Steekhoudend

Steekhoudend

Hond met dikke onderlip Foto Koos Dijksterhuis
Hond met dikke onderlip. Foto Koos Dijksterhuis

Onze hond een speelt graag op het gras met een bal. Laatst staakte ze dat spel ineens en wilde ze naar binnen. Ze gedroeg zich raar en hapte in haar bovenbeen (bovenpoot?). Op haar flank zat iets, het bewoog, het bleek een wesp te zijn.

Ik pakte de wesp in een theedoek en liet haar buiten vrij, waar ze neerviel. Die was vast haar angel kwijt. En aangezien de hond met haar snuit de kennelijke wespensteek bewerkte, zou het best eens kunnen dat…

Inspectie van haar neus leverde inderdaad een angel op. Het leek wel een kleine braam-doren die vlak boven haar zwarte neuspunt in de neus zat. Met een pincet werd het pijnood verwijderd. De hond reageerde met wat ik als vreugde en opluchting interpreteerde. Toch duurde het nog twee uur voordat ze niet meer in haar poot hapte of over haar neus wreef. Een ijscompres hielp enigszins.

Een week later wreef ze steeds over haar kin, waar een verdikking opzwol. Weer een wesp? Ik inspecteerde het speelveld en vond een muizenhol. En ja hoor, daar vlogen wespen in en uit. Wespen nestelen vaak in oude muizenholen – ze kunnen een meterslang gangenstelsel vullen.

In april neemt een koningin die de winter heeft overleefd haar intrek in zo’n hol en legt ze eitjes. Daaruit komen werksters. Die bouwen een nest van cellulose, dat ze van houtachtig materiaal schrapen. De koningin legt ei na ei, tot haar nageslacht in de duizenden loopt, eh vliegt. De werksters verzamelen vliegen en andere insecten, kaas en ham voor de larven. Die bevorderen hun ijver door een zoete pasta af te scheiden.

In de zomer raakt de koningin door de voorraad sperma heen, die ze in de vorige paartijd had opgeslagen. De laatste bevruchte eitjes worden opgekweekt tot potentiële koninginnen. Er komen geen larven meer bij. De zoete afscheiding raakt op en de duizenden werksters gaan op zoek naar appeltaart, appelsap, cola en bier.

In september en oktober slinkt het wespenvolk. De koningin legt onbevruchte eitjes waaruit darren komen: mannetjes. Die paren met de nieuwe generatie koninginnen en sterven. De jonge koninginnen zoeken een winterschuilplaats. Het nest wordt verlaten. Maar voor het zover is, blijven de laatste werksters het fanatiek verdedigen. Als een hond er haar snufferd in steekt, krijgt ze het ziedende volkje achter zich aan.

 

(Natuurdagboek Trouw, vrijdag 2 oktober ’26)

 

DELEN

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *