Een prachtig duikeendje uit het noorden

Een prachtig duikeendje uit het noorden

Brilduiker. Foto Koos Dijksterhuis
Brilduiker. Foto Koos Dijksterhuis

De vogeltrek is grotendeels voorbij, al druppelen er nog allerlei noorderlingen binnen om de ijzige winter te ontvluchten. Daar zitten exotische schoonheden bij als kruisbekken en pestvogels, wat algemenere en minder flamboyante vogels als sijs en barmsijs, en alledaagse kandidaten als houtduiven, gaaien en vinken.

Maar vooral arriveren de eendvogels: zwanen, ganzen en eenden. Onder die eenden bevindt zich een klein, noordelijk beestje, dat zich vaak onopvallend tussen de gevliesde menigten ophoudt. Net als de kuifeenden waar ie nogal eens tussen zit, is de brilduiker zwart met wit, en duikt hij vaak onder. Vooral als je hem juist in beeld krijgt en wilt scherpstellen verdwijnt ie met een soort sprongetje onder water.

Brilduikers broeden soms in Nederland en dan is hun grappige balts te zien, waarbij fonteintjes van water worden opgetrappeld. Onderwijl fluit de woerd naar zijn meisje. Maar de meeste brilduikers broeden in de Scandinavische, Finse en Russische taiga in boomholten en nestkasten. Wij mogen ’s winter van ze genieten. Net als bij kuifeenden zijn alleen de woerden zwart met wit, de vrouwtjes zijn grijs met een lichte borst en een donkerbruine kop. De vrouwelijke snavel is bruinig met een gele punt.

De brilduikerwoerd heeft een gitzwarte snavel en een zwarte kop met, als de zon er op schijnt, een groene weerglans. Woerd en eend hebben opvallend gele ogen. Maar alleen de woerd heeft onder elk oog een spierwitte vlek. Van voren gezien is het alsof de brilduikerwoerd over de te grote glazen van zijn leesbril gluurt.

De woerd van de kuifeend heeft ook gele oogjes, maar zijn snavel is grijsblauw in plaats van zwart. Een kuifeend mist de witte bril en heeft weliswaar witte flanken maar een zwarte hals en borst. De brilduiker heeft een witte borst en hals, en vanaf de rug ligt zwarte franje over zijn witte flanken gedrapeerd. Een schitterend eendje.

Brilduikers zijn op vele binnenwateren te zien, ook in plantsoenvijvers. Zout water schuwen ze evenmin. Ze eten zowel plantaardige als dierlijke hapjes, die ze opduiken door op de bodem met hun snavel steentjes om te rollen. Ze zijn gek op zoetwatermossels.

(Natuurdagboek Trouw, vrijdag 12 december ’25)

 

DELEN
Reacties zijn gesloten.