Natuurdagboeken op dijksterhuis.net
Aaibare plant

Aaibare plant

Hazepootje te Schiermonnikoog, © K. Dijksterhuis

De zeehond beschermen we liever dan de wulk, de eekhoorn liever dan de zandloopkever. Ze verschillen in aaibaarheid. De ene plant (een roos) spreekt ook meer tot onze verbeelding dan de andere (een gras), maar dat heeft meer met bloemrijkheid te maken dan met aaibaarheid.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Stikstof strooien

Stikstof strooien

Uit zorg voor het klimaat hebben we het vaak over CO2-uitstoot. Over stikstof hebben we het zelden. CO2 komt in grotere hoeveelheden uit de schoorsteen, maar stikstof heeft ook broeikaseffecten en allerlei andere nadelen. Meestal komt het als oxide voor, NO2 bijvoorbeeld. Dat is ongezond voor de luchtwegen en voor de ozonlaag. Bovendien wordt de regen er zuur van. In de instabiele vorm van lachgas (N2O) sorteert stikstofoxide een broeikaseffect dat bijna driehonderd keer zo sterk is als van CO2.

Stikstof hoort erbij, het speelt al 2,7 miljard jaar een cruciale rol in het aardse leven. Maar wij verspreiden wel erg veel stikstof op de aarde, vooral in de vorm van kunstmest. In 2000 gooiden we op de hele wereld acht keer zoveel stikstof op het land als in 1960, toen kunstmest toch ook al populair was. Het jaar in jaar uit stikstof strooien noemen we bodemverbetering. Zestig procent van de nitraten komt niet in het gewas terecht, maar in de sloot, het grondwater, de zee en de lucht. Biologen van de universiteit van Odense brachten de stikstof-kringloop in kaart en schreven er 8 oktober over in het tijdschrift Science. Ze waarschuwen voor de mogelijke gevolgen van stikstof op de vegetatie, op de atmosfeer. Ze pleiten ervoor gewassen te combineren met stikstofproducerende planten, een oude bekende uit de ekologische landbouw.

Gek hoor, dat we tientallen jaren iets doen, zonder te onderzoeken hoe vervelend de nasleep kan worden. Wat niet weet dat niet deert. Daarom zijn we onvoorzichtig of misschien zelfs roekeloos. Je zou kunnen zeggen dat we voor de zekerheid onbekommerd stikstof blijven strooien. Als we er maar niet in stikken.

DELEN
Witte kluif

Witte kluif

Witte kluifjeszwam, © K. Dijksterhuis

Wat zijn er veel paddestoelen deze herfst. Maar nu zullen ze wel uitdrogen. De zon kunnen ze wel hebben, die staat niet zo hoog, schijnt niet zo fel en brandt niet zo lang meer. Bovendien is de bosbodem vochtig en lommerrijk – de meeste bomen staan nog in blad, al vergeelt het. Nee, het is vooral de oostenwind die hen parten speelt. Een paar dagen was die wind gortdroog. Ik hing vlak voor zonsondergang de was buiten. Meestal is dat een recept voor druipnat textiel, maar ’s morgens was de was al bijna droog. En dat in oktober. Die schrale wind, daar houden paddestoelen niet van. En nu er ook nog nachtvorst is voorspeld…

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Samen vliegen spreeuwen sterk

Samen vliegen spreeuwen sterk

Spreeuwenzwerm, © K. Dijksterhuis

Bent u een groepsmens? Ja, dat bent u. Misschien geniet u minder van de massa dan een joelende voetbalsupporter, misschien voelt u zich een einzelgänger en gaat u weleens in uw eentje naar de film. Toch bent u een groepsmens. Zonder groep is het niets gedaan. Mensen zijn groepswezens. Wie nergens bij hoort, wordt ongelukkig. In een groep voelt een mens zich prettig, ook al is het een straatbende of een sekte. De markt, de winkelstraat en het warenhuis op zaterdagmiddag… Velen staan zelfs gelukkig in de file.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Jaarrond citroenvlinder

Jaarrond citroenvlinder

Citroenvlinder, © Jeanette Essink

Er zijn allengs minder dagvlinders te zien, maar één van de volhouders is de citroenvlinder. Het hoeft maar even zonnig te zijn, of op een luwe, open plek in het bos fladderen ze rond. Soms één vlinder op zoek naar nectar. Soms mannetje en vrouwtje. Man is groengeel, vrouw is geelgroen. Ze dartelen om elkaar heen alsof het lente is. Het vrouwtje zet haar eitjes achter op een wegedoorn of vuilboom. Het moet beslist een wegedoorn of vuilboom zijn, anders trekneuzen de rupsen als die begin april uit de eitjes komen. Vuilboom heet ook sporkehout. Die rupsen zijn groen en zijn lastig te zien als ze zich langs de nerf van een groen blad koest houden.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Vogels kijken in Europa’s grootste stad

Vogels kijken in Europa’s grootste stad

Schreeuwarend, © J.A. Leideritz

De herfst is aangenaam in Istanboel. De toeristische drukte is voorbij en de kastanjes worden geroosterd. Maar bovenal zijn in Europa’s grootste stad nu trekvogels te zien.

