De zeearenden zijn terug!

Op 20 november wandelde ik weer eens langs het Frieseveen en zag ik in de verte het arendsnest weer. Waren ze terug? Ze waren terug! Huh, maar het nest was met boom en al omgestormd. Dan hebben ze snel een nieuw nest gemaakt, nog niet zo groot als het vorige, al schiet het aardig op. Daar moeten ze al dagen mee bezig zijn geweest. Nestelen in november – je kunt maar beter vroeg beginnen! …
Kunnen vlinders beter camoufleren of opvallen?

Veel vlinders zijn felgekleurd, waarbij oranje vaak de hoofdkleur is: grote en kleine vos, distelvlinder, oranje zandoogje, gehakkelde aurelia, atalanta, argusvlinder, alle parelmoervlinders. Het oranje van parelmoervlinders neigt soms naar geel, evenals dat van de oranje luzernevlinder. De dagpauwoog kiest juist voor rood, met grote nepogen.
Al die uitdossingen zijn ‘bedoeld’ om (vogels) af te schrikken. ‘Bedoeld’ staat tussen aanhalingstekens, omdat vlinders zich waarschijnlijk niet bewust zijn van hun opvallende uitdossingen. Ze kregen die omdat ze er evolutionair voordeel uit haalden.
Felle kleuren, zeker in de combinatie oranje of geel met zwart, zoals de meeste soorten doen, zouden niet alleen een verrassingseffect sorteren, maar ook geassocieerd worden met gevaar. …
Zwamgast!

Even dacht ik bij de naam zwamgast aan een stamgast die veel kletst. Maar nee, de naam verwijst naar de twee soorten paddenstoelen die in Nederland op andere paddenstoelen groeien. Het betreft de poederzwamgast en de plaatjeszwamgast. Hoewel er veel meer soorten paddenstoelen op levende, stervende of dode boomstammen groeien, worden die zwammen echter vreemd genoeg geen stamgasten genoemd.
In het bos snuffelt onze hond soms graag van het pad af en ik laat haar wel eens haar gang gaan. De hond kan een grote opwinding aan de dag leggen over het geurspoor dat ze volgt. Zelf ben ik meer bezig met een gehurkte doorgang vinden en voorkomen dat het avontuur strandt in een dubbel loopje om een boom of braamstruik heen. …
Liefdevolle schelpenverzameling

Soms krijg ik van een lezer diens schelpenverzameling aangeboden. Ik sla die aanbiedingen meestal af of sluis ze door naar een kennis die al een grote verzameling heeft, maar waar altijd wat bij past. Bovendien geeft hij voor zijn werk veel natuurvoorlichting aan kinderen, bij wie schelpen gretig aftrek vinden.
Mijn eigen schelpenverzameling heb ik al een paar keer gesaneerd, om ruimte te sparen. Ik had bijvoorbeeld van tientallen vakanties op Schiermonnikoog een doos met een vergelijkbare inhoud. Dat kon wel een onsje minder. De afdankertjes gingen naar beginnende verzamelaars of belandden op een schelpenpaadje. …
Het is ook nergens pluis, geldt dat voor ieder huis?
De wijk
Ik had een huis gekocht in Hoogezand
Oost-Groningen, het was beslist niet duur
Het is een vrijstaand jaren-twintig-pand
Er zitten wel veel scheuren in de muur
Het is bij nader inzien ronduit knudde
Het schokgolft hier vaak dwars door de fundering
Je kunt wel bezig blijven met sanering
Ik kan het in Oost-Groningen wel schudden
En daarom neem ik rigoureus de wijk
Te koop staat nu mijn huis in Hoogezand
Al vrees ik daarop stevig te verliezen
Ik wil ver weg en pak alvast mijn biezen
Ik reis naar het zuidwesten van het land
Het zal me vast bevallen in Moerdijk!
Bot gevangen

Een vriend en ik lopen over het strand en in de buurt van twee vissers vinden we een dode platvis. Welke soort is dit ook alweer? Een blik op de telefoon doet wonderen: geen schol of schar maar bot. Die vissers hadden bot gevangen terwijl ze zeebaars wilden.
Een schar heeft een rondere rugvin en een spitsere snuit, een schol heeft een gladde huid, terwijl een bot ruw aanvoelt. Een schol heeft knobbels achter zijn kop, een bot heeft een broeknaad over zijn rug met een bochtje erin. …
Nectar in november

In het buitenland is beemdkroon algemeen maar in Nederland mag je blij zijn met een vondst van deze plant. Ook bijen, vlinders en andere insecten zijn daar blij mee, want beemdkroonbloemen maken veel nectar.
Een beemd is een vochtig hooiland, te nat voor vee. Vanouds werd het één keer per jaar gemaaid, aan het eind van de zomer. Zulke hooilanden zijn zeldzaam geworden, zeker in Nederland. In het buitenland zie ik beemdkroon vooral in bermen en dijken die niet bemest worden, en die niet te dicht begroeid zijn. In Nederland komt beemdkroon het meeste voor langs de grote rivieren, in Zuid-Limburg en in de duinen. De plant houdt van vochtige, zandige grond met een beetje kalk. …
Boorgaten aan zee

Op het strand van Schiermonnikoog vind ik een stuk vermolmd hout en een klont veen, beide doorboord met een dichtheid aan gaten waar geen Emmentaler aan kan tippen. Het zijn boorgaten van boormossels.
Boormossels zijn tweekleppige schelpdieren. Waar de meeste tweekleppigen twee schelpen maken, die ze potdicht kunnen sluiten, kunnen de beschermende schelpen van boormossels niet helemaal dicht. Hun schelpen zijn bovendien breekbaar. Daarom boren boormossels gaten in zacht hout of veenklonten op de zeebodem. Daarin leven ze veilig, voedsel naar binnen slobberend. …
Reuzenberenklauw

Door het raam zie ik het twee meter hoge skelet van een overleden reuzenberenklauw. Die kwam afgelopen juni spontaan op. We bewonderden de groene kapsels waarin de witte schermbloemen zich ontwikkelden, klaar om zich uit te spreiden als paraplu’s.
Die bloemen gonsden van de zweefvliegen en er zaten boktorren, schijnboktorren en weekschildkevers op. De reuzenberenklauw is misschien wel een even gastvrije insectenplant als de inheemse gewone berenklauw.
Vorige week schreef ik over die soort, waarvan sommige nog steeds bloeien – een uitkomst voor late insecten. Altijd als ik iets schrijf over die plant, krijg ik een of meerdere reacties van lezers die verontwaardigd melden dat berenklauw een gevaarlijke, invasieve exoot is. …