Veel kolibrievlinders

Kolibrievlinder op valeriaan. Foto Co Fabery de Jonge
Kolibrievlinder op spoorbloem (rode valeriaan). Foto Co Fabery de Jonge

Vorige week kreeg ik ineens meerdere meldingen van kolibrievlinders. Uit Zeeland, Zuid-Holland, Friesland en Groningen. Het kan toeval zijn, maar kolibrievlinders komen uit Zuid-Europa en misschien bereiken ze ons land langs de kust. Dan komen ze eerst in Zeeland en dan… In het noorden worden ze nog minder gezien dan in het zuiden des lands. Maar als ze het noorden bereiken, worden ze ook weer vaker in de kuststrook gezien dan in het binnenland. Vorig jaar zag ik er nochtans een in mijn stadstuin, hij schuimde de klimop af waaruit hier en daar de bloem van een klimroos stak. Kolibrievlinders hangen trouwens vaak rond in tuinen.

De eerste kolibrievlinder zag ik op mijn elfde, in Italië, op vakantie met mijn ouders. We dachten een kolibri te zien, maar we wisten dat die alleen in Amerika voorkwamen en dat het iets anders moest zijn. Later hoorden we over de naar de kolibri genoemde kolibrievlinder.

Net als kolibri’s snort de kolibrievlinder op de plaats rust met razendsnelle vleugelslag voor een bloem die hij of zij met een lange tong leeglebbert. Even zuigen en op naar de naburige bloem. De vleugels zijn oranje, maar dat oranje is vooral zichtbaar als ze de vleugels draaien om van de bloem weg te fladderen. Kolibrievlinders zijn nachtvlinders, in de avondschemer vallen ze een stuk minder op, maar ze vliegen net zo goed overdag, en dan zijn ze een bezienswaardigheid.

In warme zomers komen er meer kolibrievlinders naar Nederland dan in koude. Eenmaal hier, planten ze zich voort. Ze worden vaker in de nazomer gezien dan in de lente. Dat ze nu al vrij veel gemeld zijn, belooft wat!

(Natuurdagboek Trouw woensdag 24 juni 2015)