Liefdevolle schelpenverzameling

Liefdevolle schelpenverzameling

Hartkokkel Foto Koos Dijksterhuis
Hartkokkel. Foto Koos Dijksterhuis

Soms krijg ik van een lezer diens schelpenverzameling aangeboden. Ik sla die aanbiedingen meestal af of sluis ze door naar een kennis die al een grote verzameling heeft, maar waar altijd wat bij past. Bovendien geeft hij voor zijn werk veel natuurvoorlichting aan kinderen, bij wie schelpen gretig aftrek vinden.

Mijn eigen schelpenverzameling heb ik al een paar keer gesaneerd, om ruimte te sparen. Ik had bijvoorbeeld van tientallen vakanties op Schiermonnikoog een doos met een vergelijkbare inhoud. Dat kon wel een onsje minder. De afdankertjes gingen naar beginnende verzamelaars of belandden op een schelpenpaadje.

Onlangs vroeg Berend Boudewijn mij of ik de schelpen van zijn overleden vrouw wilde hebben. Wat leuk en verrassend dat Martine Bijl schelpen verzamelde! Had ik dat geweten, dan had ik haar voor mijn schelpenboek bezocht. Boudewijn heeft haar schelpen in zijn ontroerende liefdesverklaring aan haar, getiteld: Wie houdt je warm in de winter?, niet genoemd. Ze had ook zoveel interesses.

Het betrof een flinke en fraaie collectie. Mijn kennis en ik waren nieuwsgierig. Een grote ladenkast zat stampvol. Sommige soorten vulden een hele la. Zij had bijvoorbeeld honderden mantelschelpen meegenomen uit Normandië. Meer dan een la. Ze bekleedde de badkamer ermee tot een schelpengrot. Het project was nog niet klaar toen ze overleed. Ze maakte ook mozaïeken, en in de badkamer combineerde ze beide liefhebberijen.

Zaten er drie schelpsoorten in een la, dan had ze van elke soort een exemplaar op de voorkant van de la geplakt. Op een briefje stond geen Latijnse naam, maar een omschrijving als: ‘breekbare bruine mosseltjes’.

Het was een liefdevolle verzameling en Boudewijn was blij dat hij er een bestemming voor vond, maar was tegelijk verdrietig omdat deze nalatenschap van zijn vrouw de deur uitging. Mijn kennis en ik hebben alle schelpen overgeheveld in dozen. Ik heb een paar exemplaren gekregen, zoals een hartkokkel. Die is niet verwant aan een gewone kokkel, maar heeft net als de gewone een hartvorm. Ik ben blij met die aanwinst, omdat ik het zo’n lieflijke schelp vind.

(Natuurdagboek Trouw, woensdag 19 november ’25)

 

DELEN

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *