Mij brengt de eerste zwaluw de lente

Ooit was ik in de herfst in West-Afrika en daar zag ik boerenzwaluwen. Die broeden in Europa maar overwinteren in tropisch Afrika, tot in Angola aan toe. Daar worden de seizoenen meer door regentijden bepaald dan door daglengten. De zwaluwen brengen er geen zomer. Ze broeden er ook niet, maar jagen er boven de regenwouden op insecten. Wat ze aan malariamuggen wegwerken voorkomt misschien wel meer ellende dan de klamboes die Bill Gates uitdeelt.
Bij ons broeden ze wel, van april tot september. Begin oktober vertrekken ze en in maart en april keren ze weer. De eerste boerenzwaluw is weken geleden al gezien, met de wind in de rug over het strand van Zeeuws-Vlaanderen. Of die de zomer bracht? Het broedseizoen nadert en één moet de eerste zijn. Ik kijk altijd uit naar hun komst. De eerste zwaluw brengt mij de lente.
Boeresweltjes metselen nesten van modder in kapschuren, stallen en andere overdekte plekken waar ze in- en uit- kunnen vliegen. Ze jagen snel en wendbaar achter vliegen en muggen aan. Vooral stallen en schuren op het boerenland zijn in trek. Die werden allengs schoner gemaakt en dichter getimmerd en bovendien met insecticiden bewerkt. Modderige erven werden geasfalteerd, mestvaalten opgedoekt. Het aantal boerenzwaluwen nam jarenlang af. De laatste tien, vijftien jaar is er enig herstel, wellicht dankzij de populariteit van paarden houden. Overal langs steden en dorpen verrezen paardenstallen met paardenweidjes.
Zeldzaam zijn ze trouwens nooit geworden. Nog altijd wordt het aantal boerenzwaluwen op 300 duizend paar geschat. Drie keer meer dan huiszwaluwen en tien keer meer dan oeverzwaluwen. Huiszwaluwen zijn kleiner en zwarter en hebben een spierwittte stuit. Oeverzwaluwen zijn bruin met wit. Boerenzwaluwen zijn donkerblauw van boven, crème van onder, ze hebben geen witte stuit maar wel een rode keel. En een diep gevorkte staart.
Intussen zijn ook de gierzwaluwen in aantocht. Die zijn binnenkort bij hun broedplaatsen te verwachten: pannendaken in steden en dorpen. Ze lijken op zwaluwen maar vormen een aparte vogelfamilie. Ze zijn groter en nog sneller dan zwaluwen, vliegen als zwarte halve maantjes door het luchtruim, en jakkeren soms laag door de straten.
(Natuurdagboek Trouw, vrijdag 3 april ’26)