Natuurdagboeken op dijksterhuis.net
Haastige roofkever

Haastige roofkever

Veldloopkever, Foto Meint Mulder

Soms overkomt het je op een zachte avond in Nederland nog, maar het is zeldzaam geworden. In Duitsland of Frankrijk heb je meer kans. Tegen de avondhemel snort een mini-helicopter voorbij. Als ie tegen je aan botst, kan het zeer doen. De helicopter stort neer. Het is een grote kever. Vliegend hert, boktor, mestkever of loopkever. Vliegende herten en mestkevers zijn, eenmaal neergestort, traag. Ze lopen moeizaam, in slowmotion haast. Boktorren zijn al een stuk beweeglijker, maar grote loopkevers slaan alles. Loopkevers hadden beter renkevers kunnen heten. Of killerkevers, want dat rennen gebruiken ze om prooien te verrassen. Eén van die snelle jongens is de gekorrelde veldloopkever. Veldloopkever doet denken aan marathonloper. Een veldloopkever komt aangesnort, botst tegen me op, stort neer, en rent zo snel rond, dat de sluiter van mijn camera hem niet kan bijbenen. De foto’s zijn onscherp. Gelukkig mailde een lezer me een haarscherpe. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Twee reeën

Twee reeën

Ree, Foto Koos Dijksterhuis

Honderd, honderdvijftig jaar geleden waren reeën zeldzaam in Nederland. Alleen in de beboste landgoederen van Limburg en Gelderland kwamen ze voor. Sindsdien is het bosareaal enorm uitgebreid, en in het versnipperde cultuurland met kleine percelen tussen houtwallen en hagen, konden reeën zich verspreiden. Dat deden ze niet alleen vanuit de Veluwe en Limburg, maar vooral uit Duitsland. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Roze anjers

Roze anjers

Steenanjer, Foto Koos Dijksterhuis

In buitenlandse graslanden langs rivieren vind ik ’s zomers vaak kleine, felroze bloempjes. Een donkerder roze lijn vormt een ring om het bloemhart. De stengelblaadjes zijn klein en smal en groen met een blauwig zweem. Het zijn steenanjers.

Dat ze vaak langs rivieren groeien, zegt niet dat ze van drassigheid houden. Ze staan juist liever in droog grasland op zandgrond, maar ook langs rivieren is grasland vaak droog. Op een stroomrug bijvoorbeeld of rivierduin. Dichtbij een rivier is de afwatering bovendien meestal wel in orde. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Keverjager

Keverjager

Keverdoder Tiphia femorata, Foto Koos Dijksterhuis

De wesp op de foto is een centimeter lang. Hij zit op mijn arm. Had hij me kunnen steken? Ik heb hem niet gestimuleerd het te proberen, maar denk het niet. Al doet zijn naam het ergste vrezen. Het is een dolkwesp. Dolkwespen kunnen gemeen steken, maar ze steken keverlarven. Een dolkwesp kruipt insectengangetjes in of ruikt waar de keverlarven ondergronds zitten. Dan graaft de wesp zich er naartoe. De prooi zal niet meteen wegvluchten, want keverlarven jagen zelf vaak op andermans larven, in de bodem of in de strooisellaag. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Zeekoet in net

Zeekoet in net

dode Kortbekzeekoet, Foto Koos Dijksterhuis

Als kind vond ik het leuk op het strand een visnet te vinden. Visnetten waren toen in. Nepnetten aan plafonds maakten menige puberkamer gezellig. De visnetten op het strand krioelden van de strandvlooien, zaten vol zeewier, waren gebleekt door zon en zeezout en rafelden door zand en golven.

Nu niet meer. Nu zijn visnetten onverwoestbaar. Nylon. En het zijn er zoveel. Illegale vissers snijden het net los, als er een inspectievaartuig nadert. De inspecteurs zien het net drijven, zien de schuit met afgesneden netten, maar kunnen niets bewijzen. Het bewijsmateriaal, soms vele meters lang, zwalkt door de zee tot het op een strand aanspoelt. De meeste spoelen waarschijnlijk niet aan, maar belanden in een van de drijvende reuzeneilanden van afval. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Ronken op de hei

Ronken op de hei

Gorsselse Heide, Foto Magda Bolt

Twee Trouwlezers stuurden me een brief over de Gorsselse Heide bij Lochem. Honderd hectare bos en hei. Ernaast ligt een kartcentrum dat meer geluid wil mogen maken. Karten is racen op skelters met tweetaktmotoren. Die maken een hels kabaal en verspreiden blauwe brommerrook.

