Een half miljoen vinken op één dag

Vink. Foto Koos Dijksterhuis

Hoewel de zomer van geen wijken weet, is de vogeltrek in volle gang. Momenteel snorren er vinken, spreeuwen en graspiepers over ons land. Vogelbescherming meldt dat vorige week op de internationale vogelteldag van Euro Birdwatch ruim een half miljoen vinken zijn geteld.

Die vinken komen uit Scandinavië. De meeste vliegen door naar Frankrijk, sommige gaan naar Spanje, andere naar Engeland en Ierland. Een deel blijft ook in Nederland en België. Komend voorjaar trekken ze in omgekeerde richting over en door ons land, maar dan zijn er veel minder, want in de winter gaan er veel dood.

Vinken vliegen op hun herfsttrek vaak langs de kust. Niet dat omdat ze zo verzot zijn op de zee, integendeel. Ze deinzen juist terug voor de zee, en blijven daarom boven de kust. Als ze naar Engeland willen, slaan ze pas rechtsaf in de buurt van Calais, waar het Nauw van die stad het nauwst is. Met tegenwind vliegen ze laag, onder dekking van duinen en bosjes, en zijn ze beter te zien en te tellen. Hoog in de lucht zijn ze herkenbaar aan hun roepjes: ‘tjup-tjup’. Vinken trekken samen op met andere zangvogels, vooral uit de vinkenfamilie, maar gewone vinken zijn er veel meer dan bijvoorbeeld kepen, die tussen het vinkengetjup door hun ‘kep-kep’ laten horen. Goudvinken zijn dit jaar juist weinig van de partij, maar misschien komen die nog. Kneuen en sijzen, ook allebei vinkachtigen, trekken wel met duizenden door, maar lang niet met de honderdduizenden die de gewone vink haalt.

Behalve vinkachtigen, spreeuwen en graspiepers trekken er nu veel zanglijsters en veldleeuweriken door. En de herfstinvasie van koperwieken is begonnen. Iedere herfst, als de vogels vertrekken, de planten uitbloeien en de bomen kaal worden, brengen de koperwieken troost, op de poot gevolgd door kramsvogels.

(Natuurdagboek Trouw vrijdag 12 oktober ’18)

Een half miljoen vinken op één dag
DELEN