De grutto’s kunnen blijven

De grutto’s kunnen blijven

Grutto. Foto Job Leideritz
Grutto. Foto J. Leideritz

Aan de oostkant van de stad Groningen ligt Kardinge, een klein natuur- en recreatiegebied, in beheer van Natuurmonumenten. Ooit lagen er weilanden met veel weidevogels. Eerst werd daar de Ringweg doorheen gelegd, toen kwamen de twee grote woonwijken Beijum en Lewenborg. Dat was in de jaren ’70, toen nog bijna niemand doorhad dat de grutto over zijn top was en de watersnip en kemphaan achterna zou duikelen.

De overgebleven weilanden steken als een wig tussen beide woonwijken naar de stad. Op deze strook land van 37 bunder bleven grutto’s, kieviten, scholeksters en zelfs tureluurs broeden. De weilanden gingen dan ook niet mee in de vaart der volkeren. Verderop, achter Kardinge, schreed de intensivering verder. Daar strekken zich nu immense tarwevelden en weilanden uit waar geen klaproos of boterbloem, veldleeuwerik of kievit meer kan leven. Maar op de weilanden sukkelde de veeteelt in het tempo van 1970 door. Het meeste land wordt beboerd door Jan Hendrik Elzinga, die meer schik heeft in grutto’s dan in melkplassen en mestquota. Hij maait zijn land laat, hij bemest zuinig, hij laat rietkragen staan. Ondanks aangrenzende bossen met vossen en kraaien, houdt het weidevogelkwartet het goed vol. Ook broeden er blauwborstjes, rietzangers, rietgorzen en karekieten. Door de weiden hollen hazen. Het vee loopt buiten, maar in de lente niet overal, zodat de koeien geen nesten vertrappen.

De boer pachtte zijn grond van de eigenaar: Bouwfonds. Ik hield al jaren mijn hart vast wat er zou gebeuren als Bouwfonds het zou verkopen. Een villawijk? Een hondenuitlaatgebied? Of modieuze nep-oernatuur met grote grazers? Maar nee, nu heeft Natuurmonumenten het land gekocht. Het blijft zoals het is, Elzinga boert voort, de grutto’s kunnen blijven.

(Natuurdagboek Trouw dinsdag 16 juni 2015)

DELEN
Reacties zijn gesloten.