Natuurdagboek

Witte reigers in de Delta

Witte reigers in de Delta

Kleine zilverreiger. Foto Koos Dijksterhuis
Kleine zilverreiger. Foto Koos Dijksterhuis

Sinds een jaar of twintig kun je overal witte reigers zien. In moerassen en plassen, op weilanden en akkers, aan de kust en in het binnenland. Dat zijn meestal grote zilverreigers. Alleen op de wadden, vooral op Schiermonnikoog, en in de Delta zijn kleine zilverreigers in de meerderheid.

In 1979 zag ik mijn eerste zilverreigers in Nederland: zowel een grote als een kleine. Kleine kende ik uit de mediterrane zoutmeren van Zuid-Frankrijk, grote uit de Neusiedlersee in Oostenrijk. Sindsdien rukten beide soorten op, vooral de grote. Die blijven in de winter in Nederland, de kleine trekken deels weg. Maar lang niet alle. Zeker in het relatief zachte zeeklimaat van Zeeland blijven er heel wat overwinteren. Mocht het ze te koud worden, dan kunnen ze zich warmen aan het geloosde koelwater van de kerncentrale bij Borssele. Daar staan er tientallen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Wesp uit het oosten

Wesp uit het oosten

Oriëntaalse hoornaar. Foto Varja Dijksterhuis
Oriëntaalse hoornaar. Foto Varja Dijksterhuis

Sars, vogelgriep, covid; we hebben al wat onverlaten uit Azië gehaald, en er volgen er vast nog meer. Ook onder insecten vallen we in de prijzen uit het oosten. Op de asociale media komen plaatjes voorbij van gewone wespen en Europese hoornaars met een angstig: ‘Is dit de Aziatische hoornaar?’ (altijd ‘de’, nooit ‘een’), vaak gevolgd door de vraag of en hoe men zich daartegen moet verdedigen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Reeën op de vlucht

Reeën op de vlucht

Reeën. Foto Koos Dijksterhuis
Reeën. Foto Koos Dijksterhuis

Bijna dagelijks zie ik reeën. Soms één, meestal twee, drie of vier, soms wel twaalf. Ik ken de plekken waar ze zich vaak vertonen. Ik houd de hond aan de lijn. Als ik stilsta en de kijker op ze richt, willen ze evengoed wel op de vlucht slaan. In het open veld is dat een fraai schouwspel – gazelles over de savanne.

Er zijn hier veel met bomen omzoomde grasveldjes, waar reeën grazen. Soms zitten ze op de grond en steken hun koppen boven het lange gras uit. Zelfs op cultuurgrond leven ze – in wilgenbosje op een slootoever kunnen ze al jongen werpen. Hoewel ze tot de hertachtigen horen, zijn ze niet heel groot. Een Duitse dog is groter.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Kleurrijke wintertalingen

Kleurrijke wintertalingen

Wintertalingen m+v. Foto Koos Dijksterhuis
Wintertalingen m+v. Foto Koos Dijksterhuis

Sinds een maand of twee zijn er weer wintertalingen in Nederland. Wintertalingen zijn eenden die mondjesmaat in Nederland broeden maar vooral in oktober en november uit Oost-Europa komen, om hier de winter door te brengen. Het gaat om naar schatting een kleine honderdduizend overwinteraars. In de trektijd is dat aantal minstens het dubbele.

Als je wintertalingen naast wilde eenden ziet, wat momenteel in iedere met riet of andere waterplanten omzoomde plas mogelijk is, valt op hoe klein ze zijn. Ze zijn half zo lang en half zo hoog. Wintertalingen zijn onze kleinste eendjes, op de vlies gevolgd door zomertalingen, die hier juist alleen ’s zomers zijn, in piepkleine aantallen vanwege ons ongastvrije landbouwlandschap. Wintertalingen slinken ook in aantal vanwege de intensivering van het landgebruik in hun broedgebieden.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Brekebeentjes op dood hout

Brekebeentjes op dood hout

Helmmycena + hond. Foto Koos Dijksterhuis
Helmmycena + hond. Foto Koos Dijksterhuis

De meeste paddenstoelen zien er fraai uit. Op de basisschool moesten we van de juf ingrediënten verzamelen voor een herfsttafel. We gingen er met de klas een uurtje voor het bos in. We kwamen terug met herfstbladeren, eikels en dennenappels, maar vooral paddenstoelen.

