On-Engelse Iris

On-Engelse Iris

Engelse Iris. Foto Koos Dijksterhuis
Engelse Iris. Foto Koos Dijksterhuis

Wandelend door de Cantabrische bergen zien we onnoemelijk veel soorten bloemen bloeien. Aangezien we fikse afstanden afleggen en hoogtes overbruggen, slepen we geen flora’s mee en kunnen we niet eindeloos plantjes bestuderen. Foto’s maken dan maar en later thuis uitzoeken.

Behalve het uitgebreide assortiment orchideeën valt op hoeveel bloemen we zien, die we kennen als tuinversiering. Ridderspoor, monnikskap, kaasjeskruid, akelei, nieskruid en blauwe iris zijn een paar van de meest opvallende. En mooi dat ze zijn! Zo diepblauw als de akeleien en irissen hier zijn, zijn ze nergens. Dat geldt trouwens ook voor zandblauwtjes, dwergblauwtjes, vleugeltjesbloemen en diverse gentianen. Een blauw waarbij de helderste hemel flets afsteekt. Als je je op Amerikaanse wijze blue voelt en naar blues luistert, betekent dat iets treurigs, maar mij maakt al dat blauw juist blij. Ook blauwe vlinders, ijsvogels, azuren zeeën en onbewolkte uitspansels maken me blij. Blauw is mijn lievelingskleur, al betekent dat niet dat ik graag een blauwtje loop.

Enfin, ik mag maar één foto bij deze rubriek plaatsen. Vooruit, het wordt de Spaanse iris. Hij groeit op kalkrijke bergweiden, en daar wandelen wij. Onder Nederlandse tuiniers staat deze plant bekend als Engelse iris. Dat is raar, want hij komt alleen voor in de Pyreneeën en Cantabrische bergen. Nu hebben Duitse kakkerlakken niets met Duitsland te maken, Vlaamse gaaien niets met Vlaanderen en is Engels gras niet eens gras, laat staan Engels. De Engelse alant is een andere wilde plant die in bijna heel Europa voorkomt, maar niet in Engeland. Maar Engelsen waren er als de kippen bij om nieuwe soorten bloemen te verzamelen, kweken en beschrijven. Het waren Engelsen die de planten uit Spanje meenamen en een naam gaven. “Rare jongens, die Britten”, zei Obelix al.

In tegenstelling tot gele lissen houden de blauwe Engelse irissen uit Spanje niet van drassige grond. Een beetje vocht à la, maar ook op droge bergweiden bevalt het ze.

(Natuurdagboek Trouw dinsdag 25 juli 2017)

DELEN
Reacties zijn gesloten.