Dodelijke griep treft slechtvalk

Dodelijke griep treft slechtvalk

Slechtvalk dood achter kattenluik. Foto Albert-Erik de Winter
Slechtvalk dood achter kattenluik. Foto Albert-Erik de Winter

Afgelopen jaar zag ik vier keer een slechtvalk. In november in de Zak van Zuid-Beveland, in januari in Arkemheen bij Nijkerk, in februari in Lappenvoort bij Paterswolde en in september op Schiermonnikoog. Vier slechtvalken! Ik besefte ineens dat ik ze had gemist. De laatste jaren zag ik ze nauwelijks.

Dat was wel eens anders. Als ik tien jaar geleden op een winterdag in het Lauwersmeer de paaltjes afspeurde, zag ik er algauw vier. Maar ook dat was wel eens anders.

Een halve eeuw eerder waren slechtvalken vrijwel uitgeroeid. Ze leden onder de insecticiden die ze met hun prooivogels binnen kregen. Na het verbod op DDT namen ze weer toe, mits ze niet werden doodgeschoten, vergiftigd of gevangen voor de valkenjacht en roofvogelshows.

In Duitsland nam men de bescherming van de slechtvalk, het snelste dier ter wereld, voortvarend ter hand. De Duitse populatie dijde uit en stak de landsgrenzen over. Mijn eerste Nederlandse slechtvalk zag ik begin 1978 in Engbertsdijkvenen. De tweede kwam ik een paar jaar later tegen in het Lauwersmeer. Er kwamen er steeds meer, ze broedden in nestkasten op zendmasten, schoorstenen en torenflats. In de winter kwamen er Scandinavische slechtvalken bij.

Waar zijn ze gebleven? Op de site van de Werkgroep Roofvogels lees ik wie de boosdoener is: ‘Naar schatting is 56 procent van de winterpopulatie gestorven aan vogelgriep.’ Slechtvalken jagen graag op eenden en meeuwen, watervogels die relatief vaak vogelgriep krijgen. De sterfte vond plaats in de winter van 2020-2021, toen vogelgriep huishield en er tientallen dode slechtvalken werden gevonden bij karkassen met vogelgriep.

Nu lees ik in het roofvogelblad de Takkeling (2025 nr. 3) over een slechtvalk die op 25 mei 2021 door Albert-Erik de Winter van agrarische natuurvereniging Wierde & Dijk dood gevonden werd, in een leegstaand, vervallen huisje bij Loppersum. Ze werd gevonden tijdens een controle op vleermuizen en andere zoogdieren die lege gebouwtjes gebruiken. De vogel lag achter een openstaand kattenluikje, met haar kop richting luikje. Het was een vermagerd volwassen vrouwtje. Een halve cirkel van poepjes om de valk heen suggereert dat ze er een tijdje levend heeft gelegen.

(Natuurdagboek Trouw, vrijdag 24 oktober ’25)

 

DELEN
Reacties zijn gesloten.