Ooievaars, arenden en andere roofvogels passeren Istanboel. Grote vogels zijn te zwaar om Afrika op eigen spierkracht te bereiken. Liever cirkelen zij op thermiek, gedragen door warme lucht, naar duizelingwekkende hoogten om dan in lange glijvluchten af te zeilen. Boven water is geen thermiek en daarom mijden grote vogels de Middellandse Zee. Zij volgen de kust en steken boven Istanboel de Bosporus over. Op goede dagen trekken er duizenden vogels per dag over Istanboel. Zij trekken weer vogelaars.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Spreeuwengenootschap

Spreeuwengenootschap

Spreeuw, © Anton Rengers

Op een zachte herfstmorgen zit ik buiten. Kinderen naar school, krantje, koffie. Uit de eiken klinken vogelgeluiden: zwiepende boomklevers, riedelende fitissen en nog veel meer. Fitissen zijn op doorreis naar Afrika. Onderweg blijven ze territoriaal – dat betekent dat ze hun terrein claimen, door te zingen dat zij er eerder waren. Het is een van hoog naar laag kabbelend deuntje. Boomklevers zijn niet op trek. Ze zijn wel luidruchtig. De hele winter laten ze hun zweepslagen horen: ‘vwiet vwiet!’

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Driehonderd slokjes voor de kleine vleermuis

Driehonderd slokjes voor de kleine vleermuis

Dwergvleermuis op dakpan, © Henk Vrieling

Het is kinderboekenweek. Er is geen week of hij staat wel in het kader van iets. Dat geldt nog meer voor dagen: dierendag was deze week een oude bekende, maar je kunt het zo gek niet verzinnen of er is een dag van. Kinderboekenweek dus, er zijn duizenden Nederlanders die deze week een kinderboek kopen omdat het CPNB dat zo bedacht heeft. Mocht u zich bij die duizenden willen aansluiten, dan kan ik u de drie kinderboeken van de KNNV aanbevelen, die op het nippertje voor de kinderboekenweek zijn verschenen. Ze gaan over  een jonge egel, een jonge zeehond en een jonge vleermuis. Het zijn platenboeken, getekend door Vera de Backker. De tekeningen zijn lief, evenals de korte tekstjes van Sabine Wisman. Maar hoe kort ook, Wisman weet het verhaaltje over een dierenkind te combineren met aardig wat informatie over diens diersoort, zonder dat het geforceerd of betweterig wordt. Het idee voor de boekjes komt van Rob Buiter die wel eens in Trouw schrijft, maar zich blijkbaar niet zelf aan kinderboeken waagt. Er zit een compact compactdiscje bij met liedjes van Ivo de Wijs en Dirk van der Laan. De boekjes kosten 14,95 en heten Zeg kleine… Vanaf een jaar of vier.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Genoeg rupsen-nooit-genoeg

Genoeg rupsen-nooit-genoeg

Veelvraag rups, © K. Dijksterhuis

‘Zet eens op je vinger’, zegt Rob Bijlsma, terwijl hij een enorme, harige rups uit de hei pakt. ‘Krachtig beestje hè?’ Mijn metgezel knikt. ‘Net een babyhandje dat je vinger beetpakt’, zegt ze. ‘Sommigen krijgen jeuk van die haren’, zegt Rob. Metgezel bevrijdt vlug haar vinger. De rups gaat terug in de hei. ‘Het barst van die beesten’, zegt Rob, ‘ideaal voor late koekoeken op doortrek. Die zijn er dol op.’

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Lijsters en kolganzen op drift

Lijsters en kolganzen op drift

Zanglijster, © Jeanette Essink

Vorige week barstte de trek los van zanglijsters. Ze komen uit Scandinavië en zijn onderweg naar Frankrijk en Spanje. Ze golven over en vliegen ze op uit bosranden. Ze eten zich dronken aan bessen, ze vallen aan op slakken wier huisjes ze op boomwortels of sten kapot gooien. Ze lijken zich prima thuis te voelen en de weg te weten. Zouden ze zich de bessenstruiken en slakkensloperijen nog van vorig jaar herinneren? Ik denk het niet, ik denk dat ze van boven de omgeving razendsnel in de peiling hebben. Zondag hoorde ik het eerste piepje van een koperwiek, de lijster die niet in Nederland broedt maar hier wel overwintert en vooral op doorreis ons land bezoekt. Elke herfst is voor mij de eerste koperwiek bijna zo feestelijk als in de lente de eerste gierzwaluw. Het wordt alleen geen zomer, maar winter…

Lees Meer Lees Meer

DELEN