In een bosmeertje zag ik mandarijneenden. Mandarijneenden zijn verwilderde siervogels. Ze stammen af van Chinese voorouders, net als de vruchten uit hun naam.
Het mandarijnenseizoen is begonnen. In Nederland eten we vrijwel uitsluitend Clementines uit Spanje en Marokko. De vele andere mandarijnen kennen we niet. …
Naast mijn huis is een piepklein rotondje waar maar liefst vijf platanen zich verdringen. Platanen zijn verdraagzaam, ze vormen met hun takken gewoon één reusachtige kruin. Een pleintje met platanen maakt een Franse indruk. Nederlanders krijgen graag Franse indrukken. Die geven een vakantiestemming. Tegenwoordig worden er op platanenpleintjes soms zelfs petanque-baantjes aangelegd. …
Abraham werd 175 jaar, maar we associëren de oud-testamentische held met 50. Die associatie wordt weer geassocieerd met een nieuw- testamentische uitspraak van Jezus in het evangelie van Johannes. Hij vraagt een wijsneus of die met nog geen vijftig Abraham al heeft gezien. Abraham staat bekend als laatbloeier en daarom weten wij waar hij de mosterd haalt. Mosterd is ook een laatbloeier. …
Een paar windstoten en menige boom verliest zijn blad. Tot november ging het er met het vallende blad gemoedelijk aan toe. Toen het maandag waaide, zag ik voor het eerst deze herfst gele sneeuw. Dwarrelende iepenblaadjes, subtiel begeleid door helicopterende esdoornwiekjes of bruut doorkruist door plataanblad.
De appelboom verloor zijn laatste blaadjes en appels toen het maandag waaide. De treurwilg laat ondanks de rukwinden nog geen blad los of zelfs zweem van geel zien, hij blijft opgewekt in blad staan. …
Zondag was de zoveelste laatste zomerdag van het jaar. De zon straalde en toen dochter en ik een eind wandelden, kregen we het warm. Het werd twintig graden.
In de berm zagen we een ontluikende melkdistel en een in volle bloei staand fluitekruid, alsof het mei was. Nou ja: we…, ik keek naar bloemen, dochter niet. Langs de paadjes stonden de gebruikelijke laatbloeiers: paardebloem, leeuwentand, witte en rode klaver. Madeliefjes bloeiden ook, die bloeien altijd. Ik miste de dovenetels en koekoeksbloemen, maar je kunt niet overal alle soorten vinden. …
In Nederland zijn zo’n vier miljoen katten. Hoeveel muizen vangen die? Volgens de Zoogdierwerkgroep Vlaanderen waren er in 2008 tweemiljoen katten in België, die tien miljoen muizen per jaar vingen. Dat is vijf muizen per kat per jaar. Het lijkt me een voorzichtige schatting.
Ik ken veel mensen met katten. Als ik hun vraag wat er zo leuk aan is, blijkt het kattige gedrag aan te spreken. Honden zijn volgzame sullen, katten zijn zelfstandige invidualisten. Zou hun karakter een beetje op de baasjes afstralen? Maar katten hebben helemaal geen baasjes, ze hebben alleen personeel. Ik las eens dat hondenhouders dominant en eigenzinnig zijn, en kattenhouders volgzaam en onderdanig. …
Langs de oevers van de Drenthse A zijn zachte, zompige gras- en rietlanden, die soms gemaaid worden, omdat ze anders verruigen. Als ze verruiggen, blijven er vooral wilgenroosjes, brandnetels, koninginnekruid en moerasspirea staan. Ook mooi, maar daar zijn er al zoveel van. Zeker van de eerste drie van deze vier. Moerasspirea zie je minder vaak. …
Zaterdag 1 november vindt in de bibliotheek van Groningen literair festival het Grote Gebeuren plaats. Daar ga ik heen. Sterker nog: als natuurschrijver van Trouw word ik er geïnterviewd en mag ik voordragen uit eigen werk. Daar moet ik een feestje van zien te maken, ik ben bloednerveus. Wel heb ik een paar natuurdagboeken opgeduikeld die me geschikt lijken. Korte verhaaltjes uit de natuur. …
Over de krab die hier maandag te zien was, kreeg ik vragen. Het dier leed namelijk niet alleen onder afgeknipte zwempoten, maar voerde op zijn schild ook twee enorme pukkels mee. Wat of dat waren?
Dat waren zeepokken. Zeepokken leven in een schelp-achtig kratertje van kalk dat aan harde ondergrond gehecht is. Rotsen en meerpalen zitten soms onder de zeepokken. Op scheepsrompen werden het er zoveel, dat ze de stroomlijning verstoorden waardoor scheepsmotoren meer stookolie verbruikten. Tegen zeepokken werden schepen daarom ingesmeerd met tribultyn, dat de zee dermate vergiftigde dat wulken en purperslakken dreigden uit te sterven. Ik geloof dat het gif intussen minder gebruikt wordt. …
Eén van de Olivier-B-Bommel-achtigste zwammen die er zijn, is eekhoorntjesbrood. Met die sponzige, dikke hoed op die korte, dikke steel. De hoed kan groot zijn of klein, plat of scheef, maar altijd is ie dik. Aan de onderkant zitten geen plaatjes maar buisjes, die op een spons lijken. Als je er op drukt en de spons kleurt blauw, is het geen eekhoorntjesbrood maar kastanjeboleet. Die is ook eetbaar, de meeste gelijkende soorten zijn eetbaar maar niet altijd even lekker. De netstelige heksenboleet is een giftige uitzondering en pronksteelboleten smaken bitter. Zo ontzettend lekker smaakt eekhoorntjesbrood trouwens niet, althans, het heeft een lichte notensmaak, die smaakmakers kan gebruiken. Wel is het een vlezige paddestoel. Qua bite is het een prima vleesvervanger. Een eenvoudige doch voedzame maaltijd. …