven ervan afhangt. In zekere zin hangt hun leven er ook van af. Daarom steken planten, als ze op sterven na dood zijn, hun laatste krachten in een bloem, een vrucht, zaad. Als zaad kunnen ze magere tijden overbruggen. Lukt overleven nu niet, dan later misschien. Ook de winter is een te overbruggen magere tijd. Ik zag een volledig verlepte, bruine tros windestengels in een struik hangen, haagwinde, met één uitbundige, sneeuwwitte bloem eraan.

Tussen de tegels in de stad is het trouwens iets warmer dan in de natuur, of je moet als plant al de meevaller hebben in een beschutte duinpan te staan. Ook daar bloeien sommige planten maar door.

Lees Meer Lees Meer

DELEN