Laatbloeiers

Iedere herfst verrast het me weer hoeveel plantensoorten maar blijven bloeien. Vaak is het een bescheiden, tweede bloei. Zo uitbundig als in de zomer zwaait knoopkruid niet met zijn paarse bloemen. Maar hier en daar staat wel een knoopkruid te bloeien alsof het zomer is.
En zo zie ik boterbloemen, paardenbloemen, havikskruiden, rozen, stokrozen, witte dovenetel, jacobskruiskruid, vertakte leeuwentand, cichorei, dagkoekoeksbloem, gele kamille, grijskruid, overblijvende ossentong, honingklaver, rode klaver, korenbloem, gele toorts, teunisbloem, beemdkroon en vlasbekje in bloei. En dan vergeet ik er nog een heleboel.
Van de week zat er een verrassing tussen de laatbloeiende verrassingen: zandblauwtjes. Aan de rand van een oud landgoed met statige beuken en eiken bloeiden ze tussen het gras van een begraafplaats. Op het veld in kwestie wordt vermoedelijk weleens as gestrooid. De zeeblauwe bloemen groeiden op veertig centimeter hoge, kale stengels uit een bladrozet.
Volgens de literatuur is zandblauwtje een echte zomerbloem, die bloeit van juni tot augustus. De plant houdt van kalkarme, droge plekken in het zand of tussen struisgras. Ik kom de soort af en toe tegen, onder andere in onze tuin waar we de soort gezaaid hebben. In de duinen van Schiermonnikoog zie ik ze ook regelmatig.
Of de herfstbloei van deze zandblauwtjes een gebruikelijke buitenissigheid is, dan wel het gevolg van een in de war gestuurd klimaat? Ik weet het niet. De dag dat ik de zandblauwtjes vond, waaide er trouwens een ijzige oostenwind. Ik zou het, als ik zomerbloeier was, laten afweten!
De bloemen van zandblauwtjes lijken op die van korenbloemen. Het is er nochtans geen familie van. Korenbloem is een composiet, zandblauwtje is een klokje.
Buitenissig of niet, dankzij zulke late bloeiers kunnen late insecten nog even blijven vliegen. Zandblauwtjes zijn in trek bij maskerbijen, glansbijen, groefbijen en zandbijen, bij een wants, een bladroller (een nachtvlindertje) en – geen insect maar een spinachtige – een galmijt.
Er zal vast wel eens een boomblauwtje op een zandblauwtje neerstrijken. Jammer genoeg heb ik dat nog nooit zo’n dagvlinder zien doen.
(Natuurdagboek Trouw maandag 26 oktober 2026)