Sprookjesvogels in het land

Sprookjesvogels in het land

pestvogel
Pestvogel. Foto Koos Dijksterhuis

Overal in Nederland duiken pestvogels op. Pestvogels zijn één van de kleurrijkste vogels van Europa. Ze broeden in de naaldbossen van Noord-Zweden, Noord-Finland en Noord-Rusland. In de winter zakken af naar het zuiden, op zoek naar bessen. Dan belanden ze in Zuid-Zweden en Denemarken. Ik zag de sprookjesachtige vogels eens boven het graf van Hans Christian Andersen. Ze neurieden er hun rinkelende liedje. Sommige vliegen door naar Nederland en nu zijn dat er meer dan anders.

In hun broedgebied vriest het een graad of tien. Dat hoeft geen bezwaar te zijn, als er maar genoeg bessen zijn. Als die ontbreken of verpakt zitten in ijzel en bevroren sneeuw, kunnen pestvogels al in de herfst hun biezen pakken. Zeker als een slechte bessenoogst volgt op een zomer met veel insecten en dus voedsel voor de jongen. Dan zijn er extra veel pestvogels die de bessenspoeling nog dunner maken.

Dat er in november al zoveel pestvogels in Nederland zijn, is uitzonderlijk. Veel pestvogels betekent dat ze hier en daar bekijks trekken. Er zijn nog altijd veel minder pestvogels dan merels, mezen en mussen. Maar waar bessen en andere vruchtjes zijn, zouden ze kunnen neerstrijken. Zeker de hapjes die andere vogels versmaden, en die dus blijven hangen als de lijsterbessen, meidoornbessen en vuurdoornbessen op zijn, kunnen pestvogels van dienst zijn. Pestvogels zijn niet kieskeurig en lusten bijvoorbeeld de felrode bessen van de Gelderse roos, waar merels c.s. hun snavels voor ophalen. Ik heb pestvogels zelfs zien eten van die kleine, gele sierappeltjes, een soort kerstballen die voor intratuintjes gekweekt worden.

Wie het geluk heeft pestvogels te zien, kan vaak langdurig van dichtbij van ze genieten, want ze kennen nauwelijks mensen en zijn er niet bang voor.

(Natuurdagboek Trouw donderdag 10 sept. 2016)

DELEN
Reacties zijn gesloten.