Het kartbedrijf wil de lawaaigrens met 5 decibel verhogen, omdat de skelters die decibellen nu soms al produceren. Het wil die pieken legaliseren. Volgens de Trouwlezers racen de racers dan gemiddeld net zo luid en stinkend als nu alleen op wedstrijddagen. Bovendien vrezen ze dat het oprekken van de lawaaigrens grotere skelters van verre zal aantrekken, die vanwege hun overlast haast nergens terecht kunnen. De lezers vinden het geronk al vreselijk onder de huidige, pas twee jaar oude vergunning. Ze zeggen dat het hun wandelingen door hun geliefde gebied verpest. Zij niet alleen. Er zijn 78 bezwaren tegen de vergunningaanvraag ingediend. De meeste klachten die de gemeente Lochem krijgt, gaan over de kartbaan. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Picknickkever

Picknickkever

Picknickkever Glischrochilis hortensis, Foto Koos Dijksterhuis

In het campingpannetje zit een eenvoudige, maar overheerlijke maaltijd. Het is bijna op. Als ik de laatste maïskorrels eruit wil schrapen, blijkt er een kevertje tussen te kruipen. Hij ziet eruit als een lanwerpig lieveheersbeestje. Ik denk dat hij per abuis in de pan is beland, en haal hem er voorzichtig uit. Straks verzuipt ie nog in het kookvocht! Ik zet hem in het gras, maar waarschijnlijk vindt hij dat geen vooruitgang. Hij is helemaal niet per abuis in de pan beland. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Schorpioenvlieg

Schorpioenvlieg

Schorpioenvlieg m., Foto Koos Dijksterhuis

Het is weer tijd voor schorpioenvliegen. Laatst zag ik er een in een bosrand. Hij had een haak aan zijn staart: een mannetje. Hij zat op een blad, vloog twintig centimeter naar een ander blad en herhaalde die manoeuvre. Ik zag nog een schorpioenvlieg. En nog een, nog een, nog een. Mannetjes en vrouwtjes. Twee zaten op een spinnenweb. Dat doen ze vaker, want met hun lange snuit eten schorpioenvliegen dode insecten en die vinden ze in webben. Maar één van beide aaszoekers was zelf verstrikt geraakt. Hij leek dood, maar bewoog nog een beetje. Ik bevrijdde hem en hij kwam ineens tot leven, schudde de rag van zijn vleugels en fladderde weg. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Plonzen in de Oder

Plonzen in de Oder

Kamperen aan de Oder, Foto Koos Dijksterhuis

We zakken af langs de Poolse oever van de Oder, de grensrivier met Duitsland. Die rivier heeft een brede bedding met allerlei zijarmen en zandbanken, moerassen en rivierduinen. Het is bovendien een niemandsland tussen twee landen en niemandslanden zijn vaak natuurparadijzen.

Een uur bezuiden Stettin zetten we de tent op aan de rand van een lariksbos. Een strook gras scheidt ons van een zijarm van de Oder, die doodloopt in een rietveld. In het gras bloeien grijskruid (wit) en steenanjer (donkerroze), bieslook en polei, beiden paars. Polei is een soort munt. Het water is diep en helder. Het is heet en bij een ministrandje gaan we erin. Er zijn veel zwanenmossels, posthoorn-, poel- en grote waterslakken. Levend. Maar ook dode mosselkleppen liggen op de oever, evenals een afgekloven vis. Het werk van otters. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Polen op de fles

Polen op de fles

Afval bij Pools meertje, Foto Koos Dijksterhuis

Polen klinkt naar worst en wodka, naar bossen en beren. In het noordwesten, waar we met de pont de Swine, de monding van de Oder zijn overgestoken, zijn geen beren. Er zijn wel bossen en daarin zetten we ons tentje op. Veel gevaarlijker dan beren en wolven zijn mensen. We zoeken een plek die aangenaam lijkt en waar we niet opvallen. We laten een staplek altijd schoner achter dan we hem aantreffen. Dat is in Polen eenvoudig. Ik heb nooit een land gezien dat zo vergeven was van het vuilnis. Tot in de meest afgelegen bossen vind je plastic flessen, blikjes en complete vuilniszakken vol. Maar vooral die plastic flessen, miljoenen. Had onze rentmeester Joop Atsma dat maar gezien, voor hij op de valreep nog even het statiegeld besloot af te schaffen. …

Lees Meer Lees Meer

DELEN