Spreeuwen en files in Midden-Delfland

Eens zat ik een weekend in een vakantiehuisje. Op de hoek van het terras stond een wilg met een gat erin. Spreeuwen vlogen in en uit dat gat. Ze snorden over de tuin naar het gras van de buren, dat er wellicht groener uitzag en waar vast en zeker meer emelten in de grond zaten. Ze vlogen dertig meter, stapten wijdbeens over het gras, pikten iets uit de grond en vlogen weer terug. Een leuk gezicht, urenlang. Ik liep naar de buren en schuifelde gehurkt rond, maar zag geen verschil met ons gras. Ik zag geen gaatjes, ik zag niets. Spreeuwen zijn veel beter in gaatjes zien. Het lijkt of ze lukraak in het gras pikken, op de tast. Maar ze pikken niet lukraak op de tast, ze zien precies waar ze moeten pikken. …








