Te gras!

© Koos Dijksterhuis

Gras is meestal iets wat we maaien of betreden. Weinig ruikt lekkerder dan vers gemaaid gras en op een graspad is het prettig wandelen. Maar gras is ook mooi! Witbol in laag zonlicht, een gehelmde top der duinen, een golvend hooiland, een blauwgrasland…

Er komen zo’n honderd soorten gras voor in Nederland. Eén van de mooiste vind ik timoteegras. Wie timoteegras ziet bloeien, wil geen exotische kweekgrassen uit het tuincentrum meer in de tuin. De bloemen bereiken grote hoogten. Op borstniveau deinen de vingerlange bloeiaren op hun dunne stelen. In bloei krijgen de aren een waas van paarse meeldraden. In de avond- of ochtendzon zijn ze schitterend, vooral tegen een blauwe lucht of een donkere bosrand. Timoteegras groeit graag langs bosranden en op open plekken in loofbos. De bodem moet vruchtbaar zijn en een beetje vochtig.

In Duitsland heet Timoteegras Wiesenlieschgras, weideliesgras. Engelsen houden het bij Timothy. Het gras zou genoemd zijn naar Timothy Hanson, een Amerikaanse boer die begin achttiende eeuw het gewas uit New England naar de zuidelijke staten haalde. Waarschijnlijk was het eerder door kolonisten uit Engeland meegenomen, dus misschien is die boer wel naar het gras genoemd in plaats van andersom. Geen geiten-Peter maar timotee-Hanson.

Timoteegras bloeit de hele zomer. Het is wel gezaaid als ontginningsgewas en als weidegras. Het breidt zich snel uit en is uitstekend veevoer. Het hoge gras laat zich alleen lastig maaien en kan niet goed tegen begrazing, zodat het weinig kans krijgt in de moderne veeteelt. De biljartlakens van Engels raaigras blijven monoculturen. Maar in jonge loofbosjes, langs sloten, in bermen en op dijken zijn de lila halmen nog altijd algemeen. En verrassend mooi.