Vogels in de vakantietuin

Grauwe klauwier. Foto Koos Dijksterhuis
Grauwe klauwier. Foto Koos Dijksterhuis

Uw natuurdagboekanier was tweeënhalve week op vakantie in Zweden, waarvan een week op het eiland Öland. Wij huurden een eenvoudig huisje en toerden weliswaar het hele, 137 kilometer lange (zeer smalle) eiland over, maar bleven de meeste tijd in de streek rond het huisje. Daar bezochten we dankzij de zomerzon de plekjes waar je te water kon in de Oostzee. En daar stond ik bijna elke morgen hondsvroeg op voor een wandeling.

De nacht maakte er om vier uur reeds plaats voor de dageraad. De eerste morgen werd ik wakker van ongebruikelijke vogelgeluiden, zoals het gehinnik van een draaihals. Even later zag ik die merkwaardige spechtachtige in de tuin. De tuin lag op de grens van weilanden en een natuurgebied dat varieerde van droge rotsgrond met bloemen tot knoestig moerasloofbos. Het grensgebied tussen natuur en cultuur bleek zeer geschikt voor vogels. In de tuin zag ik behalve die draaihals drie grauwe klauwieren, stevig gebouwde zangvogels, die vanaf een uitkijkpost de grond inspecteerden op prooien. Ze spietsten een mestkever op een doorn, waarna ze die prooi slachtten.

Er dwarrelden keizersmantels en andere vlinders rond over het gras dat geel zag van bloeiend penningkruid, het bewijs dat de tuin op voormalige moerasgrond lag. In de bosjes zat een braamsluiper. De elektriciteitslijn was in gebruik als zitplaats voor boerenzwaluwen, die in gezelschap van huis- en gierzwaluwen jachtvluchten uitvoerden in het luchtruim boven onze tuin. Huis- en ringmussen tjilpten er op los. Op het landweggetje naar de boerderij werd op slakken, wormen, rupsen en verongelukte insecten gejaagd door zanglijsters, merels, appelvinken, geelgorzen, kwikstaarten en zowaar een witgatje. Dat is een hoogpotige watervogel met een wit achterwerk.

(Natuurdagboek Trouw donderdag 4 aug. 2016)

Vogels in de vakantietuin
DELEN