Natuurdagboek 2012
Boterbuik

Boterbuik

Grote zaagbekken. Foto Jeanette Essink

Het land is grijs, het water is zwart, de lucht is grauw. Grote zaagbekken brengen kleur in winters Nederland. Zaagbekken zijn fraai uitgedoste eenden, met lange, dunne, rode snavels. Die snavels zijn getand. Zaagbekken duiken naar vis, ze zwemmen onder water achter vis aan. Dan is zo’n zaagbek handig. Die geeft grip op de glibberige spiering. De grote zaagbek is iets groter dan een wilde eend. De woerd heeft een glanzend donkergroene rug en kop en natuurlijk die rode snavel, en een witte buik, gebroken wit. Aan die kleur dankt hij zijn bijnaam boterbuik. Grote zagers, zoals vogelaars zeggen, broeden in de taiga van Finland, Zweden en Rusland, tot ver achter de Oeral. In het stille, uitgestrekte naaldwoud leggen ze hun eieren in boomholten. Ook door nestkasten laten ze zich wel bekoren. Als er maar water in de buurt is, water met veel vis. De taiga wordt doorsneden door rivieren die koele, donkere meren voeden.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
(R)evolutie

(R)evolutie

Het revolutionaire van Charles Darwin was niet het idee van natuurlijke selectie, want dat bestond al. Vooral de bekendmaking ervan aan een breed publiek gaf de Victoriaanse wetenschap een dreun als een heipaal. Dat vertelt de Britse evolutiebioloog Richard Dawkins in een tjokvolle Nieuwe Kerk in Groningen.

Natuurlijke selectie werd allang erkend. Darwins tijdgenoot Edward Blyth zag natuurlijke selectie als mechanisme om alles wat niet in Gods schepping paste, eruit te werken. Natuurlijke selectie als handhaver van de bestaande toestand. De Schotse landheer Patrick Matthew paste natuurlijke selectie toe in de veredeling van appels en hout. Hij zag in dat natuurlijke selectie een evolutionaire verandering in gang kan zetten. Alfred Russel Wallace kwam op hetzelfde idee als Darwin: dat natuurlijke selectie de motor is achter soortvorming en dat daar geen schepper voor nodig is. Maar Darwin wist in 1859 met zijn Origin of Species de wetenschappelijke en lekenwereld op zijn kop te zetten.

Na Darwins dood, vertelt Dawkins, is de evolutietheorie gecombineerd met de erfelijkheidsleer van Gregor Mendel. En sinds chromosomen, genen en DNA bekend zijn, begrijpen we hoe natuurlijke selectie plaatsvindt. Mendel kruiste erwtenrassen van verschillende kleur. Hoe meer kleuren je mengt, des te grauwer wordt de mengkleur. Maar Mendels zaailingen kregen toch erwten van oorspronkelijke kleuren, niet van een mengkleur. Dankzij recombinatie van DNA en af en toe een mutatie wordt het leven juist steeds kleur- en soortenrijker. Als populaties gescheiden raken en geen erfelijk materiaal meer (seksueel) uitwisselen, gaan ze elk hun eigen evolutionaire weg, tot ze zo verschillend zijn, dat ze dat niet eens meer kunnen uitwisselen. Zo ontstaan soorten. In sommige kringen is dat nog steeds een revolutionair idee.

DELEN
Verre schelpen op de dam

Verre schelpen op de dam

Grote mantel en Portugese oesters. Foto Koos Dijksterhuis

In Lauwersoog lopen we op de dam tussen vissershaven en Waddenzee. Aan de landkant liggen vissersschepen, aan de zeekant steekt een skyline uit de horizon van vuurtoren, watertoren, Kobbeduinen, Willemsduin. Schiermonnikoog dus, een eiland om verlangend naar uit te kijken. De dam loopt dood bij de veerhaven. Hier zijn bij eb oesters van de dijk te plukken. Portugese oesters zijn het, niet zolang geleden door schelpdiervissers uitgezet in de hoop op iets te vissen. De schelpdieren bleken zich zo vast te hechten, dat het niks werd met het vissen. Intussen bedekken ze de halve Waddenzee.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Het gaat niet om de soort

Het gaat niet om de soort

Gewone zeehond. Foto Rob Buiter

In de zaterdagkrant stond vorige week een mooi verslag over een opvangcentrum voor zielige dieren. ‘Elk diertje telt’, schreef Cyriel van Rossum, terwijl hij dode muizen en kuikentjes sorteert als voer voor bosuil en torenvalk. Onze dierenliefde is selectief. Muizen, kikkers, vissen mogen dood, we voeren ze onbekommerd aan ooievaars, fretten en zeehonden. We hebben een liefdeshierarchie: eerst onszelf, onze kinderen en familie, dan vrienden en andere mensen, vervolgens op ons lijkende dieren en huisdieren en dan steeds minder aan ons verwante diersoorten. Insecten sluiten de rij, behalve dagvlinders en lieveheersbeestjes.

