Natuurdagboek 2016
Junivlinder

Junivlinder

Phaegeavlinder. Foto Azing Schuurman
Phaegeavlinder. Foto Azing Schuurman

In Groningen zie ik ze nooit, maar uit Brabant en Limburg krijg ik wel eens een melding van een phegeavlinder. Zo’n melding komt dan eind juni, als de zomerse vlinders hun glorietijd beleven.

Het leefgebied van phegeavlinders bestaat volgens de Vlinderstichting uit bloemrijke graslanden, bosranden en bospaden in droge dennenbossen, oude steengroeven en open plekken in het bos. Bloemrijke graslanden zijn er niet zoveel meer, oude steengroeven moet je ook maar net eens tegenkomen, maar bosranden en open plekken zijn er genoeg. Daar zetten de vrouwtjes hun eitjes af op paardebloemen, dovenetels, weegbree en zuring – algemene bloemen. In hun leefgebied kunnen phegeavlinders dan ook talrijk worden. Daarbuiten niet, al zwerven soms een heel eind weg.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Putters op de zuring

Putters op de zuring

Putter. Foto Koos Dijksterhuis
Putter. Foto Koos Dijksterhuis

Als je een grasveld soms maait, het maaisel wegharkt en het veld niet bemest, wordt de grond geleidelijk schraler. Dan verschijnen er bloemen tussen het gras. Door pas in de nazomer te maaien, krijgen die bloemen kans om te bloeien en zaad te vormen. Bloemen lokken vlinders en bijen, zaden lokken vogels.

Op het gras achter ons huisje op Schiermonnikoog bloeien de adderwortels en dagkoekoeksbloemen het opvallendst. Door het raam zijn telkens bewegingen te zien. Er scharrelen vogels. In de houtsingel en nestkasten hebben weer allerlei soorten vogels gebroed, waaronder mussen en putters. Die twee zijn het meest tussen de bloemen te vinden.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Hommels en grutto’s in het landschap

Hommels en grutto’s in het landschap

Grutto. Foto Koos Dijksterhuis
Grutto. Foto Koos Dijksterhuis

Onder de leukste natuurboeken vallen de boeken van Dave Goulson. Goulson is een Britse hommelonderzoeker die goed over zijn biologische veldwerk kan vertellen. Hij doet dat luchtig en toegankelijk. In Nederland is Theunis Piersma de bioloog die alleszins leesbaar schrijft over zijn onderzoek aan wad- en weidevogels.

Onderzoek naar dieren, hun leefstijl, keuzen en problemen levert prachtige verhalen op. Verhalen die veel meer mensen kunnen boeien dan alleen wetenschappers.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Kruipen en hoppen over het strand

Kruipen en hoppen over het strand

Dwergspin. Foto Koos Dijksterhuis
Dwergspin. Foto Koos Dijksterhuis

Het strand van Schiermonnikoog is weids, woest en ledig. Aan de waterlijn, op een halve kilometer van de duinrand, is het nog zout ook. Hier zou je geen insecten of spinnen verwachten, maar die zijn er wel. Er zijn in de zomer altijd strandvliegen en wiervliegen. Strandvliegen hoppen rond op zoek naar iets eetbaars en op de benen van badgasten. Ze prikken evenmin als wiervliegen. Die zijn donkerder gekleurd en zwermen op aangespoeld zeewier.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Doodgebeten dasjes

Doodgebeten dasjes

Foto Diet Groothuis
Foto Diet Groothuis

Vorige week togen Margriet Hartman en Diet –poetsgoeroe– Groothuis ’s avonds het bos in bij Bilthoven. Ze zouden bij een dassenburcht gaan zitten, in de hoop het daar wonende dassengezin te zien. Er hangt een camera bij die burcht en die had dassen gefilmd.

