Wespennest

Middelste wespennest, © Koos Dijksterhuis

Zoon holde de keuken in. ‘Papa een bijenkorf in een boom!’ Hij kon niet wachten zijn ontdekking te tonen. Toen we in de buurt kwamen, sloop hij steeds behoedzamer, want met bijen weet je maar nooit. ‘Daar, kijk!’ In een struik aan een achterompaadje hing een wespennest. Een stevig gebouwd wespennest van behoorlijke omvang. Het papierachtige cellulose waarvan wespen het maken doorstaat een weekend van aanhoudende regen. Erin huizen vermoedelijk meer dan honderd wespen, middelste wespen om precies te zijn. Middelste wespen zijn familie van limonadewespen en hoornaars, wespen die met hun volk in een wespennest leven.

Een wespennest heeft een zeker zo slechte naam als een slangenkuil. Wespennesten worden weg gebezemd of vergiftigd door de opgetrommelde ongediertebestrijder. Een wespensteek is ook geen pretje. Wespen zijn gek op het zweet dat uitbreekt als gevolg van hun aanwezigheid. Ze blijven om je zoemen en als je ze in paniek wegslaat steken ze. Wespen zijn gehaat en gevreesd. Op internet suggereerde iemand zelfs dat wespen bijdragen aan het uitsterven van de honingbij. Altijd handig, zo’n zondebok voor de verwoesting die de mens aanricht.

Wespen lusten niet alleen limonade en gebak, maar ook rotte appels en etensresten, ze zijn een soort vliegende mieren. Net als mieren doden ze andere insecten, vliegen bijvoorbeeld. Insecten zijn het hoofdmenu van wespen. In zoetigheid raken ze pas ver in de zomer geïnteresseerd, als toetje. Hoewel ik nu in mei de eerste wesp al om een glaasje prik zag zoemen.

Middelste wespen zijn wat kleiner, de mannetjes zijn vaak zwart met smalle gele strepen. Ze nestelen liever in struiken dan in schuurtjes. Benieuwd hoelang het duurt voor zoons ontdekking vergiftigd wordt.