Van Rossum vraagt zich af waarom mensen dieren redden. Niet voor de natuur, meent hij, want ‘als een vogel te zwak is om op eigen kracht te overleven, te traag om uit de klauwen van een kat te blijven, is hij een drop out van het onverbiddelijke selectieproces dat de soort sterk moet houden.’ Los van de vraag of huiskatten natuurlijk zijn, is het een oud misverstand dat soms nog opduikt: dat zwakke individuen dood gaan omdat dat nodig is voor de overleving van de soort. Maar bij natuurlijke selectiedruk op individuen speelt de overleving van de soort geen rol.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Piepers

Piepers

Graspieper. Foto Erik Sanders

Steltloper, duinpieper, pietje… drie vogels in de crypto van zaterdag. En een vis, een zwam, twee zoogdieren. De puzzelmaker had zijn dierendag! De bedenker ervan, stel ik me voor, zoekt een omschrijving en via de ene vogel beland, ligt de asscociatie met een andere vogel voor de hand. Wie bedenkt die puzzels eigenlijk? Er staat geen auteursnaam bij. Maar hij kent de duinpieper. Dat is weinigen gegeven. Duinpiepers zijn klein, bruin en schaars. Je ziet ze nooit. In Nederland dan.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Aardsterren

Aardsterren

Gekraagde aardster. Foto Koos Dijksterhuis

We fietsen langs de binnenduinrand bij Driehuis langs de Kennemerduinen. De weg slingert charmant onder kale loofbomen en groene naaldbomen door. De berm tussen weg en fietspad schiet onder mij door. Lang gras, het ziet er vermoeid uit, alsof het geen zin meer heeft in groeien na het lange groeiseizoen. Maar het is warm voor de tijd van het jaar, het krijgt geen rust. Tussen de groene halmen zie ik beige eitjes. Ik stap af. De eitjes zijn uitjes, drie centimeter brede en vier centimeter hoge bolletjes die in een punt uitlopen, een soort tepel. Daaruit waaieren de sporen van deze paddestoelen. Het zijn aardsterren, gekraagde aardsterren om precies te zijn.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Vogels op zee

Vogels op zee

Middelste zaagbek vr. foto Erik Sanders

De dag na de storm die Nederland de adem deed inhouden van de vrees voor een watersnoodramp, staan groepjes vogelaars in de luwte van gebouwtjes op de havendijk van Lauwersoog. Door een woud van telescopen turen ze overzee, hopend op aangewaaide zeevogels. Ik loop de pier om de veerhaven af. Tjieptjiep! Twee steenlopers strijken neer op de bazaltblokken onderaan de pier. Kokmeeuwen dwarrelen over. Er dobberen eidereenden: grote zeeëenden, de vrouwtjes bruin, de mannetjes zwart-wit.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Watersnood

Watersnood

Watersnood Lauwersmeer. Foto Koos Dijksterhuis

De dijk bij Tolbert stond op doorbreken, donderdag. 85 mensen werden geëvacueerd, 15 bewoners bleven in hun bedreigde polder. Zandzakken werden aangesleept. Regen vulde de boezemwateren en een noordwester stuwde de Waddenzee op. Tolbert ligt ten zuidwesten van de stad Groningen. Ligt Tolbert aan zee? Nee, het dichtstbijzijnde water van enige omvang is het Leekstermeer. Maar het gevaar kwam van de Matsloot. De Matsloot? De streek werd afgesloten om ramptoeristen te weren. Hoog water dat uit de sloot klotst is een spectaculair gezicht. Waarom mogen mensen dat niet zien?

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Muggen

Muggen

Grote steekmug Culiseta annulata. Foto Koos Dijksterhuis

Toen dochter op bed lag, klaagde ze over muggen. Muggen? Nu nog? Ja daar. Ze wees naar een plooi in het gordijn, waarop inderdaad een steekmug zat. Een snelle klap in mijn handen maakte een eind aan het muggenleven. Door de klap vlogen nog twee muggen op uit het gordijn. Ze streken beide neer, de een op de wand, de ander op het plafond. Met een pantoffel sloeg ik ze dood.

Lees Meer Lees Meer

DELEN
Oer(d)labyrint

Oer(d)labyrint

Cirkel Driehuis. Foto Koos Dijksterhuis

Zo’n perfecte cirkel in het gras (foto) moet haast wel het werk zijn van buitenaardse intelligenties. Want iedereen weet dat buitenaardse intelligenties de aarde markeren met mysterieuze cirkels in graan of gras of zand. Wat ze daarmee willen is een even groot raadsel als alles van die buitenaardse intelligenties. Ze krijgen er in ieder geval veel aardse publiciteit mee, misschien is dat wel hun doel.

Laatst nog, eind oktober, werd een cirkel ontdekt op het Oerd, de oostpunt van Ameland. Het was zelfs een labyrint van ronde vormen, kunstig gemaakt. Daar zat beslist een intelligentie achter, en gezien de overeenkomst die het labyrint vertoonde met vijfduizend jaar oude, Kretenzische labyrinten in Mediterrane opgravingen, moesten er haast wel buitenaardse intelligenties achter zitten.

Helaas heeft Jeanne Lendfers uit Waddinxveen begin december verklapt dat zij het buitenaardse oerlabyrint eigenhandig maakte. Hè, weer een mysterie minder. De graancirkels die van tijd tot tijd opduiken zijn ook grotendeels geclaimd door aardse stervelingen.

Lees Meer Lees Meer

DELEN