Zoemende Zandbijen

Grijze zandbij met stuifmeel.
FOTO MEINT MULDER Grijze zandbij met stuifmeel.

In de middagzon is het zandpad langs een plas opgewarmd, en de zandbijen vliegen bliksemsnel. Een meter voor me schieten ze ervandoor. Hun holletjes zijn zichtbaarder dan de zandbijen. Samen vormen de zandbijen één flitsende, zoemende bende. Grijze zandbijen zijn het. Foto’s mislukken.

Gelukkig ben ik nog niet thuis, of daar mailt Meint Mulder dat hij grijze zandbijen heeft gefotografeerd. En dus kan ik alsnog zien welke beesten ik zo massaal had ontmoet.

Grijze zandbijen zijn groot voor zandbijen. Ze hebben een lichtgrijze vacht, maar hun achterlijf is kaal en glanst zwart. Niet veel bijen hebben een kaal, zwartglanzend achterlijf. Mannetjes zijn een stuk kleiner dan vrouwtjes. Bovendien hebben ze een witte snor.

Grijze zandbijen eten stuifmeel, maar uitsluitend van wilgen. Grijze zandbijen worden op vroege lentedagen al actief, maar nu begint hun activiteit al te tanen en in mei laten ze het al gauw afweten. Dan zijn er immers geen wilgenkatjes meer. De wilgen moeten in de buurt groeien; verder dan 250 meter wagen de zandbijen zich niet van hun holen. Als de mannelijke wilgenkatjes geel zijn van het stuifmeel, pendelen de grijze zandbijen tussen de wilgen en hun holletjes in het zand. Ze graven soms wel een halve meter loodrecht de bodem in. In de diepte vertakt de tunnel zich naar enkele broedkamers. Daar worden de eitjes gelegd.

Het grijze-zandbijlarfje spint zich weldra in en verpopt zich ‘s zomers al tot volwassen zandbij. Maar dan moet zo’n bij nog tot de volgende lente op wilgenstuifmeel wachten. Jonge grijze zandbijen wachten onder de grond in hun coconnen. Maar zodra het begin maart warm wordt, zoemen ze rond.