Zo poëtisch als sommige paddenstoelennamen klinken, zo onaantrekkelijk klinken andere. De gele korstzwam doet mij aan etterende wonden denken. Terwijl gele korstzwammen zulke lieflijk ogende paddenstoeltjes zijn!
Vaak doen korstzwammen hun naam eer aan. Ze groeien als een witte, bruine of zwarte korst op dood hout. De gele niet. Die groeit wel op dood hout, maar vormt golvende afdakjes. Die lijken eerder op elfenbankjes dan op plakkaten of korsten. …
Tijdens een wandeling bij mij in de buurt zie ik een door de lage zon overgoten plas met eenden, ganzen, zwanen, aalscholvers en reigers. De zon hangt achter me, het licht strijkt over het water, ik blijf foto’s maken.
Een groep slobeenden dobbert in de verte. Met hun brede snavels zitten ze elkaar in de weg wat tot schermutselingen leidt. Nog een stuk verder staan reigers roerloos op de oever. Er varen twee zwanen voorlangs. Als die een aanloop nemen om op te stijgen, richt ik mijn fototoestel en zoom ik in. De zwanen zijn te ver weg voor een goede foto, maar wat maakt het uit, ‘klik klik’, een foto is maar een computerbestandje, er komt geen negatief meer bij kijken, laat staan een afdruk. …
Boompieper Graspieper Oeverpieper. Foto’s Koos Dijksterhuis
Graspieper en boompieper zijn kleine vogels die ik niet uit elkaar kan houden, waterpieper en oeverpieper zijn ook lastig. Gelukkig maken gras- en boompieper elk een heel ander geluid. In de zomer althans, maar in de winter zijn boompiepers toch het land uit. Oeverpiepers komen voor aan zee, waar ze het liefst over basaltdijken scharrelen, terwijl waterpiepers bij zoet water rondhangen.
Voor serieuze vogelaars heeft de KNNV Uitgeverij Vogels vergelijken (€29,95) uitgebracht, waarin de piepers net als allerlei andere look-alikes bij elkaar afgebeeld staan, met uitleg. Visdief en Noordse stern, de bonte spechten, zanglijster en grote lijster, fitis en tjiftjaf, matkop en glanskop zijn beruchte dubbelgangers.
Gras- en boompieper staan naast elkaar, water- en oeverpieper ook. Het boek is fraai uitgevoerd, met tekeningen van Elwin van der Kolk. De auteur is Harvey van Diek, een doorgewinterde vogelaar en vogelfotograaf. Hij staat soms foto’s af aan deze rubriek. …
Na 9 maanden ienemienemutten
heeft Nederland zijn eigen gang of four.
Het vierpartijenstelsel gaat weer door
met aan het roer de eerste stuurman Rutte.
De achterbannen gaan zowaar akkoord.
De leiders kruipen uit hun schuttersputten.
Ze lijmden, repareerden, onderstutten,
al was het bij herhaling kantje boord.
Een kabinet gaat ons weer leiding geven.
Al werd er wel bedisseld en beslist,
de overheid was van die taak ontheven.
Ik denk dat ik het altijd al wel wist:
Ik zou zonder regeerders kunnen leven;
ik heb ze al die maanden niet gemist.
Ik heb vaak genoeg een mug doodgeslagen, een vlieg, een fruitvlieg, een kakkerlak. Teken, vlooien en luizen knijp ik dood. Toch schiet dan altijd door me heen: ik dood een dier. Laatst kriebelde er iets in mijn hals. Ik krabde en zag een zwaar gewond spinnetje op mijn nagel. Het leefde nog maar de prognose was pessimistisch en gezien diens veronderstelde lijden heb ik het diertje daar maar uit verlost. Prompt moest ik denken aan A.L. Snijders. …
Laatst schreef ik in een Natuurdagboek dat Nederland misschien wel het intensiefst bemaaide land ter wereld is. Of dat klopt, kan ik niet bewijzen, maar op mijn wandelingen en andere uitstapjes kom ik zelden geen maaiende mensen tegen. Zelf knip ik mijn gras en ik heb ook nog een oude handmaaier staan. Anderen zie ik in de weer met bosmaaiers en maaimachines waarvan de ene nog groter is en sneller maait dan de andere.
Met zulke machines raakt de nuance uit het oog verloren. Ieder jaar halen berichten de kranten over zeldzame bloemen of vlinders wier laatste leefgebiedje in een seconde is weggevaagd. Oeps, foutje. Afgelopen jaar waren bovendien een schooltuintje en een levend kunstwerk de klos. Vele uren en euro’s naar de barrebiesjes. Oeps, foutje. …
Vogelaarster Debby Doodeman uit Driel krijgt de laatste weken vaak bezoek van een spreeuw, die een poot mist. Of eigenlijk ontbreekt alleen een voet. De spreeuw stapt hinkend rond op haar andere voet en een stompje dat doet denken aan een houten been. Ze vliegt steevast naar de voedertafel in de tuin en doet zich daar tegoed. Debby noemt haar Stompie. Het is een jong vrouwtje dat afgelopen mei uit haar ei moet zijn gekropen. “Aan haar goede poot droeg Stompie een ring”, vertelt Debby. Op 21 november las ze die af: NLA L470231, en meldde ze haar waarneming bij het Vogeltrekstation. …
Op de terugweg uit Oost-Groningen reden we een smalle landweg in tot het in een enorme tarwe-akker doodlopende eind. We waren op vogelexcursie geweest en hoewel het begin juni was en de trek voorbij, hadden we verrassend veel gezien. Vooral roofvogels, zoals boomvalk, grauwe kiekendief, rode wouw. …
Heel soms zie ik een bunzing, heel soms een hermelijn, heel soms een wezel. De plekken waar ik ze zie verschillen. Er zat een tijd een bunzing in mijn woonbuurt, die zich als steenmarter gedroeg en in schuurtjes logeerde en ratten ving. Wezels zie ik op droge plekken met veldmuizenholen. Hermelijnen zie ik in weidevogelgebieden.
Kievitseierenzoekers zouden nu knikken en het liefst hun geweer grijpen. In Friesland worden hermelijnen net als een stuk of tien andere roofdieren bestreden. Niet dat weidevogels daardoor gered worden. …
Vaak worden knobbelzwanen als nakomelingen van verwilderde parkvogels beschouwd. Een paar eeuwen geleden waren vrijwel alle Nederlandse zwanen eigendom van edelen met zwanendrift. Ze werden gehouden voor het vlees, de veren en de sier. De zwanen werden geleewiekt, een mooi woord voor het afhakken van de halve vleugels. Zo’n zwaan kon nooit meer vliegen. Wel bleef zo’n vogel statig peddelen, bijvoorbeeld door de Amsterdamse grachten. …