Oortjes

Oortjes

Oortjes Crepidotus sp. Foto Koos Dijksterhuis
Oortjes Crepidotus sp. Foto Koos Dijksterhuis

Tijdens een wandeling van tweeënhalf uur door hompige en zompige zeeklei moet ik zo nodig, dat ik vrees voor een gescheurde blaas. Gelukkig doemt er een bos op. In één opzicht zijn mensen beslist verwant aan honden. Voor zekere behoeften eisen de mannetjes een paal of boom.

Gedurende de ontlading kijk ik, waarschijnlijk anders dan andere mannen zouden doen, niet omlaag maar om me heen. Niet eens zozeer uit schaamte voor eventuele voorbijgangers, al voer ik de gewraakte activiteit bij voorkeur in privéomstandigheden uit. Vandaar ook het uitstel tot het bos. Maar ik kijk vooral rond, omdat ik mogelijk dierlijk leven niet wil missen. Op die manier heb ik al menige bosmuis en vogel betrapt. En insecten natuurlijk, niet altijd tot genoegen trouwens.

Dit keer zie ik pal voor mijn neus geen dieren maar paddestoelen; twee soorten nog wel. Een oude, verschrompelde trilzwam en vooral een rij piepkleine maar fraaie paddestoelen. Ze groeien aan de onderkant van een geknakte tak die schuin omlaag op de grond leunt.

Er zijn elf soorten oorzwammetjes. Ze zijn uit elkaar te houden door hun sporen te vergelijken. Zijn de zwammetjes al klein, hun sporen zijn alleen onder een microscoop te zien.

Oorzwammetjes of oortjes zijn kleine paddestoelen die in rijen of dakpansgewijs op dood hout groeien. Dat kan naaldhout of loofhout zijn en het mag hardhout zijn. Waarschijnlijk tref ik het algemeenste oorzwammetje aan, de algemeenste soorten laten zich nou eenmaal het vaakst zien, maar dit is niet het gewone oorzwammetje, want dat komt in Noord-Amerika voor.

Waarschijnlijk zie ik het rondsporig oorzwammetje (Crepidotus cesatii). Rondsporige oorzwammetjes zijn zeer algemeen en groeien ook ’s winters op dode twijgen van loofbomen en struiken op kleigrond. Het klopt allemaal precies. Andere oortjes zijn veel zeldzamer of groeien op grassen of op zandgrond. Nochtans zijn er vijf andere oortjes waarvan de rondsporige alleen microscopisch met zekerheid onderscheiden kan worden. Aan zijn ronde sporen natuurlijk.

(Natuurdagboek Trouw dinsdag 14 feb. 2017)

DELEN
Reacties zijn gesloten.