Waterzuiverend riet

Waterzuiverend riet

Rietkraag. Foto Koos Dijksterhuis
Rietkraag. Foto Koos Dijksterhuis

Riet is een algemene waterplant waar geen mens van opkijkt. Toch verbaas ik mij er elke lente weer over hoe snel het groeit. Als het oude riet van vorig jaar nog een halve meter boven het nieuwe groene riet uitsteekt, weet ik: over een week is het oude riet vrijwel onzichtbaar vanwege het nieuwe riet. Een halve meter in een week! Daarbij is riet een ecologisch belangrijke plant, want het zuivert de grond en het water, en het geeft leefruimte aan insecten en vogels.

Rietstengels hebben met hun allen een enorme oppervlakte waarop waterzuiverende bacteriën kunnen leven. Door de holle rietstengels dringt lucht het water en de bodem in, zodat daar aerobe afbraak van dode planten (en dieren, mest) mogelijk is. Zonder beluchting zou het zuurstofloze afbraak worden: gisting, met de beruchte stank van rotte eieren. Riet wordt daarom gebruikt als waterzuiveraar.

Als de rietzangers, blauwborstjes en andere rietvogels uit Afrika komen, is het riet nog oud en geel. Het nieuwe groene riet komt dan net de grond uit. In dat oude riet kunnen ze vast schuilen, scharrelen en nestelen. En eten, want in de holle rietstengels overwinteren en nestelen allerlei insecten. Daarom bezoeken bijvoorbeeld ook mezen een rietkraag.

Vaste bewoners van het riet zijn de rietgors en de rietvink. De rietgors lijkt op een mus maar het mannetje draagt een gitzwarte kap en bef. De rietvink lijkt niet op een vink; het is niet eens een vogel maar een nachtvlinder die als joekel van een rups in het riet leeft.

Karekieten krassen dag en nacht vanuit het riet hun naam: ‘karre karre kiet kiet’. Grote karekieten zingen veel luider dan kleine. De kleine karekiet krast net zo graag vanuit oude als vanuit jonge, groene rietkragen, ook als die nog laag zijn. De grote karekiet wil oud riet. Die komt uit Afrika en heeft meteen riet nodig. In Frankrijk, Duitsland en vele andere landen is de grote karekiet heel algemeen, maar ondanks het vele riet hebben we de soort bijna uit Nederland verdreven. De hardnekkige neiging van waterschappen om sloten leeg te schrapen draagt daar ongetwijfeld aan bij.

(Natuurdagboek Trouw, woensdag 21 mei ’25)

 

DELEN
Reacties zijn gesloten.