Spin vs. kever

We drinken thee bij Rob Bijlsma, achter zijn droomhuisje. Hij bewoont één van de meest geïsoleerd gelegen boswachterswoningen van Nederland, waar hij tussen wanden vol boeken aan zijn nieuwste boek werkt: ‘Mijn roofvogels’. We kijken uit over een vennetje in het bos. Er hinnikt schel een vogel. Een zwarte specht vliegt weg over de dennen. ‘Weinig vogels zijn zo goed in hoor- en zichtbaar vliegen als zwarte spechten’, grinnikt Rob. Ze lijken daardoor een gemakkelijke prooi voor haviken en sperwers, maar zijn dat niet. ‘Ik heb eenmaal een havik kalm achter een zwarte specht zien aanvliegen, die snoeihard gilde. De havik deed geen moeite te versnellen, het leek alsof het gillen hem afstootte of hooguit geïnteresseerd deed volgen.’ Er neuzelen mezen, er tjuppen vinken, hoog boven ons roept een sijs, kneuen vliegen kneuterend over. Wat verder weg klinkt een geluidje dat zelfs Rob even doet fronsen, maar algauw gaat het over in het fluitje van een goudvink. …








