Wervelende boomvalken

Boomvalk. Foto Ab van der Burg
Boomvalk. Foto Ab van der Burg

Boven de IJsseldijk wervelden twee kleine roofvogels door de lucht. Boomvalken! Elke roofvogel vind ik bijzonder om te zien, elke buizerd valt mij op. Maar een boomvalk maakt mijn dag goed. En twee nog beter!

Boomvalken zijn kleine valken met een leigrijze rug, een zwarte pegrimskap en een roodbruine broek. Ze zijn snel en wendbaar. Zo wendbaar dat ze in vlucht zwaluwen kunnen grijpen. Maar meestal jagen ze op libellen. Ook het valkenpaar boven de IJsseldijk jaagt op libellen. Een valk nadert zijn prooi schuin van boven. Er trekt een siddering door de vogel als ie met gestrekte poten de libel uit de lucht plukt. De vogel manoeuvreert de libel zo, dat ie er met zijn snavel bijkan. Dan zweeft ie even, terwijl zijn kop naar onder en naar achter buigt. Tijdens het vliegen knipt de valk met zijn snavel de libellenvleugels af. Boomvalken kennen geen medelijden, in ieder geval niet met libellen.

Er zijn in Nederland minder dan duizend broedparen van deze elegante valken. Sinds het verbod op het vernietigende landbouwgif DDT namen veel bijna uitgeroeide roofvogels in aantal toe. Zo ook de boomvalk. In de jaren ’80 zag ik ze regelmatig. Sindsdien neemt hun aantal weer af. Die afname ligt misschien aan een geslonken aanbod van libellen, wat het gevolg zou zijn van het verdrogen van heidevennen. Libellen eten kleinere insecten en insecten zijn er lang zoveel niet als dertig jaar geleden. Dat zou kunnen liggen aan moderne insecticiden, de opvolgers van DDT, die duizenden malen giftiger zijn dan dat beruchte middel. Tenslotte legt de opkomst van de havik, die eveneens een comeback maakte sinds het verbod op DDT, een claim op de boomvalkenstand. Haviken grijpen boomvalken.

(Natuurdagboek Trouw donderdag 30 juni 2016)