Geelpoothoornaar – probleem?

Als één dier de Nederlandse gemoederen weet te beroeren, dan is het wel de Aziatische hoornaar. Omdat er meerdere soorten hoornaars uit Azië zijn, kunnen we die ene die de gemoederen beroert beter geelpoothoornaar noemen. Dat vinden de insectenkenners Aglaia Bouwman, Jan Wieringa en Wouter van Steenis. Zij bespreken in tijdschrift De Levende Natuur de fabels en feiten rond deze wesp.
Feit: De geelpoothoornaars zijn onbedoeld uit het oosten ingevoerd. In 2004 zijn de eerste nesten ontdekt in Frankrijk, ‘bij een bonsaikweker die Chinees aardewerk importeerde’. In 2017 werd de eerste geelpoot in Nederland gezien. Intussen zitten ze overal, maar vooral in de zuidelijke helft des lands.
Fabels: Geelpoothoornaars zijn groter, agressiever en giftiger dan inheemse hoornaars en andere wespen. Alle drie onzin. Geelpoothoornaars zijn iets groter dan limonadewespen, maar kleiner dan Europese hoornaars. Ze zijn defensief van aard en gebruiken hetzelfde gif als andere wespen.
De nieuwkomers zouden ons ecosysteem met zijn inheemse insecten bedreigen. Alweer een fabel. De effecten op biodiversiteit, volksgezondheid en economie zijn verwaarloosbaar. Is er dan niets tegen deze exoot in te brengen? Toch wel: ‘Deze soort is hooguit een probleem voor imkers’.
De wespen eten naar schatting gemiddeld zes procent van de honingbijen op. Dat is een schadepost van een half miljoen euro per haar, volgens de auteurs veel minder dan de schade door landbouwgif, slecht weer, varroamijten en het ontbreken van bloemen. Bovendien jagen geelpoothoornaars ook op gewone, Duitse en middelste wespen, drie andere bijenkillers.
In sommige streken wordt de soort nog steeds fanatiek bestreden. Dat heeft niets uitgehaald – tegen het voorplantingssucces van geelpoothoornaars is geen bestrijding opgewassen. Spuiten met gif is nog erger dan de kwaal. Een volk opzuigen met een slang en bevriezen is tot dusverre de minst schadelijke bestrijdingswijze.
Zolang we van alles uit Azië invoeren, blijven we Aziatische planten en dieren invoeren. Als die niet meteen ontdekt en gedood worden, en als ze aanslaan, is bestrijding dweilen met de kraan open. Gelukkig is de nieuwe wespensoort al ontdekt door mijten en door wespendieven.
(Natuurdagboek Trouw, donderdag 9 april ’26)