Heeft u wel eens een bosje cleistogame bloemen geplukt of gekocht? Nee natuurlijk; cleistogame bloemen zijn niet zo fraai en bloemrijk. Tarwe bloeit cleistogaam en ook viooltjes hebben cleistogame bloemen. Die krijgen ze in de nazomer. Cleistogame bloemen zijn naar binnen gekeerd, ze lokken geen insecten, ze doen aan zelfbevruchting. …
Op Texel lopen we uit De Koog noordwaarts. Eerst door dennenbos en duin. De bosbodem ziet wit van sneeuwklokjes. Bij het paviljoen betreden we het strand. Heen over het het strand, met rugwind. Terug door de duinen, is het plan.
Het is druk op het strand, met wandelaars en honden. ’s Middags is het stil. Hondenuitlaattijd is voorbij. Maar eerst lopen we kilometers langs de vloedlijn. De zee is dichtbij, het was volle maan. Zilver- en mantelmeeuwen rusten op de duinen. Er liggen veel kokkels in het zand. Er liggen ook mossels, boormossels, strandgapers, tepelhorens en strandschelpen, maar veel zijn het er niet. Oesters zijn er wel veel: verweerde oesters, van voor de jaren ’20, toen ze uitgeroeid werden door oestervissers en een oesterziekte. Een enkele wulk. Er liggen veel steentjes op het strand. Enorme brokken beton zelfs, een bunker die langzaam in zand en zee zinkt. Wat die Duitsers niet aan beton langs de kust hebben gebouwd, zo zinloos. …
Woensdag heeft de zon geschenen in Groningen! In de luwte van een bosrand wordt het zelfs warm. Die bosrand ziet geel van speenkruid en klein hoefblad. Er bloeit ook een zee van kleine veldkers, maar die bloemen zijn zo klein, dat de bosrand er niet wit van ziet.
Enkele verdwaalde koolzaadplanten staan al in bloei. Sleedoorns kleuren langzaam wit, meidoorns groen. Langzaam? Snel juist, je ziet bijna de bosranden verkleuren. Forsythia bloeit volop, ribes begint, Amerikaanse vogelkers staat op knappen, de kleverige knoppen van kastanjes vouwen hun lichtgroene bladeren uit. Groot hoefblad bloeit nu ook, paarse dovenetel, hondsdraf. …
Nederland is wilgenland. Wilgen houden van vocht en kunnen tegen natte voeten. Ze laten zich gemakkelijk stekken, groeien snel en overal, wat ze een voorsprong geeft op andere bomen in een dichtbevolkt land als het onze, dat vaak opgeruimd wordt en zijn hoeveelheid asfalt onstuitbaar uitbreidt.
Dat alleen al is reden voor een jaarlijks stukje over wilgen. Maar er is een dringender reden. De katjes. Wilgenkatjes zijn niet alleen een lentebode, ze zijn simpelweg heel mooi. …
Stralend weer was het toen we naar Texel gingen. We gingen erheen voor een boekpresentatie en knoopten er twee dagen zeelucht aanvast. Wat een bof dat de lente zou doorbreken!
Toen we Den Helder betraden, drong kille zeemist binnen. Twee dagen bleef het bewolkt en koud. Zodra we weer thuis waren, brak de zon door. Ik ben niet bijgelovig, maar soms denk ik er het mijne van. …
Net als de bruine kikkers, zijn de heidekikkers op vrijersvoeten. Heidekikkers lijken op bruine kikkers, maar hebben een wat spitsere snuit en meestal een lichte rugstreep. Ze leven bovendien op de hei en knorren niet als bruine kikkers maar maken borrelende geluiden: ‘blob blob’, alsof je een melkfles onder water duwt. …
In deze kast broedden eerst pimpelmezen (keurig mos) en vervolgens ringmussen (rommelig gras), Foto Koos Dijksterhuis
Ieder jaar kunnen we in tijdschriften lezen over nestkastjes. Soms staat erbij dat we ze in november hadden moeten ophangen. Zodat vogels alvast de broedplaatsen konden verkennen en erin konden slapen. Voor november zijn we in maart te laat. Ook staat erbij dat de vliegopening op het noordoosten moet zitten. Dan kunnen de vogeltjes zich warmen aan de morgenzon en worden ze niet gaargestoofd door de middagzon.
Verder staat erbij dat iedere soort z’n eigen kast behoeft. Je kunt geen vogelsoort bedenken, of er is een specifieke nestkast voor. Zelfs voor winterkoningen en roodborstjes bestaan kastjes: ruitvormig. Ze zien er schattig uit, ik weet er al jaren verschillende te hangen, er is nog nooit in gebroed. …
Op landgoed Ekenstein bloeien tapijten van speenkruid. Op een speenkruidbloem zit een lieveheersbeestje, robijnrood op eigeel. De boshyacintjes zijn uitgebloeid, de dwerghyacintjes bloeien nog, het daslook schiet uit de grond maar bloeit nog niet. Er hangen tientallen vetbollen en pindanetten rond het terras, waar tientallen mezen, mussen, vinken, duiven en eenden rondfladderen, -scharrelen en –snabbelen.
Een pauw zit op de rugleuning van een terrasstoel. Heel soms zegt hij peeeuw. Kan een pauw niet beter pauw zeggen? De pauw wipt van de rugleuning op de zitting en op de grond. Hij moet zijn staart voor deze manoeuvre in de lucht steken, zo hoog, dat hij bijna voorover kukelt. Hij strekt een vleugel en een poot, zegt nog eens peeeuw en stapt dan statig weg. …
Op Texel werd een boek gepresenteerd, waaraan ik had meegewerkt. Een glanzende uitgave over de Waddenzee als werelderfgoed. Er staan prachtige foto’s in en verhalen over waddennatuur en -cultuur. Dertig euro, uitgeverij Matrijs.
Het boek is een initiatief van het Ministerie van Economische Zaken. In bezoekerscentrum Ecomare reikte staatssecretaris Henk Bleker de eerste exemplaren uit aan directeur Anton Hurkens van Ecomare, aan visserij-onderzoeker Martin Scholten van Imares en aan burgemeester Francine Giskes van Texel. Iedereen was het erover eens dat de Waddenzee een waardevol gebied was. Zo waardevol dat het vermarkt moest worden, vond de visserij-onderzoeker. …
De kikkers paaien. Bruine kikkers welteverstaan. Bruine kikkers komen bijna overal voor, behalve op stadspleinen en op het moderne boerenland. De kikkers die door de tuin, het park, het bos hippen, soms op behoorlijke afstand van water, zijn bruine kikkers. Bruine kikkers hangen minder bij water rond dan groene kikkers. Maar hun eitjes moeten ze wel in water leggen. De vrouwtjes dan. De mannetjes klemmen zich vast op heur gladde ruggen en laten zich meerijden. De rit duurt tot ze hun zaad over de eitjes laten vloeien. De eitjes zwellen in het water op tot dril, ook wel rit genoemd. …