Groothuis houdt vaker de wacht bij een dassenburcht. Ze werkt mee aan dassentellingen en wil die koddige dieren graag zien. De das maakt met zijn zachte, voorthobbelende lijf, zijn zwartwitte snuit en zijn onvermoeibare gewroet, gesnuffel en gestoei een knuffelbare indruk. ’s Lands grootste roofdier heeft nochtans ijzersterke kaken, waarmee hij gek genoeg vooral zachte prooien als wormen en larven eet.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Brem in de berm

Brem in de berm

Brem.  Foto Koos Dijksterhuis
Brem. Foto Koos Dijksterhuis

Sommige bermen en spoortaluds worden gekleurd door brem. Het voorbijzoevende geel is een prachtig gezicht vanuit auto of trein. Aan de vorm van de bloemen is te zien dat brem verwant is aan klavers en erwten. Vlinderbloemige bloemen zijn het. Die kunnen stikstof uit de lucht halen en de grond in werken, als natuurlijke bemesters. Brem doet het dan ook goed op schrale zandgrond. De struik zorgt zelf wel voor mest.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Stekelbaarsjes als huisdier

Stekelbaarsjes als huisdier

Stekelbaarsje. Foto Koos Dijksterhuis
Stekelbaarsje. Foto Koos Dijksterhuis

Een vriend van me heeft in zijn tuin een aquarium vol slootwater. “Ik kweek watervlooien”, verklaart hij. Hoezo? “Voor de stekelbaarsjes.” Vriend zat als kind net als ik in de christelijke jeugdbond voor natuurstudie en hoewel dat christelijke sleet, is zijn natuurstudie nog even jeugdig. Hij heeft nu kinderen en kan met hen als dekmantel ongegeneerd met een netje in de sloot spatteren. Ook kijkt hij graag door een duikbril onder water. Als hij daarover vertelt, raakt hij in vervoering. Hij moet er voor op pad, want er zijn in Nederland weinig sloten waar het water nog doorzichtig en visrijk is. Drijf- en kunstmest maken het troebel.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Tropisch zaad drijft uit Amerika naar Nederland

Tropisch zaad drijft uit Amerika naar Nederland

Gelakte en aangespoelde paardenoogboon. Foto Koos Dijksterhuis
Gelakte en aangespoelde paardenoogboon. Foto Koos Dijksterhuis

Zoon en ik lopen over het strand van Schiermonnikoog van paal 7 naar paal 5. Het is springvloed. De strook strand vlak langs zee is bedekt met rupsbandensporen. Die zijn van een zeefmachine. Daarmee veegt Rijkswaterstaat kilometers strand op, om de paraffine eruit te zeven.

Er zijn sinds die zeef er de vorige dag voorbijkwam weinig schelpen maar des te meer nieuwe paraffineklonten aangespoeld. De viezigheid vormt een gele vloedlijn. We passeren een andere vader met een andere zoon. Die zoon vraagt wat dat voor klonten zijn. “’Oesters’, zegt zijn vader”, gniffelt mijn zoon, die scherpere afluisteroren heeft dan ik.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Joekel van een spanner

Joekel van een spanner

Grote spikkelspanner Hypomecis (boarmia) roboraria Schier. Foto Koos Dijksterhuis
Grote spikkelspanner Hypomecis (boarmia) roboraria Schier. Foto Koos Dijksterhuis

Op Schiermonnikoog zien zoon en ik op een voorlichtingsbord van Natuurmonumenten een nachtvlinder zitten. Het is een zogenoemde spanner. Ik herken spanners aan hun gespannen vleugels. Veel nachtvlinders schuiven hun voor- en achtervleugels in rust over elkaar heen of vouwen ze min of meer op. De meeste spanners doen dat niet, maar hun naam danken ze daar niet aan. Hun naam danken ze aan de gespannen manier van voortbewegen als ze nog rups zijn. Dan strekken ze hun kop vooruit en trekken ze vervolgens hun kont in, waarbij hun lijf zich bolt.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Het sombere eilandgevoel

Het sombere eilandgevoel

Paraffine op het strand. Foto Koos Dijksterhuis
Paraffine op het strand. Foto Koos Dijksterhuis

Een weekend naar ons huisje op Schiermonnikoog – ze zeggen altijd dat op de boot het eilandgevoel zich al van je meester maakt en dat is waar. Maar dat komt meer door het op de Waddenzee glinsterende licht dan door de zich aan boord verdringende eilandgevoelsmensen.

Ons eilandgevoel knarst tijdens het doorkruisen van de met drijfmest doordrenkte eilandpolders. Wat zou het mooi zijn als de eilander boeren zich zouden scharen onder het Nationaal Park. Als ze zo zouden boeren, dat de polder weer geel van ratelaars en roze van orchideeën zou kleuren en de grutto’s zich voor het eerst in veertig jaar weer zouden uitbreiden.

Lees Meer Lees Meer

DELEN