Het was genoeg om van alle schoolbanken herfsttafels te maken, en we kregen de boodschap mee paddenstoelen voorlopig te laten staan. Ik vrees dat we het bosje waar we zochten volledig gestript hadden. Ik vond dat toen al spijtig: iets moois kon je toch beter laten staan? Veel zwammen zijn echter zo klein of schutkleurig, dat we ze over het hoofd moeten hebben gezien. Ik denk dat de helmmycena’s (foto) ontsnapten aan de verzamelwoede.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Minder zeehondenpups

Minder zeehondenpups

Zeehondjes met publiek. Foto Koos Dijksterhuis
Zeehondjes met publiek. Foto Koos Dijksterhuis

Na een jarenlange toename daalt het aantal gewone zeehonden in de Waddenzee. Onlangs werden er tussen Den Helder en Esbjerg bijna 24 duizend zeehonden geteld, waarvan ruim een kwart in Nederland: 6600. Dat zijn er heel wat meer dan de 480 die er eind jaren ’70 nog waren.

In die tijd zag je vanaf de boot naar Schiermonnikoog bijna nooit een zeehond. Mijn zus en ik deden eens net alsof we er een zagen. Naar de horizon wijzend riepen we ‘zeehond, zeehond!’ Iedereen verdrong zich voor de reling, de boot hing scheef. De mensen zagen hem ook nog; in de verte lagen diverse kratten en boeien die als zeehond konden doorgaan.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Geharrewar met Achahbar

Geharrewar met Achahbar

Crisis

Die Achahbar, daar zijn we mooi vanaf
Zo zullen Schoof en Wilders, denk ik, denken
De rest bedient de leiders op hun wenken
Die onbekommerd doorgaan met geblaf

Zij zette dan een principiële zet
Maar toch; ik kan er met mijn hoofd niet bij
Waarom ze dienaar werd van zo’n partij
En plaatsnam in het wrokkig kabinet

Met leiderschap dat van getier niet vies is
Verwacht ik weldra weer een nieuwe crisis

 

 

DELEN
Grijs met witte stippen

Grijs met witte stippen

Parelamaniet. Foto Koos Dijksterhuis
Parelamaniet. Foto Koos Dijksterhuis

Ze lijken sterk op elkaar, vind ik: de grauwe amaniet, de parelamaniet en de panteramaniet. Ze zijn alle drie grijs met witte stippen. Ze zijn familie van de rood met witgestipte vliegenzwammen, en lijken erop, met hun stippen, een knol waar ze uitgroeien en het velum om de steel: het rokje. De panteramaniet is wat vaker bruingrijs, de parelamaniet is wat vaker rozegrijs en de grauwe amaniet is grijsgrijs. De laatste groeit alleen onder eiken. De andere twee kunnen bij loofbomen zowel als naaldbomen staan, al heeft de panteramaniet een voorkeur voor loofbomen. De witte stippen op de grauwe amaniet zijn groter, een soort plakjes, en de stippen op de panteramaniet zijn witter dan die op de parelamaniet.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Competitie om een nest

Competitie om een nest

Zwarte kraai bij valkennest. Foto Koos Dijksterhuis
Zwarte kraai bij valkennest. Foto Koos Dijksterhuis

Niet ver van ons huis staat een grillig gevormde, dode boom. De boom staat in een verruigd weiland waar je niet in mag, en kent dus relatieve rust. Er zit een nest in. Eerder al schreef ik over dat nest, waarop torenvalken bleken te broeden. De valkjes zijn uitgevlogen, het broedseizoen is voorbij. Maar dat nest lijkt onverminderd in trek bij vogels die het wellicht volgend seizoen willen gebruiken.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Plaats- of geslachtsverandering bij de roodborsttapuit?

Plaats- of geslachtsverandering bij de roodborsttapuit?

Roodborsttapuit. Foto Koos Dijksterhuis
Roodborsttapuit. Foto Koos Dijksterhuis

Laatst schreef ik hier over de vele soorten zangvogels die in een els in het riet zaten. Van pimpelmees tot rietgors en van groenling tot blauwborst. Daags na publicatie wandelde ik langs die boom en zat er nota bene een roodborsttapuit in. Een mannetje.

Roodborsttapuiten hebben een oranje borst, terwijl roodborstjes een oranje borst, hals en snuit hebben. Roodborsttapuiten hebben daarbij een zwarte kop en een witte kraag, de mannetjes althans; de vrouwtjes zijn lichter en vager van kleur.

Lees Meer Lees Meer

DELEN