Wie is de walnotenkraker?

In de tuin tref ik enkele walnoten aan. Eén is heel, de andere zijn opengebroken en leeggegeten. Ik verdenk de gaaien en kraaien ervan. Bosmuizen en dassen zijn ook walnootliefhebbers, lees ik in het boek De Reis van de Walnoot, van Romke van de Kaa. Bosmuizen wonen in onze tuin, en dassen in de buurt, maar we hebben geen walnotenbomen. De noten zijn vermoedelijk ingevlogen. Van roeken weet ik dat ze walnoten kapot laten vallen op straat, en dat zullen andere kraaiachtigen vast ook doen.
We hebben trouwens wel een walnotenboom: één, die we twee jaar geleden plantten en wiens top nu al dood is. Een zijtak staat nog wel in het blad. Stel dat ie het overleeft, dan hebben we volgens Van de Kaa de beginnersfout gemaakt, die hij zelf ook maakte: walnoten planten zonder aandacht voor het ras. De ene walnotenboom draagt namelijk veel meer noten dan de andere.
We zullen zien. Minder noten betekent ook minder werk. Ik krijg weleens een partij walnoten en kraak die plichtsgetrouw, wat best een klus is want meestal zitten delen van het vruchtvlees in onbereikbare krochten van de noot. Fraaie hersenhelften krijg ik er nooit uit. Ik moet ook goed opletten dat er geen stukjes bast door de ballotage komen, want dat heeft me eens een tandartsrekening bezorgd en tandartsrekeningen zijn zelden onbeduidend.
In Nederland is notenkraken geen wijdverbreid gebruik meer. In het boek vertelt een Franse notenboer dat ze met het hele gezin op herfstavonden aan tafel zitten te notenkraken. Nederlanders zijn daarvoor niet te porren. Zelfs bessen en bramen worden in Nederland in toenemende mate gekocht in plaats van gratis geplukt. Zijn wij Nederlanders nog luier dan gierig, of lusten we alleen dat wat uit een verpakking komt?
Het planten van een walnotenzaailing, ongeacht het ras, blijkt amateuristisch, zo leert De Reis van de Walnoot (Atlas Contact). Walnotenboeren zaaien bijna niet meer, ze enten. Van de Kaa reisde de walnoot achterna naar walnotensprookjesbossen in Kirgizië, walnootfestivals in Turkije, Luxemburg en Sicilië, naar notentelers in Frankrijk en Nederland. Het is een leuk boek, van de schrijver die al vele zeer leesbare tuinboeken schreef. Al bijna dertig jaar maakt hij de tuinscheurkalender, de laatste jaren samen met Caspar Dullaart.
De walnotenkraker in de tuin zou ook nog een notenkraker kunnen zijn. Notenkrakers zij nu in ons land. De dichtstbijzijnde van die vogels is bij Midlaren gezien, tien kilometer van onze tuin.
(Natuurdagboek Trouw dinsdag 27 oktober 2026)