Late bloeiers

Late bloeiers

Afghaanse duizendknoop. Foto Koos Dijksterhuis
Afghaanse duizendknoop. Foto Koos Dijksterhuis

November staat voor de deur maar er bloeien nog vele soorten planten alsof het zomer is. Vele daarvan, zoals Oost-Indische kers, cichorei en knoopkruid, bloeien door tot nachtvorst daar een abrupt einde aan maakt. Andere, zoals paardenbloem en dagkoekoeksbloem, doen aan een najaarsbloeigolfje, een tweede ronde. Die stelt veel minder voor dan de hoofdbloei in de lente, maar toch.

Er zijn ook echte winterbloeiers, zoals bezemkruiskruid. Harig knopkruid begint in de herfst en bloeit tot diep in de winter. Verder zie ik madeliefjes, witte en bonte dovenetels, scherpe boterbloemen en klein kruiskruid iedere winter de vrieskou trotseren.

Er was al vroeg in de herfst of zelfs nazomer lichte nachtvorst, maar niet streng genoeg om de bloeiers uit het veld te slaan. Ook biggenkruid en leeuwentand houden vol, net als sommige havikskruiden. Zelfs de Oost-Indische kers bloeide en bloeit onbekommerd door. Ik zie ook nog kaasjeskruid bloeien en andere tuinbloemen.

Van de wilde bloemen vallen mij berenklauwen op. Niet veel, de meeste hebben in juni gepiekt, maar er is een bescheiden nabloei. Het betreft nooit de twee meter hoge reuzenberenklauw, die als ongewenste vreemdeling wordt beschouwd, maar de één meter hoge gewone berenklauw. Vaak zit er een kever of late zweefvlieg op.

Het zijn vrijwel allemaal late of nabloeiers die hun beste tijd gehad hebben. Maar ik ken een plek waar Afghaanse duizendknopen staan, menshoog, en in volle bloei. De plant wordt net als de reuzenberenklauw beschouwd als invasieve exoot, al woekert ie nog lang niet zo hardnekkig rond als zijn Japanse neef.

Niet ver van de Afghaanse duizendknopen staan reuzenbalsemienen, eveneens ongewenste vreemdelingen. Beide soorten groeien op de oever van water dat steeds meer verdwijnt onder de grote waternavel, ook al een vreemdeling zeker, die verdwaald is zeker.

Maar die Afghaanse bloemenzee is wel een lust voor het oog en voor de neus, want ze ruiken lekker. En ze bloeien maar door. En als ze uitgebloeid zijn, komen de eerste novembersneeuwklokjes alweer.

(Natuurdagboek Trouw, vrijdag 31 oktober ‘25)

 

DELEN
Reacties zijn gesloten.