Natuurdagboek

Trump krijgt geheid zijn street, maar kent zijn plaats nog niet

Trump krijgt geheid zijn street, maar kent zijn plaats nog niet

Trumptown

De Golf van Mexico raakt gauw vergeten
Zelf protesteer ik tegen ‘Duitse bocht’
Het luistert nauw maar klinkt het vergezocht
Als Nauw niet langer van Calais mag heten?

Ik denk dat Trump ons weldra zal verrassen
Met Trumpstreet, daar zo’n egostrelend man
Het snoeven met zichzelf niet laten kan
Ook Hitler kreeg in elke stad zijn Straβe

En Stalin, Lenin hadden elk een stad
In welke plaats vindt Trump zijn Stalingrad?

 

DELEN
De boog van hoop

De boog van hoop

Regenboog. Foto Koos Dijksterhuis
Regenboog. Foto Koos Dijksterhuis

Hoe lager de zon, des te hoger en boller de regenboog. Ik associeer regenbogen met november en maart, de maanden van woest weer met temperaturen rond het vriespunt, met wind, donkere wolken en daaronder felle zon door de door regen of hagel gewassen lucht. Met spierwitte zilverreigers, zwanen en meeuwen, oranjegele rietkragen, rode bosranden en knalgroene weiden – intense kleuren. Vanwege de overdrijvende buien en de lage zon is er vaak een regenboog.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Geel en groenling

Geel en groenling

Groenling. Foto Koos Dijksterhuis
Groenling. Foto Koos Dijksterhuis

Op nummer 4 in mijn chronologische reeks van vogelgeluiden staat zowaar de groenling. Ik heb nog nooit zo vroeg in het jaar een groenling horen zingen: eind januari. Nou kan dat komen door onze verhuizing naar Noord-Drenthe, waar in het halfopen landschap van oude landgoederen en extensieve weilanden relatief veel groenlingen voorkomen. Daar heeft misschien altijd wel een groenling in januari gezongen. De vroege vogel vangt de worm, zoals de Engelsen zeggen, maar dan in het Engels.

In mijn vorige huis had ik tien jaar geleden ’s zomers meerdere en ’s winters nog meer groenlingen. In de winter krijgt Nederland Scandinavische groenlingen op bezoek. Dat kunnen er honderdduizenden zijn, als de winter in het hoge noorden streng is. Strenge winters worden schaars, dus misschien draagt dat bij aan de achteruitgang van bezoekende groenlingen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Supernova

Supernova

Nova. Foto Ido Dijksterhuis
Nova. Foto Ido Dijksterhuis

Nova is dood. Het harige monster werd bijna twintig. Ze zag er volgens de dierenarts lang niet zo oud uit, ze had een mooie vacht die ze nauwkeurig schoonhield, soms in de meest schaamteloze houdingen. Ze belandde met een soepele sprong in het hoogste van haar drie slaapholen en schudde de hond af met geblaas en gemep.

Van haar twintig jaren heb ik de helft meegemaakt. Ik leerde haar baasje kennen en kreeg Nova er gratis bij. De eigenzinnige kat moest weinig van aaiende mensen hebben, maar we sloten gauw vriendschap. Door haar vlak voor ze brokjes kreeg even te knuffelen, werd ze allengs aanhankelijker. Die brokjes schrokte ze op, om ze vervolgens weer uit te kotsen. Dan snuffelde ze er verbaasd aan en at ze ze nog eens op. Smaken verschillen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
De heilige geest van engelwortel

De heilige geest van engelwortel

Engelwortel Foto Koos Dijksterhuis
Engelwortel. Foto Koos Dijksterhuis

Hoewel er altijd enkele nachtvorstbestendige doorzetters zijn (kamille bijvoorbeeld is een taaie), zijn de meeste (na)zomerbloeiers nu echt wel uitgebloeid. De nieuwe generatie staat al in de wachtkamer. Toch is er ’s winters nog verrassend veel botanische kleur in de natuur te zien, als het geen al te grauw schemerweer is.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Heggenmus heggenmuis

Heggenmus heggenmuis

Heggemus. Foto Koos Dijksterhuis
Heggemus. Foto Koos Dijksterhuis

Pas eind januari hoorde ik het vertrouwde en mij geliefde riedeltje van een heggenmus. Het is een hoog en snel liedje. Ik moet erbij denken aan de Engelse term quicksilver, maar dat betekent ‘kwik’ wat niet voldoet. Ik zou dan eerder voor ’snelzilver’ pleiten, maar dat begrip bestaat niet. Daarom noem ik het heggenmusriedeltje een liedje van zilverpapier.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Houtduif

Houtduif

Houtduif. Foto Koos Dijksterhuis
Houtduif. Foto Koos Dijksterhuis

Als kind was ik al vertederd door houtduiven, destijds door mijn ouders bosduiven genoemd. Houtduiven leefden toen ook massaal in de bossen, terwijl ze graan- en maïskorrels aten op de akkertjes aan de bosrand, of soms midden in die bossen. Wijn woonden in Amersfoort op loopafstand van het bos, en houtduiven zullen vast in de groene, lommerrijke tuinen gebroed hebben. Of ze kwamen uit dat bos om op het akkertje van onze tuin korrels te oogsten. Want niet alleen klopte mijn moeder het tafellaken drie keer per dag uit, maar bovenal hadden wij een duiventil met een wisselend aantal tamme duiven. Er werd dus duivenvoer gestrooid en daar wisten de houtduiven wel raad mee.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
De roffel van de grote bonte specht

De roffel van de grote bonte specht

Grote bonte specht. Foto Koos Dijksterhuis
Grote bonte specht. Foto Koos Dijksterhuis

Dit is deel 1 in de reeks vogelgeluiden. Ik heb de Turkse tortel al gehad, dat was aflevering 0. De hele winter heb ik kool- en pimpelmezen gehoord, roodborstjes en winterkoninkjes. Die zingen in de lente uitbundiger, maar zwijgen in de winter niet.

Rond de kortste dag, waarna de dagen weer lengen, beginnen de grote bonte spechten te roffelen. Het gaat goed met die soort, sinds veel bosbeheerders dode bomen laten staan. Ook de erop lijkende middelste bonte specht zit in de lift, maar is lang niet zo talrijk als de grote. De grote is bovendien bosvogel, parkvogel, tuinvogel, en overal-waar-maar-een-paar-bomen-staanvogel. Dat is er nog een kleine bonte specht, zo groot is als een mus, die zich lastig laat zien.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Grote witte reigers

Grote witte reigers

Grote zilverreiger. Foto Koos Dijksterhuis
Grote zilverreiger. Foto Koos Dijksterhuis

De witte reigers die zich in de winter laten zien op weilanden, akkers, heiden, in moerassen, bij plassen en rivieren, langs de spoor- en autowegen en in buitenwijken, zijn meestal grote zilverreigers. In het Deltagebied zijn kleine zilverreigers in de meerderheid, vooral ’s zomers. Kleine zilverreigers neigen naar zuidelijker winterverblijven, terwijl grote zich dan juist over het land verspreiden. Bovendien komen er duizenden grote zilverreigers uit Zuidoost-Europa bij. Ze zien er tropisch wit uit, maar vatten niet snel een koudje. Alleen als het land verstopt zit onder een korst van ijs, zullen ze zuidwaarts vluchten. Grote zilverreigers zijn ongeveer even groot als blauwe reigers, maar wat slanker. En helemaal wit, op hun zwarte poten en gele snavel na.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Fietspaden bedreigen 260 jaar oud stadsbos

Fietspaden bedreigen 260 jaar oud stadsbos

Sterrebos. Foto Koos Dijksterhuis
Sterrebos. Foto Koos Dijksterhuis

Het Sterrebos in Groningen lag ingeklemd tussen overheidskantoren, Mesdag-gevangenis, Hereweg en Ringweg. Dankzij de ondertunneling van die autoweg wordt het oude stadsbos weer samengevoegd met de afgesneden noordelijke strook.

Dat klinkt goed voor dit sprookjesachtige bos van bijna zeven hectare. Het stamt uit 1765, en misschien wel het oudste bos van Nederland. Het dankt zijn naam aan een stervormig padenpatroon, dat later veranderd is in romantische slingerpaden. De gemeente beschouwt het Sterrebos als een van de acht kroonjuwelen, met een ‘hoge omgevingskwaliteit’, waar het beleid ‘is gericht op bescherming en instandhouding’.

Lees Meer Lees Meer

DELEN